De deugd en de zonde

| Redactie

Het commentaar van U-Today. De UT profileert zich graag met ambitieuze plannen en schroomt niet om zich in het buitenland te positioneren als 'meest internationale universiteit van Nederland'. Maar laten we vooral niet vergeten dat bescheidenheid en nuchterheid op de eerste plaats een deugd zijn, en geen zonde.

Kent u die mop van enorme onderzoekscampus met meer dan tweeduizend banen voor hoogopgeleid personeel? Juist, die komt er niet. De UT profileerde zich volop met de plannen van het bedrijf Lithium Werks en haar bestuursvoorzitter Kees Koolen. Voor de persconferentie werd een zaal in de Gallery vrijgemaakt en Koolen, een UT-alumnus en voorheen CEO van UT-spin-off Booking.com kreeg alle ruimte voor zijn verhaal: ‘Voor de eerste tien à twintig jaar zien wij volop fundamentele uitdagingen waarbij de universiteit ons kan helpen.’

De rode UT-loper werd uitgerold voor Koolen. In de woorden van hoogleraar Guus Rijnders: ‘Wij kunnen Lithium Werks ondersteunen vanuit tal van disciplines’. Toen de onderzoekscampus klapte, draaide het narratief. ‘Het kan maar zo zijn dat dit op de langere termijn positief is’, aldus collegevoorzitter Victor van der Chijs. Immers, Koolen is een echte Twent, met een sterke band met de regio. En Rijnders leek ook nauwelijks teleurgesteld. ‘Voor de UT is het een relatief kleine klap’. Hij ontpopte zich als ras-optimist: ‘Ik zie de voordelen wel, als Koolen zich niet meer richt op het wereldtoneel.’

Het heeft wat potsierlijks, die marketingmachine achter al die grote en kleine UT-plannen. Voor Bas Lansdorp, nog een alumnus, werd het beste servies uit de kast gehaald toen hij aankondigde een groepje mensen met een enkeltje naar Mars te willen sturen. Want wat vond de UT het aanvankelijk een mooi en ambitieus project, waar ze graag haar naam aan verbond. Dat die samenwerking nergens op uitliep, daar werd geen persbericht aan gewijd. Of neem de voorgenomen verkoop van de High Tech Factory. Ook daar draaide het verhaal. Was het in eerste instantie ‘marktrijp’, iets later bleek daar een miljoeneninvestering en ‘herstructurering’ van de schulden voor nodig.

De UT mag zich graag op de borst kloppen en schroomt niet om haar naam te verbinden aan (over)ambitieuze plannen. Dat doet ze bijvoorbeeld met het hoge aantal spin-offs. Die heeft de UT als ‘meest ondernemende universiteit’, zeker, maar wie beter kijkt ziet dat die lijst arbitrair is. Iedere alumnus die (ver) na de studie een bedrijf begint, mag zich warmen aan de UT-gloed. Icoon spin-offs als Thuisbezorgd en Booking zijn immens succesvol, maar om nu direct te spreken over een relatie tot UT onderzoek of onderwijs, dat voert toch echt te ver.

Bij tijd en wijle lijkt de UT op een pauw, die haar mooiste veren uitzet als daar de kans voor is. In het buitenland bijvoorbeeld werft de universiteit studenten onder het mom: 'The most welcoming university’. Eenmaal hier blijken flink wat internationals een andere realiteit te beleven. Ze voelen zich buitengesloten en geïsoleerd.

Hoe haaks staat de UT-marketing op de bescheiden inborst van het nuchtere en bescheiden Twente. ‘Eerst zien, dan geloven’, ‘doe maar normaal…’, zó kennen we de tukker. En juist die kenmerken worden steevast bekritiseerd. Als de UT mee wil in de vaart er volkeren, dan moet het succes uitstralen, zo is de gedachte. Maar laten we vooral niet vergeten dat bescheidenheid en nuchterheid op de eerste plaats een deugd zijn, en geen zonde.