Hoe spelen verenigingen in op internationalisering?

| Mart Rozema

Verenigingsbestuurders discussieerden donderdagmiddag tijdens het Student Union Forum in Zilverling over hoe de UT en de verenigingen om moeten gaan met internationalisering. Wie moet zich aanpassen: de internationale student of de vereniging?

Het debat maakte deel uit van de Go Global-campagne van de Student Union om internationalisering onder de aandacht te brengen. ‘Veel internationale studenten zijn niet actief binnen de vereniging’, legt Student Union-voorzitter Jerom van Geffen uit. Volgens hem zou dat anders kunnen en moeten.

De studenten gingen in debat met elkaar en met Sander Lotze (hoofd internationalisering) en Katja Hunfeld (TaalCoördinatiePunt). Vrijwel iedereen was het erover eens dat verenigingen moeten inspelen op internationalisering. Verenigingen verschilden echter in de visie hoe dit aan te pakken. Zijn internationale studenten een meerwaarde voor een vereniging? Zeker, stelt de één. Zij kunnen op hun beurt namelijk weer andere internationale leden aantrekken. Maar de ander ziet het voordeel niet van een internationale student.

Wie moet zich aanpassen?

Meningsverschillen waren er vooral over de vraag wie zich moet aanpassen: de vereniging of de internationale student. Aan de ene kant leeft de angst dat het karakter van een vereniging te veel verandert. Voor studievereniging ConcepT (civiele techniek) is het vanwege het lage aantal internationale studenten niet efficiënt om je aan te passen, legt een bestuurder uit.

Ook bij studievereniging Daedalus (industrieel ontwerpen) leeft het onderwerp internationalisering nauwelijks. ‘We hebben hoogstens een paar Duitsers’, vertelt Daedalus-bestuurder Simon Huijink.

Aan de andere kant staan studieverenigingen Stress (bedrijfskunde) en Sirius (bestuurskunde) die verregaande maatregelen nemen om over te gaan op Engels. ‘Wij zijn zelfs al gestopt met Nederlands’, vertelt een bestuurder van Stress.

Cultuurverschillen

Tijdens de discussies hamert Lotze meermaals op de moeilijkheden die cultuurverschillen met zich meebrengen. ‘In Azië moet je iemand eerst vier keer aanspreken om een goed gesprek te beginnen. Eerder word je niet serieus genomen’.

Stress-voorzitter Rick Veldhuis illustreert het op zijn eigen manier. ‘Als we een borrel organiseren, denkt een Nederlander: leuk, er is een bar open, daar ga ik heen! Een buitenlander zal hier echter snel van afzien als hij niet specifiek is uitgenodigd.’

Ideeën

Uit de discussie kwamen verschillende ideeën naar voren. Taste opperde om fanatieker in te zetten op de Kick-in, en internationale studenten mogelijk zelfs te verplichten mee te doen met de introductie.

Maar ook na de Kick-in moeten internationale studenten meer aandacht krijgen. Verenigingen moeten in de volle breedte voor internationalisering gaan, klonk het. Zo zouden ze internationale studenten meer individueel kunnen aanspreken en bijvoorbeeld inschrijfformulieren ook in het Engels aan moeten bieden. Ook opleidingen kunnen hun steentje bijdragen, vond men, bijvoorbeeld door bij de indeling van projectgroepen internationale studenten meer te spreiden.