OER scheidt CvB en Uraad

| Rik Visschedijk

Op de UT geldt komend collegejaar precies dezelfde Onderwijs- en Examenregeling (OER) als dit jaar. Deze patstelling, die eigenlijk niemand wil omdat de dit jaar de aangepaste OER tekstueel beter is, ontstond maandagmiddag in de Uraad.

Photo by: Gijs van Ouwerkerk

Het agendapunt OER kwam moeizaam op gang. Het kon door het tijdstip komen: 16.30 uur. Maar de warme saucijzenbroodjes ten spijt, aanvankelijk stond geen van de raadsleden te popelen om de argumenten voor of tegen de aangepaste OER te berde te brengen. ‘Ik weet niet zo goed wat te zeggen, ik denk dat we in herhaling vallen’, zei Julia Brevoord (DAS).

Eind maart stond de OER ook al op de agenda, maar kon de Uraad niets besluiten omdat er te weinig raadsleden waren voor een geldige stemming. Toen tekende het verschil van inzicht zich al af: de Uraad wil af van het alles-of-niets principe van 15 EC voor een onderwijsmodule, het CvB wil hier niet aan. Jörgen Svensson (PvdUT): ‘Ik bespeur vermoeidheid bij het CvB. Dat zegt, laten we dit probleem goed aanpakken, door in het najaar te evalueren. Maar ik zie ook vermoeidheid bij de fracties. Wij geven al sinds 2013 aan dat er problemen zijn met de ondeelbaarheid van modules en dat we daar vanaf willen.’

Kwaliteitsafspraken

Rector Thom Palstra zei zich niet te kunnen vinden in het beeld dat het CvB de problemen met de OER niet grondig aanpakt. Immers, na het advies van Ton Mouthaan, is een verbeterde OER opgesteld. ‘Dat proces is snel en grondig doorlopen’, zei hij. ‘Volgende week trappen we de discussie rondom de kwaliteitsafspraken af. Ik heb toegezegd dat we daarin de goede en slechte onderdelen van het Twents Onderwijsmodel evalueren. Ik vind het geen goed idee om nu de discussie over de 15 EC-norm voor altijd te beslechten.’

De Uraad deed eerder al een schriftelijk compromisvoorstel: stel deze OER, met de tekstuele verbeteringen, voor maximaal één jaar vast en begin een pilot bij een opleiding die de ruimte krijgt om studiepunten toe te kennen voor onderdelen die niet samenhangen in de module. ‘Een beperkt houdbare OER vind ik een slecht idee’, reageerde Palstra. ‘Deze centrale richtlijn is met een reden opgesteld, namelijk om de druk bij de opleidingen op de ketel te houden. We willen dat ze samenhangend onderwijs aanbieden.’ Een pilot ziet de rector ook niet zitten: ‘Met de huidige OER zitten we al in een grote pilot. Dat moeten we niet nog ingewikkelder maken.’

Zeven evaluaties                                              

De uitleg vanuit het CvB was voor de fracties onvoldoende. Svensson telde hardop zo’n zeven momenten waarop het TOM-model sinds 2013 is geëvalueerd. ‘En iedere keer zeggen wij, als democratisch gekozen medezeggenschap: we willen het anders. Wij kunnen het niet verkroppen dat ATLAS- en exchangestudenten EC’s krijgen voor een onderdeel, en reguliere studenten die EC’s alleen kunnen halen in de hele module.’ Simon Kloet (DAS): ‘Wij vinden ondeelbare modules gewoon niet het juiste middel om samenhangend onderwijs te waarborgen.’

De rector was het niet eens met de opmerking van Kloet. Zijn angst is een verbrokkeling van het onderwijs, en daarmee een terugkeer naar de tijd voor het TOM-model. ‘Dat willen we niet. We hebben TOM met een reden ingevoerd en dat is omdat het studiesucces beneden de maat was’, zei hij. Het centraal opleggen van de richtlijn is volgens Palstra nodig. Want laat de UT dat los, dan dreigt verbrokkeling. De opleidingen hebben volgens de rector die stok achter de deur nodig.

Dilemma

Na een korte schorsing volgde de stemming: twaalf raadsleden stemden tegen, drie blanco. Voorzitter Herbert Wormeester (Campus Coalitie) gaf gelegenheid om een stemverklaring af te geven. Sanne Berms (DAS) zei: ‘Vorig jaar hebben we pleisters geplakt, maar het paardenmiddel van de ondeelbaarheid is er nog steeds.’ Wormeester lichtte zijn blanco-stem en dilemma ook toe: ‘Ik had nooit verwacht blanco te stemmen, maar doe het nu. Ik ben het met veel van de tegenargumenten eens, maar zie ook een OER die tekstueel beter is dan vorig jaar.’