In 2025 droomde decaan Boudewijn Haverkort hardop van de oprichting van een nieuwe AI-studie binnen faculteit EEMCS. Hoewel er daarna een verkenning plaatsvond, ziet de faculteit daarvan af. Volgens Schaafstal speelt mee dat andere universiteiten al vergelijkbare opleidingen aanbieden. ‘Daardoor lopen we achter de feiten aan.’
De ontwikkeling van een nieuwe master kost volgens haar veel tijd. ‘Je bent al snel twee à drie jaar bezig met het bepalen van de inhoud en de inbedding binnen de faculteit’, zegt Schaafstal. Volgens haar neemt de belangstelling voor AI-masters inmiddels bij andere universiteiten af. ‘Dat is voor ons een reden om het niet meer te doen.’
Opleiding met sterk AI-profiel
De faculteit richt zich daarom op AI-tracks binnen bestaande masteropleidingen, waaronder Interaction Technology en Applied Mathematics. Hiervoor zijn al AI-vakken ontwikkeld die studenten meer verdieping bieden. Op termijn wil EEMCS ook AI-vakken toevoegen aan de opleidingen Computer Science en Business Information Technology.
Volgens Schaafstal zorgen de tracks voor vernieuwing binnen de opleidingen. Vooral Applied Mathematics moet daarmee een nieuwe doelgroep aanspreken. Om de mogelijkheden zichtbaar te maken, organiseert de afdeling Marketing & Communicatie themasessies tijdens de open dagen en laat zij zien hoe alumni AI toepassen in hun werk.
Een belangrijk aandachtspunt is volgens haar de profilering van deze AI-routes. ‘We moeten ze beter in de markt zetten en zichtbaarder maken. We willen dat afgestudeerden kunnen zeggen: ik heb op de UT een sterk AI-profiel opgebouwd.’
Nieuwe kansen
Schaafstal ziet goede baankansen voor studenten met zo’n profiel. Deze groep kan volgens haar aan de slag met automatisering, digitalisering, geavanceerde algoritmen en toepassingen zoals chatbots, waarbij de interactie tussen mens en systeem steeds belangrijker wordt.
Volgens haar ligt er ook een bredere kans voor de universiteit. ‘We moeten uitdragen dat studenten hier alles leren over de rol van AI binnen hun vakgebied. Verantwoord gebruik, maar ook inzicht in de beperkingen van de technologie en de situaties waarin AI minder goed werkt.’