Noodrem

| Redactie

Het commentaar van U-Today. De verhuizing van de faculteit ITC staat in de ijskast. Dat is een hard gelag voor de medewerkers, die de afgelopen jaren puzzelden aan haar ideale uitvalsbasis. Het is opmerkelijk dat de plannen niet realistisch bleken, want die stammen uit de tijd dat de bouwsector weer aantrok.

Twee keer slecht nieuws voor de verbouwplannen op de UT. Het nieuwe ITC-gebouw op de campus gaat niet door, en de renovatie van de Technohal kost zo maar een miljoen extra. Dat heeft consequenties voor de bewoners van de Citadel. Die dachten tot voor kort dat ze 1 juli 2019 hun bureau leeg moesten halen. Onzekerheid is daar nu troef, net als aan de Hengelosestraat.

Als reden noemt het college van bestuur de aangetrokken bouwmarkt. Prijzen voor materialen en personeel zijn aanzienlijk duurder dan de UT had begroot in het Lange Termijn Strategisch Huisvestingsplan, luidt de uitleg. Dat is opmerkelijk. Want in 2016, toen het plan werd vastgesteld, trok de bouwsector volgens cijfers van het CBS juist stevig aan. Daar was op te anticiperen.

De UT koos in dat jaar voor de duurste huisvestingsstrategie. Het CvB had tot 2021 al 4,1 miljoen meer nodig dan het maximale budget. Volgens collegevicevoorzitter Mirjam Bult zat er ruimte in de begroting. De benodigde investering was ‘een ruime en voorzichtige schatting’. En er lag een opdracht om in de aanbesteding geld te winnen. Die opdracht blijkt, zeker met terugwerkende kracht, niet haalbaar in een tijd waarin het economische herstel doorzet. Een jaar geleden dienden zich de eerste scheuren al aan: het budget werd met 30 miljoen verhoogd, en de planning twee jaar uitgesmeerd.  

De UT zet, net als veel andere universiteiten, hoog in met haar huisvestingsstrategie. Dat is ook niet gek. Uit onderzoek van de Vereniging van Nederlandse Universiteiten (VSNU) blijkt dat eerstejaars kiezen voor een universiteit op basis van sfeer. En wil je (internationale) studenten trekken, dan moet de campus er natuurlijk picobello uitzien. Geen tochtige lokalen en afbladderend verf, maar the international classroom of the future.

Dat is niet anders dan een aantrekkelijke catering, die op de eerste plaats de inkomende internationals een zachte culinaire landing moet geven in Enschede. Donald Ingber, directeur van het wereldvermaarde Wyss-instituut, zag na een rondleiding het DesignLab in eenzelfde wervingslicht: ‘Het lijkt me een opwindende plek voor studenten, maar ik zie geen integratie van de fundamentele wetenschap en engineering met de samenleving.’

Er is nog een andere prikkel voor de universiteit om te beleggen in stenen. Die ligt in de matching. Subsidieverstrekkers vergoeden maar een deel van een onderzoeksproject, de universiteit moet een ander deel bijleggen. Dat kan door geld of de inzet van onderzoekers, maar ook door het beschikbaar stellen van gebouwen en laboratoria. ‘Dat is een heel logische manier van matching’, zei minister Van Engelshoven in juni tijdens in de Tweede Kamer.

Wat de huisvestingsmotieven van de UT ook zijn, het fundament van het strategisch huisvestingsplan blijkt te broos om het belangrijk(st)e doel – ITC naar de campus – te verwezenlijken. Gelukkig werd een noodrem ingebouwd, door het plan niet in beton te gieten. Die noodrem werd deze maand getrokken. Dat is een hard gelag voor ITC, dat de afgelopen jaren puzzelde aan haar ideale uitvalsbasis.

In die puzzel zitten flink wat uren en kosten voor bijvoorbeeld een architectenbureau. Maar vooral zit er de hoop, weerstand en verwachting van ITC’ers in, die al acht jaar horen over een aanstaande verhuizing naar de campus. Hun gemaakte plannen spatten uiteen, en het is nog maar de vraag of zij een plek krijgen aan het O&O-plein. Zij zitten weer in onzekerheid, net als de bewoners van de Citadel.