Psychische en sociale problemen bij internationale bachelors

| Rik Visschedijk

Eén op de drie niet-Europese nieuwe bachelors had vorig collegejaar studieproblemen vanwege psychische, medische of sociale omstandigheden. Zij klopten aan bij de UT voor uitstel van bindend studieadvies of voor een uitkering in de FOBOS-regeling. De UT-commissie persoonlijke omstandigheden (CPO) rapporteerde de cijfers onlangs aan de universitaire commissie onderwijs.

International bachelors: psychological and social problems 

One in three non-European bachelors had study problems in the previous academic year due to psychological, medical or social circumstances. They approached the UT for postponing binding study advice or for a benefit in the FOBOS scheme. The UT committee personal circumstances recently reported the figures to the university education committee.

De CPO adviseert opleiding over erkenning van deze ‘bijzonder omstandigheden’ en beslist of studenten een uitkering krijgen. Het hoge aantal bijzondere omstandigheden bij niet-Europese studenten, 33 procent op het totaal, noemt de commissie ‘zeer zorgwekkend’ en ‘onacceptabel’ in haar rapport over studiejaar 2017/18. Bij Europese en Nederlandse studenten ligt het percentage op zo’n acht procent.

‘In actie komen’

Gepensioneerd oud-decaan Ton Mouthaan, voorzitter van de commissie, zegt dat de UT iets moet doen aan deze alarmerende cijfers. ‘Als in een bedrijf een derde van de mensen ziek is, dan moet je in actie komen. Dat is hier niet anders. Deze studenten hebben erkende problemen: ze zijn bij een dokter of psycholoog geweest.’

Hoog ziektepercentage onder studenten

Het totaal aantal bachelors met erkende, bijzondere omstandigheden groeide afgelopen collegejaar naar 11,4 procent, waar dat twee jaar geleden nog zeven procent was. De helft van de bijzondere omstandigheden bestaat uit psychische klachten. ‘Een betrekkelijk hoog ziektepercentage’, staat in het rapport.

De niet-Europese studenten ondervinden veel vaker dan Europese studenten psychische en sociale problemen. Drie tot vier keer zoveel psychische klachten en een ‘werkelijk alarmerend groot percentage sociale problemen’, aldus CPO.

De sociale problemen zijn bijna altijd een optelsom, zegt Mouthaan. ‘Heimwee, problemen met huisvesting, een opleiding die anders is dan gedacht. Die studenten hebben het heel moeilijk. En dan zijn ze vaak ook nog slecht verzekerd, zodat ze geen aanspraak maken op medische of psychische hulp. Die dossiers komen bij onze commissie terecht en daar komt een ernstig beeld uit naar voren.’

De commissie roept op om deze studenten ‘veel beter voor te bereiden en individueel te begeleiden’. Voor deze groep studenten, waar gebrek aan studiesucces grote gevolgen heeft, dient de universiteit verantwoordelijkheid te nemen, stelt de commissie. ‘In de bestuurlijke organisatie dient er structureel meer aandacht en verantwoordelijkheid voor studentenbegeleiding en welzijn te zijn.’

Fobos

De regeling Financiële Ondersteuning Bijzondere Omstandigheden Studenten (FOBOS) zorgt voor activisme- en topsportbeurzen, maar ook voor tegemoetkomingen voor onvoorziene studievertraging. In collegejaar 2017/18 waren er 75 aanvragen voor studievertraging, waarvan 84 procent werd toegewezen voor een totaalbedrag van 53 duizend euro. Het collegejaar ervoor waren er 42 verzoeken en werd 88 procent toegewezen.

Jaarlijks dertig EC halen

Studieproblemen komen niet alleen voor bij de eerstejaars niet-Europese studenten. Zowel de bachelor- als masterstudenten hebben een visum nodig om aan de UT te studeren en moeten jaarlijks 30 EC halen. Lukt dat niet en hebben ze erkende medische, sociale of psychische omstandigheden, dan kan het studievisum worden verlengd. Afgelopen collegejaar verdubbelde het aantal aanvragen bij CPO naar 28. Drie aanvragen werden niet erkend.

CPO schrijft dat de problematiek bij deze studenten niet anders is dan het jaar ervoor. ‘Buitenlandse studenten komen soms in erg stressvolle situaties, waarbij verwachtingen van henzelf en hun familie niet overeenkomen met de realiteit in een land ver van huis.’ De UT hoort pas laat over deze problemen, bijvoorbeeld vanwege schaamte, aldus het rapport over 2016/17.

Ethisch dilemma

Het is een moeilijk ethisch dilemma, stelde de commissie toen. Een universiteit moet een internationaal speelveld zijn, maar ook goed omgaan met ingewikkelde medische, sociale en culturele problemen als consequentie daarvan. Thuis is ver weg en de universiteit moet op de één of andere manier die leegte vullen en studenten niet laten bungelen. De aanbeveling toen: ‘Er is doelgerichte zorg nodig en goede informatie voor inkomende studenten.’

Die aanbeveling is na een jaar niet veranderd. Mouthaan: ‘Jongvolwassenen van 18 of 19 jaar komen aan de UT studeren. Vaak maakt de familie opofferingen om dat mogelijk te maken. Er rust dus een hypotheek op het studiesucces. Als het tegenzit, dan heeft de student een groot probleem. Daarom roepen wij op om een goed zorgsysteem in te richten. De groep niet-Europese studenten groeit hard. Als je niets aan deze problematiek doet, dan krijg je dat dubbel zo hard terug.’