Uraad akkoord met herziening OER

| Rik Visschedijk

De Uraad stemde woensdagmorgen in met de herziening van de Onderwijs- en Examenregeling (OER). Daarmee bestaat een onderwijsmodule komend studiejaar uit een geïntegreerd deel en toetsen die ook buiten de module houdbaar zijn.

De herziening van de OER werd met elf ja-stemmen aangenomen. Daarmee komt een eind aan een lang proces, waarbij de spanning tussen het college van bestuur en de Uraad hoog opliep. Vier Uraad-leden stemden blanco, Gert Brinkman en Dick Meijer (beide PvdUT) stemden tegen. ‘De vorige OER rammelt niet half zo hard als de deze’, aldus de stemverklaring van Brinkman. Daarmee verwijst hij naar zijn eerdere betoog: 'Een OER moet helder en eenduidig zijn, omdat het de regels bevat waar we ons allemaal aan moeten houden.'

Formuleringen

Zonder slag of stoot ging het instemmen dus niet. De URaad heeft een probleem met de formuleringen in de nieuwe OER. ‘Buiten kijf staat dat we een mooi proces doorliepen met goede intenties’, blikt Jörgen Svensson (PvdUT) terug. ‘Maar de tekst zoals die nu voorligt is zó onduidelijk. De belofte wordt gedaan dat die verduidelijking in het opleidingsspecifieke deel komt, maar ik twijfel of we deze centrale richtlijn de faculteiten moeten insturen.’

De andere partijen in de Uraad delen die kritische blik, maar zien verbetering. Wouter Rietveld (UReka) zegt: ‘Voor studenten is dit een grote positieve verandering die zorgen wegneemt.’ Ook DAS is bij monde van Harm Dijkstra milder gestemd: ‘Ik ben het niet eens met Gert Brinkman, deze OER is een aanzienlijke stap vooruit. Wat ons betreft moeten we het proberen met deze versie en volgend jaar een verbeterslag maken.’ Anton Stoorvogel (CampusCoalitie) roept op om vroeg met die verbeterslag te beginnen. ‘Stuur in het najaar de tekst naar iemand toe die eenduidigheid aanbrengt, zodat we daarna snel kunnen discussiëren over de wijzigingen.’

Rector Thom Palstra geeft aan dat de huidige vorm van de OER ‘niet de schoonheidsprijs verdient’. ‘Maar we hebben gehoor gegeven aan de wensen van de studenten en het advies van verkenner Ton Mouthaan’, zegt hij. ‘Opleidingen geven aan wat de kern van de module is en welke toetsen erbuiten vallen. De opleidingscommissies krijgen daar medezeggenschap in. Die instructie is inmiddels naar de decanen en ik hoor tot dusverre terug dat het zo zal plaatsvinden.’

Bindend studieadvies

De vergadering werd een half uur geschorst vanwege de OER-tekst in relatie tot het bindend studieadvies (BSA). De bedoeling is dat toetsen die ‘onbeperkt’ houdbaar zijn, meegeteld mogen worden voor de BSA, ook al is de module niet gehaald. Wouter Rietveld (UReka) constateert dat sommige opleidingen toetsen een geldigheid van één of twee jaar geven. ‘Dat geeft onduidelijkheid of je die vakken mag meetellen’, zegt hij.

Thom Palstra noemt die onduidelijkheid ‘niet wenselijk’. ‘Er zouden inderdaad niet meer dan twee smaken mogen zijn’, zegt hij. ‘Toetsen zijn beperkt geldig of onbeperkt.’ Na de schorsing wordt dit probleem ondervangen door alle toetsresultaten die langer dan een jaar geldig zijn te laten meetellen voor de BSA.

Geweer

Met deze aanpassing is de herziening van de OER definitief. Jörgen Svensson roept tot besluit nog op om af te spreken dat deze tekst alleen komend academisch jaar geldig is: ‘Laten we direct na de zomervakantie beginnen met het redigeren van de OER’. Dit tot ongenoegen van de rector: ‘Ik heb in het hele proces mijn goede intenties getoond’, zegt Palstra. ‘Ik hou er niet van om dit soort processen met een geweer op het hoofd te leiden. De gevraagde toezegging om deze tekst vooraf aan te merken als één jaar geldig is onverstandig. Daarbij mogen we ook trots zijn op het gedane werk.’