BMS: in vier jaar afscheid van 61 fte

| Rik Visschedijk

De faculteit BMS neemt dit jaar afscheid van 15 tot 18 wetenschappelijke personeelsleden. Dat past in het beleid om een totaal van 61 fte uit te laten vloeien richting 2021. Decaan Theo Toonen: ‘Naast het laten uitvloeien van personeel willen we de beste talenten binnenhouden of aantrekken.’

Inhoudelijk gaat de faculteit zich veel meer oriënteren op technologie. Daarvoor worden vier clusters gevormd. Dat staat in het visiedocument BMS under Steam. Hierin staat ook dat er in de periode naar 2021 stap voor stap afscheid wordt genomen van 11 hoogleraren, 3 uhd’s, 27 ud’s en 20 docenten. ‘Op die manier maken we de faculteit weer financieel gezond’, zegt Toonen. De faculteitsraad adviseerde eind oktober positief over het document.

HR-probleem

BMS is bezig met een proces van flinke veranderingen. Toonen: ‘We hebben het document begin zomer 2016 opgesteld. We zijn inmiddels door de tijd en onze eigen maatregelen ingehaald. De bachelorinstroom is substantieel beter dan we hadden ingeschat. Dat laat onverlet dat er een grote uitdaging blijft liggen bij het personeelsbeleid. Na mijn oriëntatiefase als decaan ruim een jaar geleden heb ik niet voor niets gezegd: we hebben geen financieel probleem, maar een enorm human resources-probleem. Dat geldt nog steeds.’

'Zonder gedwongen ontslagen’

Een kostenneutraal budget in 2020/21, dat is de bedoeling. Toonen: ‘Daarvoor is een minimale bachelorinstroom nodig van tussen de 600 en 650 studenten en een groei van 60 tot 80 studenten in de master’, zegt Toonen. ‘En dat is een uitdaging. De afgelopen vijf jaar liep de bachelorinstroom terug van 844 naar 464 voor het studiejaar 2015-2016. Mede door de verandering van het opleidingsaanbod in de zomer van 2015 zitten we nu - met name door de enorme groei bij psychologie - op een instroom van 732 studenten. Daarmee lijkt de tendens gekeerd, maar dat moeten we wel zien vast te houden onder handhaving van kwaliteit en een nieuw profiel.’

Daarbij is nog steeds een ‘significante’ vermindering van wetenschappelijk personeel nodig om in 2021 het break-even-punt te bereiken. De decaan streeft naar een ‘organisatieontwikkeling zonder gedwongen ontslagen’. Volgens hem zit er genoeg rek in de organisatie om mensen uit te laten stromen. ‘Tijdelijke contracten laten we aflopen, we zullen bepaalde vacatures niet invullen en personeel stimuleren en helpen om waar mogelijk ergens anders aan het werk te gaan. Daar zijn we het afgelopen jaar al aan begonnen, met redelijk succes.’

Aderlating

In het document schrijven de auteurs dat een vacaturestop en het beëindigen van tijdelijke contracten een aderlating is: jonge talentvolle wetenschappers verdwijnen van de UT en het aantal uhd’s en hoogleraren wordt verhoudingsgewijs te groot. ‘Daarom willen we een strategie uitvoeren om dit jaar nog een keer zo’n 15 tot 18 senior staff te laten uitvloeien en daarvoor tussen de 25 en 30 van de beste talenten binnen te houden of aan te trekken’, zegt Toonen. ‘Dit vraagt wel een investering van zo’n anderhalf miljoen. Een verantwoorde investering, omdat we die later terugverdienen.’

Herinvestering reserves

Met deze ‘bottom line’ zou de faculteit in 2021 weer gezond moeten zijn. Toonen benadrukt dat het – in het gehele plaatje – niet gaat om een verlies dat de faculteit BMS de komende jaren lijdt. ‘We vragen het CvB om een herinvestering van onze reserves. Er is de afgelopen paar jaar een aantal miljoenen in opeenvolgende begrotingen overgehouden en die willen we nu inzetten. Bezien over de gehele periode van 2012 tot 2021 spelen we nagenoeg quitte en is zelfs hernieuwde groei niet uitgesloten.’

Apartheid

Onder deze organisatorische veranderingen ligt een inhoudelijke heroriëntatie, die veel meer de nadruk legt op techniek. De faculteit wordt georganiseerd in vier clusters: Technology, Policy and Society (TPS), Technology, Human and Institutional Behaviour (HIB), Technology, Data-analytics and Decision-support Systems (DDS) en High-tech Business and Entrepreneurship (HBE).

‘We werken deze clustering en de bijbehorende vijf overkoepelende onderzoeksprogramma’s dit jaar verder uit’, aldus Toonen. ‘Met deze inrichting van de faculteit verwachten we goed uitgerust te zijn om intern en extern effectief samen te werken in de grotere onderzoeksprogramma’s die onder het nieuwe SEP-protocol vereist zijn.’

Daarnaast is de clustering volgens Toonen de juiste manier om aan te sluiten bij het profiel van de UT. ‘We zitten veel dichter tegen de techniek aan en we zetten een flinke stap om de traditionele apartheid tussen alpha, gamma en bèta te overbruggen’, zegt hij. ‘Die stap verwacht ik ook van onze technische collega’s. Zo komen we tot een universiteit waar we jongeren echt stimuleren om vernieuwend en multidisciplinair te denken. Want een UT zonder faculteit BMS kun je feitelijk wel opdoeken.’