Technische geneeskunde krijgt meer klinisch profiel

| Rik Visschedijk

De bacheloropleiding technische geneeskunde wordt meer klinisch. Dat blijkt uit het onlangs gepubliceerde jaarverslag van de opleidingscommissie. ‘We willen nog duidelijker maken dat we technische dokters opleiden’, zegt opleidingsdirecteur Heleen Miedema.

Photo by: Gijs van Ouwerkerk

Het ‘herontwerp’ van de bachelor werd ruim een jaar geleden ingezet. Aanleiding was volgens Miedema een zelfevaluatie die werd gedaan voor een visitatie. ‘Zo’n evaluatie is waardevol’, zegt ze. ‘Het dwingt je om goed te kijken naar het curriculum. Technische geneeskunde is een bijzondere opleiding. We leiden dokters op die techniek inzetten bij de behandeling van patiënten. Ze doen dat  in het gehele werkveld van een dokter: van patiëntcontact tot diagnose. Studenten worden in de eerste plaats behandelaar met een stevig accent op techniek. Dat is anders dan een opleiding als biomedische technologie waar techniek centraal staat. Dat onderscheid willen we nadrukkelijker in het curriculum hebben.’

Doorstroom naar master

Een bijkomende kans van het herontwerpen van de bachelor is om meer UT-studenten warm te maken voor de master Technical Medicine. In de opleidingscommissie werd onlangs een aanpassing in het Onderwijs- en Examenregelement (OER) besproken. ‘Te weinig studenten studeren af’, valt te lezen in het verslag. Het gaat om de doorstroom van de bachelor naar de master, licht Miedema toe. ‘Doordat we het klinische deel meer zichtbaar maken, verwacht ik dat meer studenten kiezen voor onze master. Want studenten dan weten beter waar ze aan toe zijn en wat ze kunnen verwachten van ons. Wij leiden op voor de geneeskundige praktijk en niet voor onderzoek.’

Loslaten alles-of-niets modules

Het loslaten van de alles-of-niets modules in het Twents Onderwijsmodel (TOM) biedt mogelijkheden, denkt Miedema. ‘Ik ben een groot voorstander van het moduleonderwijs. Maar ik kan me voorstellen dat je de wiskundeleerlijn minder rigide aanpakt. Een student die het onderdeel wiskunde in de eerste module niet haalt, zou nu misschien door kunnen naar de volgende module. Ook daar zit wiskunde in, die verder bouwt op de eerste module. Stel nu dat de student laat zien dat ‘ie in de tweede module wiskunde toch onder de knie heeft, in dat geval zou je ook een vinkje kunnen zetten achter de eerste module. Over deze aanpassing in de OER praten we nu. Dat zou dan komend collegejaar doorgevoerd kunnen worden.’