Photo by: RIKKERT HARINK
Spotlight

Reconstructie: coronacrisis op de campus

| Rense Kuipers , Jelle Posthuma

Vijf maanden geleden ging de campus op slot. Van een uitbraak ver weg in China naar een intelligente lockdown: hoe de UT in de ban raakte van het coronavirus. Een reconstructie.

Het is donderdagmiddag, 12 maart, als opleidingsdirecteur Stefan Kooij in de Waaier een publiek van honderden studiezoekers welkom heet op de campus. Tweehonderd kilometer verderop geven premier Mark Rutte, toenmalig minister Bruno Bruins en Jaap van Dissel van het RIVM een persconferentie. ‘Bijeenkomsten met meer dan honderd personen worden in heel Nederland afgelast’, zo luidt de dringende oproep vanuit Den Haag. Die woorden komen hard aan in Enschede. Onmiddellijk moeten de bezoekers van de Master Open Dag huiswaarts keren.

Achteraf stond rector Thom Palstra naar eigen zeggen met de afgelasting van de open dagen voor zijn grootste dilemma in crisistijd. Alles ging tot zover immers nog prima volgens overheidsprotocollen. Sterker nog, anderhalve maand eerder zijn een handjevol UT-studenten in China het grootste onderwerp van zorg. Maar al snel grijpt het virus verder om zich heen vanuit de Chinese stad Wuhan. Een UT-crisisteam bereidt zich sinds eind februari - zo rond de eerste Nederlandse coronabesmetting - ‘met rust en zorgvuldigheid’ voor op wat komen gaat. Nederland is op dat moment nog in sluimerstand; de omvang en het gevaar van het virus zijn nog niet doorgedrongen. Maar vanaf 12 maart is het menens.

Mouwen opstropen

Het college van bestuur besluit het UT-onderwijs een week lang stil te leggen. Een paar dagen later sluiten universiteiten en hogescholen gezamenlijk tot en met 6 april hun deuren - en dat is nog maar het begin, zo blijkt later. De UT vraagt haar medewerkers en studenten in het buitenland om terug naar huis te komen. Thuiswerken en thuis studeren wordt het ‘nieuwe normaal’. Binnen een week is de universiteit overgeschakeld naar volledig online onderwijs. We spreken elkaar voortaan via Teams, Skype, BlueJeans of Zoom, al waarschuwen experts in het laatste geval voor veiligheidsrisico’s, waarna de universiteit Zoom in de ban doet.

De UT-gemeenschap zet in de eerste weken van de crisis vooral de schouders eronder. Verschillende initiatieven schieten als paddenstoelen uit de grond. Voor corona-gerelateerd onderzoek gaan de UT-laboratoriums al snel weer open; het TechMed Centre levert 25 dozen met mondkapjes, handschoenen, beschermende pakken en ontsmettingsmiddelen aan het Medisch Spectrum Twente (MST) en later speelt het instituut een belangrijke rol bij de ontwikkeling van alternatieve beademingsapparaten, omdat een tekort dreigt door het grote aantal patiënten op de intensive cares in Nederland. Ook de studentengemeenschap maakt er in deze beginperiode het beste van. Taste organiseert een digitale cantus en de Batavierenrace gaat gewoon door, zij het in een digitale variant.

Krasjes en deuken

Het nieuwe normaal-optimisme ten spijt, waar gehakt wordt vallen spaanders. De UT kiest niet meteen voor controversiële proctoringsoftware bij het afnemen van tentamens, maar vraagt studenten een ‘integriteitsverklaring’ af te leggen. Dat – en andere antifraudeprikkels – voorkomt niet dat studenten bij de opleiding Technical Computer Science over de schreef gaan. Later zien 280 studenten hun resultaten geschrapt wegens fraude.

Meer zaken nemen een onaangename wending. Het virus blijft huishouden en dwingt Mark Rutte alle vergunningsplichtige evenementen tot 1 september te verbieden. Ergo: geen GNSK, geen zomerschool en geen duizenden kiddo’s op de campus tijdens de Kick-In. Bovendien zien de meeste studententeams hoe de evenementen waar ze aan zouden deelnemen worden gecanceld of uitgesteld. 

Lichtpuntjes

Het vernislaagje van optimisme houdt voor de ene UT’er beter stand dan voor de ander. De Kick-In commissie stort zich bijvoorbeeld op een grotendeels online alternatief, een groep medewerkers start een online talkshow en sommige studenten zien de situatie als een kans tot introspectie en ontspanning. Versoepelingen vanaf mei bieden ook weer mogelijkheden tot het heropenen van laboratoria en sportfaciliteiten. ‘On campus, als het kan. Online, omdat het kan’, wordt de nieuwe slogan vanuit de VSNU. 

Ook zijn er kleine duwtjes in de rug. Studenten krijgen dit jaar niet te maken met het bindend studieadvies (bsa) en de harde knip. Ze kunnen bovendien drie maanden langer gebruik maken van hun ov-kaart en er is coulance voor studenten van buiten de EU. Toch wordt meer en meer duidelijk wat voor tol de crisis eist. De UT’ers missen de campus, hun collega’s en studiegenoten, de interactie. Ook het online onderwijs beukt menig docent murw. ‘We doen wat we kunnen, lieve studenten, niet wat we willen’, schrijft columniste Femke Nijboer.

Kritische noten

Deze negatieve gevolgen van de coronacrisis op het hoger onderwijs blijven niet anekdotisch, maar krijgen ook cijfermatige onderbouwing. Meer eenzaamheid, meer verveling, minder contact met studiegenoten en problemen met concentratie, motivatie en structuur: het zijn de resultaten van een enquête die studievereniging Sirius afnam onder haar leden. Ook uit onderzoek van U-Today blijkt dat de helft van de studenten en een kwart van de medewerkers op de UT ‘veel last’ ervaart als gevolg van de coronacrisis. Later onderzoek van P-Nut, het promovendinetwerk van de UT, schetst een overeenkomstig of zelfs nog somberder beeld van de gevolgen voor PhD’s. 

De roep om verdere versoepelingen op de UT zwelt in juni aan, als uit de cijfers blijkt dat de eerste coronagolf is gaan liggen. Waarom mogen mensen weer naar de sportschool en naar het terras, maar niet naar hun werkplek op de universiteit? Waarom is er geen vertrouwen in de zelfredzaamheid van medewerkers? Ondanks de kritiek blijven het college van bestuur en crisisteam voorzichtig manoeuvreren. Pas in het nieuwe collegejaar, vanaf 1 september, gaat de universiteit verder versoepelen. Dan mogen medewerkers en studenten weer voor 40 procent gebruik maken van de campusfaciliteiten. Ook worden avondcolleges geïntroduceerd om de drukte in het ov te spreiden, een novum in de geschiedenis van de universiteit, zoals zoveel maatregelen in deze crisis.

Dat voorzichtigheid geboden blijft, blijkt deze zomer uit een zestal besmettingen in 'Campus053', het deel van de Hogekamp waar Camelot 450 studentenappartementen verhuurt. De zes besmette bewoners, die erachter kwamen toen ze wilden terugkeren naar hun thuisland en zich daarom lieten testen, gaan twee weken in zelfquarantaine. Uit onderzoek van de GGD blijkt dat er geen andere bewoners zijn geïnfecteerd. 

Anderhalvemeteruniversiteit

De ‘mini-uitbraak’ op de campus laat zien dat we nog lang niet van het coronavirus af zijn. Ook het oplopende aantal besmettingen in Nederland doet vrezen voor een tweede golf. Hoe gaat de UT hiermee om? De eerste aanzet lijkt het vormgeven van een anderhalvemeteruniversiteit. Hoe die er in de praktijk uit komt te zien, gaan we vanaf september meemaken. Vaststaat dat het maatwerk wordt binnen de anderhalve vierkante kilometer die de campus telt. Werkcolleges, practica en tentamens krijgen voorrang op andere onderwijsactiviteiten. 

Ook de nieuwe eerstejaars hebben een streepje voor; ze moeten immers de UT nog leren kennen. Tegelijkertijd wordt nu pijnlijk duidelijk dat de regering de teugels weer kan aantrekken, waarbij een valse start dreigt voor de nieuwe lichting studenten. Hoe vrolijk of somber de toekomstmuziek zal klinken, kunnen we alleen maar afwachten. Als er één ding is dat deze crisis aantoont, is het dat de antwoorden van vandaag morgen weer vraagtekens kunnen zijn. Collegevoorzitter Victor van der Chijs zei er begin april al het volgende over: ‘We zullen als universiteit lenigheid moeten betrachten. Het besturen van de UT was af en toe heerlijk voorspelbaar. Dat is nu volledig veranderd.’