Kick-In 2020: ‘We kijken naar wat wél kan’

| Jelle Posthuma

Geen massale feesten en bijeenkomsten, wel een online platform en kleinschalige fysieke activiteiten. Zo ziet het programma van de Kick-In er deze zomer uit. ‘Het fysieke gedeelte is nog een puzzel, maar we willen real life ontmoetingen zoveel mogelijk stimuleren.’

Photo by: Jellien Tigelaar

De coronacrisis zette een streep door het reguliere programma van de introductieweek. Hoe gaat de alternatieve Kick-In eruitzien?

Esmay Hammink (secretaris): ‘Er is de laatste weken hard gewerkt aan een nieuw programma. We moesten als commissie opnieuw beginnen, omdat alle grootschalige evenementen tot 1 september zijn gecanceld. Alle opties lagen open. We zijn tot een geheel nieuwe opzet van de introductieweek gekomen – al is deze nog niet helemaal definitief. Zeker is dat de Kick-In plaatsvindt van 19 tot en met 26 augustus en dat de bachelor- en masterstudenten hetzelfde programma krijgen voorgeschoteld.’

Sabine de Winter (voorzitter): ‘De Kick-In krijgt dit jaar een hybride vorm, waarin we online activiteiten combineren met fysieke activiteiten. De basis van het programma is online. Het is voor ons nog onzeker hoe de omstandigheden zich gaan ontwikkelen de komende maanden. Komt er een tweede golf? Of worden de maatregelen juist nog verder versoepeld? Daarom is er hard gewerkt aan een online basis, waaraan iedereen mee kan doen, in ieder mogelijk scenario. Ook online verwachten wij te voldoen aan de basisingrediënten van de Kick-In: het verstrekken van informatie en het organiseren van leuke activiteiten.’

Vertel eens iets meer over deze ‘online basis’…

Hammink: ‘Er is een applicatie gemaakt. In deze app kunnen gebruikers per dag zien wat er op het programma staat. Op dit platform worden alle activiteiten en informatie integraal aangeboden. Iedere koepel krijgt z’n eigen dagdeel. Ook zijn er continue livestreams te volgen en kunnen deelnemers een-op-een chatten met de verschillende verenigingen in Enschede, bijvoorbeeld tijdens de virtuele infomarkt, het digitale alternatief voor de openingsmarkt. In de avonduren zal er via de livestream twee keer een dj draaien. Zo kunnen de deelnemers thuis een feestje bouwen. Natuurlijk kan de livestream niet tippen aan de echte feestjes op de campus of in de stad, maar we zijn blij dat het zo kan.’

Wat is er fysiek mogelijk?

De Winter: ‘Zeker is dat er geen ontmoetingen met duizenden mensen op de campus mogelijk zijn. Daarom zetten we in op kleinschalige activiteiten. Daar zijn verschillende ideeën voor, zoals een tour over de campus of in de stad. Ook willen we kijken naar gezamenlijk eten. Denk bijvoorbeeld aan een picknick of een barbecue op de UT. Onze weidse campus is daar heel geschikt voor. Het fysieke blijft voor ons nog wel een puzzel, maar we willen zoveel mogelijk real life ontmoetingen mogelijk maken. Dat hoort bij een introductieweek.’

Hoe zit het met de doegroepen?

Hammink: ‘De doegroepen zijn misschien nog wel belangrijker dan normaal. Juist omdat er zoveel kleinschalige activiteiten gaan plaatsvinden. De doegroep-pappa’s en -mamma’s krijgen een centrale rol. Zij fungeren als het gezicht van het groepje en zullen de verhalen over het studentenleven moeten doorgeven aan de aankomende studenten. Ook dit jaar kunnen de deelnemers zelf voor een doegroep kiezen. Ondanks het aangepaste programma, hebben veel ouderejaars zich al aangemeld als doegroepouder.’

Bieden jullie de studenten dezelfde ervaring als voorgaande jaren?

De Winter: ‘We hopen natuurlijk van wel. Ik ben vooral heel benieuwd hoe het aangepaste programma gaat bevallen. Het zal niet zo zijn als voorheen, maar ook in deze opzet kunnen de deelnemers het studentenleven leren kennen. We willen vooral kijken naar wat wél kan. Dat is ons motto voor de Kick-In van dit jaar.’

Welke knopen moeten jullie de komende tijd nog doorhakken?

Hammink: ‘De basis van het programma is online, en dat deel staat. Nu gaan we ons focussen op het fysieke gedeelte. Wat is er mogelijk in augustus? Kunnen we bijvoorbeeld avondeten op de campus? Daarover zijn we druk in overleg met de dienst Campus & Facility Management (CFM). Zij hebben de kennis, wij de plannen. Ook is er op de laatste dag van het algemene programma, de zondag, nog niets gepland. Zo houden we ruimte voor een extra – indien mogelijk grotere – fysieke activiteit.’

Hoe zit het eigenlijk met de studenten die met reisbeperkingen te maken krijgen?

De Winter: ‘Voor hen biedt ons online platform de oplossing. Toch willen we studenten zoveel mogelijk stimuleren om naar de campus te komen. Fysiek contact is belangrijk, zeker in deze nieuwe levensfase, mits het allemaal volgens de coronaregels kan. Uiteindelijk is het fysieke samenzijn niet te vervangen door een videogesprek via Zoom of Skype.’