Studenten pikken UT-beleid niet langer: ‘Het is tijd voor actie’

| Jelle Posthuma

Ongebreidelde groei, ‘schijnmedezeggenschap’ en torenhoge studiedruk. Volgens de leden van de onlangs opgerichte Protest Action Group (PAG) heerst er onder UT-studenten diepe onvrede over het beleid van de universiteit. ‘Wat gebeurt er als we het studentenactivisme eens een tijdje zouden stilleggen?’

Photo by: Frans Nikkels
Studenten Jelle van den Wijngaard (links) en Niels de Groot van de Protest Action Group.

De mogelijke afschaffing van het coöptatierecht, waarmee campusbewoners hun eigen huisgenoten kunnen kiezen, was voor een groep UT-studenten de druppel die de emmer deed overlopen. ‘Het is de zoveelste keer dat we als studenten worden genaaid’, zegt Niels de Groot. Hij studeert Business Information Technology aan de UT. ‘Daarom willen we gaan protesteren.’ Een WhatsAppgroep en twee inspraakavonden later en de Protest Action Group (PAG) was een feit.

PAG (‘een werktitel’) bestaat uit zo’n 95 aan de UT studerende actievoerders. De groep richt zich niet alleen op coöptatie, vertelt initiatiefnemer De Groot. ‘Maar voor ons is coöptatie wel een urgent thema. Het is duidelijk dat de UT er zo snel mogelijk van af wil. Binnenkort vertrekken twee CvB-leden. Voor ons voelt het alsof ze het aangrijpen als een laatste prestigeproject. Maar het afschaffen van het coöptatierecht is heel ingrijpend. De universiteit bemoeit zich met onze eigen leefomgeving.’

‘Schijnmedezeggenschap’

Aan de hand van twee inspraakavonden stelde PAG drie kernpunten op: meer transparantie en democratie, een beperking van de groei en het aanpakken van de studiedruk. Volgens de studenten is de Uraad, het huidige medezeggenschapsorgaan op de UT, niet opgewassen tegen de ervaren bestuurders in het college van bestuur. ‘Het is schijnmedezeggenschap’, stelt mede-initiatiefnemer Jelle van den Wijngaard, bachelorstudent Computer Science. ‘Het college kent de dikke dossiers als zijn broekzak, terwijl de studenten in de Uraad een week van tevoren een stapel met vijftig A4’tjes krijgen om door te ploegen.’

'De intentie om almaar te blijven groeien is naïef'

‘Zoals bekend hebben studenten naast het werk voor de Uraad ook nog een studie’, vervolgt Van den Wijngaard. ‘Deze disbalans in dossierkennis en bestuurservaring maakt het vrijwel onmogelijk om serieus over belangrijke onderwerpen te discussiëren.’ Van den Wijngaard baseert zijn betoog onder meer op gesprekken met oud-bestuurders en Uraadsleden tijdens de inspraakavonden. ‘Ik ga geen namen noemen, maar er waren oud-SU-leden, oud-verenigingsbestuurders, mensen uit de Sportkoepel en Uraadsleden. Zij zitten of zaten allemaal dicht bij het bestuur van de UT.’

Groeistuipen

Volgens Van den Wijngaard voeren veel van de problemen terug op de ‘bizarre groei’ in studentenaantallen op de UT. ‘We merken het zelf: de kwaliteit van het onderwijs gaat omlaag. Ook de faciliteiten voor studenten staan onder druk door de enorme groei. Huisvesting is daar een voorbeeld van. Met het afschaffen van het coöptatierecht plakt het CvB pleisters: het wordt voor internationals makkelijker om een campushuis te vinden, maar het echte probleem – het tekort aan studentenwoningen – los je er niet mee op. Het is pure symptoombestrijding.’

De actievoerders vinden dat de UT is gegijzeld door het financieringsmodel van het hoger onderwijs. ‘De universiteit krijgt geld per student’, weet De Groot. ‘Maar meer studenten – en dus meer geld – leidt helemaal niet tot beter onderwijs.’ Van den Wijngaard illustreert het met een voorbeeld. ‘Tijdens mijn eerste jaar waren er 62 andere eerstejaars. Vorig studiejaar waren er bijna driehonderd eerstejaars bij Computer Science. Met zo’n gigantische groei is het onmogelijk om de kwaliteit van het onderwijs op peil te houden, zelfs niet met extra geld.’

Waarom trekt de universiteit niet aan de bel bij het ministerie over dit financieringsmodel? Waarom zijn er niet meer numeri fixi? De studenten vragen het zich af. ‘De intentie om almaar te blijven groeien is naïef’, zegt De Groot. ‘Je kunt ook naar het ministerie stappen en zeggen: we kunnen niet verder groeien. Maar het gevoel van urgentie lijkt totaal te ontbreken bij het CvB.’

Gehaast

De groei is voor een belangrijk deel te verklaren door het toegenomen aantal internationale studenten. Naar eigen zeggen wil de UT een international classroom waar studenten als global citizens in aanraking komen met verschillende culturen. Daar zijn ook De Groot en Van den Wijngaard voorstanders van. Maar volgens de twee studenten gaat de internationalisering op dit moment te gehaast en is er niet goed nagedacht over de nadelige effecten.

'Studentenactivisme wordt door het UT-beleid onmogelijk gemaakt'

Van den Wijngaard: ‘De internationalisering schiet zijn doel voorbij. Universiteiten strijden onderling om zoveel mogelijk studenten, oftewel om zoveel mogelijk geld. De toelatingseisen voor internationale studenten zijn laag en sommige docenten beheersen het Engels – de nieuwe voertaal – nog steeds onvoldoende. Dit komt de kwaliteit van het onderwijs op de UT niet ten goede.’

Studiedruk

Ook de twee studenten weten: vrijwel alle problemen zijn niet UT-specifiek. ‘Dat maakt het ook zo ingewikkeld’, zegt Van den Wijngaard. Zo is het derde kernprobleem van PAG, de toenemende studiedruk, veeleer een landelijk probleem, dat samenhangt met het afschaffen van de basisbeurs en de introductie van het bindend studieadvies (BSA). Maar het Twents Onderwijsmodel – wél specifiek voor de UT – heeft volgens de studenten niet bijgedragen aan het verlagen van de studiedruk. Integendeel zelfs.

De hoge studiedruk laat weinig ruimte voor activisme en het echte studentenleven, zeggen de actievoerders. ‘Terwijl de UT zich profileert als de meest ondernemende universiteit’, weet De Groot. ‘Maar je kunt niet prijken met studentenactivisme, als het studentenactivisme door je eigen beleid onmogelijk wordt gemaakt.’ Van den Wijngaard: ‘Nu zijn er altijd nog wel een paar ouwe lullen om de klusjes op te knappen, maar dat houdt een keer op.’

Actie

Hoe hun acties er in de toekomst uit gaan zien, weten de studenten nog niet. Eerst willen ze in werkgroepen met de thema’s aan de slag. ‘Zodat we met goede argumenten naar het CvB stappen’, zegt van den Wijngaard. ‘Zeker met corona is het nog onduidelijk wat we kunnen doen. Misschien overhandigen we wel een manifest of een brief.’ Volgens De Groot wordt het niet direct een 'disruptive’ protest. ‘Maar we hebben wel eens half grappend gezegd: wat als we al het studentenactivisme een tijdje stilleggen? Geen Kick-In, geen Open Dagen en geen verenigingsleven. Dat heeft een enorm effect. Dan zal blijken hoe waardevol studenten zijn.’

Hoe reageert de UT?

Het CvB was nog niet bekend met de actiegroep, zegt collegevoorzitter Victor van der Chijs, die het artikel ter inzage kreeg. ‘Ik denk dat we daarom binnenkort maar eens een kop koffie moeten drinken. De studenten willen actievoeren en gaan er met gestrekt been in. Dat vind ik eerlijk gezegd een vreemde volgorde. Laten we eerst eens praten.’

‘De uitspraken van de studenten hebben ons nogal verbaasd’, vervolgt Van der Chijs. ‘Als CvB-leden willen we weten wat studenten vinden en wat hun zorgen zijn, want studenttevredenheid en studentenwelzijn zijn voor ons heel belangrijk. Daarover voeren we continu gesprekken met de Uraad, de Student Union en besturen. Als CvB maken we zeker niet ‘blind’ beleid en je kunt ons altijd laagdrempelig benaderen. Daar staat de UT volgens mij ook om bekend.’

‘Ook worden er dingen gezegd waarvan ik denk: klopt dat nou? De opmerking over de vertrekkende CvB-leden bijvoorbeeld. Toen ik hier zeven en een half jaar geleden binnenkwam, stond coöptatie al op de agenda. Als CvB vonden wij toen al dat het huidige coöptatiesysteem nadelen heeft en dat er ‘iets’ moet veranderen. Dat vinden we nog steeds. Binnen het systeem worden internationale studenten uitgesloten – en dat geldt trouwens ook voor genoeg Nederlandse studenten. Daarom moeten we erover praten, want we willen een inclusieve universiteit zijn.’

Van ongebreidelde groei is volgens de collegevoorzitter evenmin sprake. ‘Er is op de UT geen blinde drift om te groeien. We komen tegemoet aan de vraag vanuit de maatschappij om talent te leveren. Dit beleid is via keurige procedures en gesprekken tot stand gekomen. We zetten in Twente bovendien in op persoonlijk en kleinschalig onderwijs. Niet voor niets zijn we in de Nationale Studenten Enquête drie jaar op rij uitgeroepen tot de beste technische universiteit van Nederland.’

Ook trekt de UT – in samenspraak met de VSNU – al jaren aan de bel over de financiering van het hoger onderwijs, zegt Van der Chijs. ‘Uit een recent verschenen rapport van onderzoeksbureau PWC blijkt dat het wetenschappelijk onderwijs en onderzoek in Nederland per jaar 1,1 miljard euro tekort komt. Universiteiten staan door deze tekorten onder enorme druk.’

De collegevoorzitter wil in het gesprek met de actievoerders graag een Uraadslid laten aanschuiven. ‘Want volgens mij kloppen de kwalificaties over de universiteitsraad niet. Ik vind onze Uraad kritisch en mondig. En dat is overigens heel prettig. Het is onze ervaring dat de meeste studentleden binnen één maand zijn ingewerkt. Ze dienen ons uitstekend van repliek.’