Uraad stemt in met eerste deel reorganisatieplan

| Rense Kuipers

De universiteitsraad stemde woensdagochtend schoorvoetend in met het eerste deel van het reorganisatieplan UT2020. Het gaat hierbij vooral om de invulling van nieuwe facultaire besturen die in september gevormd moeten zijn.

Het was vanochtend zaak om ‘er een klap op te geven’, aldus collegevoorzitter Victor van der Chijs. Het plan kent immers een lange aanloop. ‘Laten we ons vooral ook realiseren waarom we hiermee zijn begonnen. Dat is om maximale onderzoeksimpact te realiseren. Op een aantal onderzoeksfronten functioneert de UT onvoldoende.’

Op de schop

De aansturing van het onderzoek gaat daarom op de schop. Die taak komt bij de nieuw op te richten faculteitsbesturen te liggen. De decaan is eindverantwoordelijk over het onderwijs, onderzoek en personeelsbeleid. Dat doet hij in overleg met een portefeuillehouder onderwijs, een portefeuillehouder onderzoek, een directeur bedrijfsvoering en een student.

Opgeknipt

De invulling van zo’n faculteitsbestuur was voor de raad geen punt van discussie meer. Wel was het vooral de Partij van de UT die haar zorgen uitte over het opknippen van het UT2020-plan in twee delen. Dick Meijer zette hier nadrukkelijk vraagtekens bij – vooral de mogelijke gevolgen op personeelsgebied, als aansturend personeel vanuit de onderzoeksinstituten onder de faculteiten komt te vallen. Ook denkt Meijer dat de faculteiten zelf nog een slag moeten maken om hun organisatie goed in te richten. Daarom waarschuwde hij dat ook op het decentrale niveau nog veel besloten moet worden. En daar is het centrale overleg (de Uraad) niet de plek voor, volgens hem.

Integraal en flexibel management

Aan het einde van de discussie zegde het college van bestuur toe dat er in iedere faculteit een ‘integraal management op onderwijs, onderzoek, personeel en ondersteuning’ komt. En dat de onderzoeksorganisatie en –strategie flexibel genoeg is om adequaat in te spelen op wetenschappelijke en maatschappelijke veranderingen.

Een kleine meerderheid van de universiteitsraad ging uiteindelijk akkoord met dit eerste deel van de reorganisatie: vijf stemden in en vier personeelsleden onthielden zich van een stem. Studentleden mochten slechts advies geven (allen positief).

Onder meer Dick Meijer onthield zich van een stem. Zijn verklaring: ‘Als ik kijk naar het proces – een reorganisatieplan dat in twee delen ter instemming wordt aangeboden – dat is niet nodig. Juist het gedeelte dat de grootste personele problemen oplevert, wordt pas later doorgevoerd. Daar heb ik grote moeite mee.’