Negen dagen Kick-In: wel of niet te lang?

| Rense Kuipers

Duurt de Kick-In met negen dagen niet te lang? Dat vraagt de Universitaire Commissie Onderwijs zich af op basis van een evaluatie onder deelnemers van de afgelopen Kick-In. De nieuwe commissie verandert voor de aankomende introductie in ieder geval niks aan de lengte. Wel moet er meer duidelijkheid komen, zowel voor studenten als organisatie.

Photo by: RIKKERT HARINK

Over het algemeen waren deelnemers van de afgelopen introductieperiode positief gestemd. De Bachelor Kick-In kreeg een 8 als cijfer, de Master Kick-In een 8,1. Ook het aantal deelnemers bleef relatief gezien gelijk met afgelopen jaar. Daarmee kwam de terugloop van de afgelopen jaren tot stand.

Negen dagen

Opmerkelijk resultaat was dat 44 procent van de deelnemers aan de Bachelor Kick-In in de enquête aangaf dat de introductieperiode (een beetje) te lang is. ‘We hebben met negen dagen de langste introductieperiode van alle Nederlandse universiteiten. Maar het is de eerste keer dat dit geluid uit de enquête naar voren kwam’, zegt Kick-In commissievoorzitter Sabine de Winter.

Meer onderzoek is nodig, die mening deelt De Winter met de Universitaire Commissie Onderwijs. ‘Daarover gaan we om tafel met onze stuurgroep. Maar de aankomende editie van de Bachelor Kick-In blijft staan op negen dagen. Begin maart hopen we alle activiteiten rond te hebben.’

Duidelijkheid verschaffen

Vooral op het gebied van duidelijk communiceren en organiseren is veel te winnen, beaamt De Winter. ‘De Student Union en wij als commissie zijn verantwoordelijk voor het extracurriculaire gedeelte van de introductie, de faculteiten voor het curriculaire gedeelte. Er zit een verschil in doelstellingen en de kennis daarover ontbreekt in het algemeen. Zo hebben de faculteiten als taak om studenten goed te informeren over wat ze kunnen verwachten in de eerste week van hun studie, zodat ze bijvoorbeeld meteen aan de slag kunnen met Canvas. Bij verschillende studies gebeurt dat niet of nauwelijks. Dus de eerste stap is om te zorgen dat er kennis is bij de juiste mensen en dat dingen niet door elkaar gaan lopen.’

In aanloop naar de Kick-In wil de commissie ook in de communicatie richting nieuwe studenten zorgen dat zaken niet door elkaar lopen. ‘Studenten kregen van meerdere partijen – de commissie, de faculteiten en Marketing & Communicatie – losse informatie, wat tot verwarring kon leiden. We proberen nu in samenwerking met M&C de informatie te stroomlijnen en zorgen dat er meer duidelijkheid is over wie nou verantwoordelijk is voor welke aspecten.’

Informatieve filmpjes

Dat moet volgens De Winter ook leiden tot meer duidelijkheid over praktische zaken, zoals huisvesting voor internationale studenten. De huidige commissie wil daarnaast duidelijker verwachtingen scheppen over wat studenten tijdens de Kick-In kunnen verwachten. ‘Daarin schieten de flitsende aftermovies enigszins in tekort. Om beter de verwachtingen te managen, willen we informatieve introductievideo’s gaan maken.’ Ook de introductie verduurzamen staat opnieuw op de radar van de commissie.

Doegroep kiezen met algoritme

De commissie geeft vervolg aan een pilot voor het kiezen van doegroepen, afgelopen jaar voor het eerst toegepast bij de opleiding Business & IT. ‘Normaliter is het bij de doegroepenmarkt zo dat de doegroepouders achter een deur zitten. Deelnemers krijgen in een andere ruimte filmpjes van de ouders te zien en mogen vervolgens kiezen. Maar het kan dan zijn dat deelnemers die vooraan of dichter bij de deur zitten in het voordeel zijn. Zeker bij de grotere studies zetten mensen het op een rennen’, zegt De Winter. Gemiddeld 53 procent van de deelnemers vond dit systeem eerlijk, zeiden ze in de enquête.

Bij BIT ging het vorige keer anders. Deelnemers konden digitaal hun top-4 aangeven. Vervolgens deelde een algoritme de doegroepen in. ‘In plaats van 53 procent vond in dit geval 90 procent van de deelnemers het systeem eerlijk’, zegt De Winter. ‘Daarom willen we deze pilot dit jaar uitbreiden naar zo’n vijf à zes studies.’