Quidditch: Beuken, gooien en scoren

| Leon Holweg

Beuken, gooien en scoren. Het is in een notendop hoe het er aan toe gaat in de relatief nieuwe sport, quidditch. Dit weekend is de European Quidditch Cup in Warschau, waar ook de UT-vereniging Twentse Thestrals aan mee doet. ‘We willen in de top acht eindigen.’

Photo by: GC Bruggeling
De Twentse Thestrals in actie tijdens de Dutch Quidditch Cup 2018.

Nee ze vliegen niet écht, zoals in het ‘echte’ quidditch (of zwerkbal) in de wereld van Harry Potter wel het geval is. Want daar is het van afgeleid. Een pvc-buis moet doorgaan voor bezemsteel. Verder komen de regels grotendeels overeen. Zaterdag en zondag vindt het Europese toernooi plaats. Aan het woord is keeper, Lars van den Broek (24).

Hoe kwalificeer je je voor de European Quidditch Cup?

‘Vorig jaar wonnen we de Dutch Quidditch Cup. Dit heeft niks te maken met de EQC, maar in onze kwalificatiecampagne troffen we dezelfde teams als in de Dutch Quidditch Cup. We kwamen uiteindelijk als winnaar uit de kwalificatiestrijd, en zodoende verschaften we onszelf een ticket voor divisie twee van het toernooi. Divisie twee is te vergelijken met de Europa League in het voetbal en divisie één met de Champions League. Stel dat we deze divisie winnen, dan krijgt Nederland volgend jaar een ticket voor divisie één.’

Wat is precies het doel van het spel?

‘Het doel is zoveel mogelijk punten scoren. Er zijn vier ballen tegelijkertijd in het spel. Één van die ballen mag je door de hoepels gooien, om punten te scoren. De keepers zijn er om de hoepels te verdedigen. Wij keepers genieten enige bescherming in de vorm van een keeperszone. Hierbinnen mag de keeper niet getackeld worden. Verder zijn er nog drie andere ballen om elkaar mee af te gooien. Na achttien minuten komt er een speler het veld op, met achter in zijn broek een klein balletje. De zogeheten snitch. Deze speler hoort bij geen van beide teams. Als één van de teams deze snitch weet te bemachtigen, stopt de wedstrijd.’

Hoe zou je de sport omschrijven?

‘Als een combinatie van rugby, trefbal en handbal. Maar dan op een pvc-buis. Rugby omdat het er nogal ruig aan toe gaat en blessures veelvoorkomend zijn. Ook gebroken ribben of hersenschuddingen komen voor. Wij hechten veel waarde aan veiligheid, en daarom is er altijd een EHBO’er bij ons aanwezig.’

Hoe populair is het in Nederland?

‘Niet heel populair nog. Ons land telt slechts zeven verenigingen met in totaal rond de honderddertig leden. In bijvoorbeeld België is de sport al een stuk groter en populairder. Ook Duitsland telt veel meer teams en leden dan Nederland.’

Jullie naam verwijst naar één van de fictieve wezens uit Harry Potter. Waarom?

‘Dat klopt. De thestrals (of terzielers in het Nederlands, red.) zijn wezens uit de wereld van Harry Potter. De precieze reden voor de naamgeving weet ik niet, maar je ziet wel vaker bij quidditch verenigingen dat ze kiezen voor allitererende namen. Dat is denk ik ook de voornaamste reden geweest voor de naam Twentse Thestrals.’

Quidditch? Geen zwerkbal?

‘Wij zeggen quidditch. Vroeger noemden we het muggle quidditch. We zijn gestopt met het zo te noemen, aangezien we niet té veel de associatie met Harry Potter willen wekken. Je wordt dan minder serieus genomen, terwijl we juist het tegenovergestelde willen bereiken. We willen af van het imago dat quidditch alleen voor ‘Potter Heads’ is. Zo zitten er in ons team ook twee die niks met Harry Potter hebben, maar het gewoon een leuk spelletje vinden. Aan de andere kant is het ook weer zo, dat júist de associatie met Harry Potter veel leden oplevert. We hinken nog een beetje op twee gedachten.’

Kunnen alleen UT-studenten bij jullie terecht?

‘Ons ledenbestand bestaat voor 75% uit UT-studenten. Dit percentage is vereist om erkend te worden door Student Union. We richten ons wel voornamelijk op UT-studenten, maar we hebben bijvoorbeeld ook UT-medewerkers, Saxionstudenten en ROC’ers in onze gelederen.’

Als enige Nederlandse deelnemer moeten jullie de vaderlandse eer hoog houden. Denk je dat dat lukt?

‘We mikken op een plek in de top acht. Dat zou voor Nederlandse begrippen een zeer goede prestatie zijn. Er doen zestien teams mee uit twaalf landen. Eerdere deelnemende Nederlandse teams wisten niet bepaald hoge ogen te gooien. Een Nederlandse ploeg heeft nog nooit een wedstrijd gewonnen op de EQC. Wij hopen historie te schrijven, door op zijn minst één wedstrijd te winnen.’