De raad baseert zich op een recent grootschalig onderzoek naar de effectiviteit van het bindend studieadvies (bsa). Daaruit kwam naar voren dat het bsa voor zowel instelling als student ‘aanzienlijke nadelen’ heeft.
‘Verstrekkende gevolgen’
Dat terwijl het bsa wel veel voeten in de aarde heeft, schrijft de Uraad. ‘Zo’n 20 procent van de eerstejaars wordt uitgesloten via het bsa. Dit roept belangrijke vragen op over de proportionaliteit van een systeem dat zulke verstrekkende gevolgen heeft voor een substantieel deel van de studenten, in een vroege en vormende fase van hun academische loopbaan.’
Daarom wijst de raad in haar brief op de zorgen over de bijdrage van het bsa aan stress en werkdruk. Die druk zou ook niet helpen om studenten warm te laten lopen om iets na hun studie te doen, zo legde Lukas Binnekamp van studentenpartij DAS woensdagochtend uit tijdens de plenaire vergadering. Ook wees hij op de ‘institutionele impact’ van het bsa en de druk die het instrument legt op docenten en opleidingsmanagement.
‘Niet langer vanzelfsprekend’
De conclusie: ‘Alles overziend wijzen deze bevindingen erop dat het bsa in zijn huidige vorm mogelijk niet langer een proportioneel en effectief beleidsinstrument is. Als het bsa niet langer aantoonbaar de beoogde voordelen oplevert, terwijl de negatieve effecten op het welzijn van studenten steeds duidelijker worden, kan het huidige systeem niet langer als vanzelfsprekend worden beschouwd.’
De Uraad vraagt daarom het CvB om leiderschap te tonen in de discussie rondom het bindend studieadvies. Rector Tom Veldkamp liet vorige week al aan U-Today weten dat het onderwerp onder de loep genomen wordt. Die boodschap om het bsa te evalueren herhaalde hij richting de raad. ‘Een beslissing nemen gaat niet over één nacht ijs, maar het staat op de agenda. Vanmiddag al trouwens, dan heb ik een gesprek met de decanen.’