‘Ik doe vooral wat ik leuk vind’

| Maaike Platvoet

Hij is altijd wel te porren voor een nieuwe commissie, adviesraad of studentenklus. Hidde Zijlstra (23), bachelorstudent International Business Administration, bruist dan ook van de energie. Op vrijwel elk UT-podium zien we hem voorbij komen. Wie is deze ambitieuze jongeman?

Photo by: RIKKERT HARINK

We spreken af op de negende verdieping van het U-Parkhotel. Daar biedt vergaderkamer ‘de boardroom’ een fenomenaal uitzicht over de campus. ‘Wow!’, luidt  zijn eerste reactie bij een blik uit het raam. ‘Wat is de campus mooi he?!’

Er zijn niet veel studenten die naast koning Willem-Alexander mogen staan tijdens de diesviering van de UT en tegelijkertijd moderator zijn van die viering. Er zijn ook niet veel studenten die zitting nemen in én de universiteitsraad én nog een dertigtal andere commissies, adviesraden en clubjes. Of die een aanjagende rol hebben voor de technologie in Nederland of een stafoverleg voor UT-managers voorzitten en dat ook nog eens in vloeiend Engels presenteren. Hidde Zijlstra draait er zijn hand niet voor om. Deze blonde jongen is één brok energie en valt op door zijn vrolijkheid en welbespraaktheid. Kortom; een ideale kandidaat voor menig studentenklus op de UT. Hoe is dit zo gekomen?

Misschien ligt het aan z’n Friese roots? Hidde werd geboren in Dokkum,  verhuisde op 1-jarige leeftijd  naar Leeuwarden en groeide op in een typische Vogelaarwijk. ‘Mijn ouders gingen scheiden, ik bleef bij mijn moeder en heb mijn vader daarna eigenlijk nooit meer gezien’, vertelt hij tamelijk nuchter. Hij wil er tegelijk ook niet te veel over uitwijden. ‘Het is geen geheim hoor, maar ik vraag me af wie hierop zit te wachten. Ik ervoer het nooit als een probleem, het alleen opgroeien met mijn moeder. Met haar vorm ik een hechte twee-eenheid, we waren natuurlijk heel lang met z’n tweeën.’ Als zijn moeder later – Hidde is dan negen jaar - een nieuwe partner krijgt– beschouwt hij hem op gegeven moment als zijn vader. ‘Ik weet niet hoe het is om een vader te hebben, maar hij komt er het dichtst bij in de buurt.’

Schooltijd 

In zijn jeugd maakte hij talloze  tochtjes van het vasteland naar Schiermonnikoog, waar zijn moeder als schoonmaakster werkte. Dat deden ze om de week, in de weekenden. ‘Ik ging gewoon met haar mee en speelde dan in de bossen met takken. Een echt jongens-jongetje, dat was ik wel.’ Later – als hij naar school gaat - vangt een gastouder hem op. Hidde bleek goed te kunnen leren. ‘Ik zat op een multiculturele school, en merkte dat ik anders was. Veel medeleerlingen hadden taalachterstanden, bij mij ging het juist allemaal wel heel goed met taal en rekenen.’

De middelbare school, eerst het stedelijk gymnasium en later het Leeuwarder Lyceum, gaven meer  uitdaging. ‘Ik wilde heel graag naar het gymnasium, maar dat bleek een misvatting. Ik vond Latijn verschrikkelijk.’ Maar ook: ‘Ik zat niet lekker in mijn vel in die periode en ontwikkelde faalangst.  Ik was best eigenzinnig, net zoals mijn beste vriend. Vaak zaten we samen buiten te lunchen, ik zonderde mij af van de rest van de groep. En droeg een muts binnen school. Tja, dan plaats je jezelf al snel buiten de groep.’ En ook al had hij een dikke huid – zoals hij zelf zegt – als ‘buitenbeentje’ raakten de opmerkingen hem heus wel. ‘Ik voelde mij niet minder, maar wel anders. Dat doet wat met je als puber.’

Hidde stapte over naar het technasium in Leeuwarden. Een ‘superleuke school’, waar hij zonneboten bouwde en al snel in de medezeggenschap belandde. Toen al? ‘Ja’, klinkt het volmondig. In de derde klas werd hij gekozenvoor de medezeggenschapsraad. Daar leerde hij ‘onderhandelen en communiceren’ met schoolbestuurders. ‘Ik weet niet precies waarom ik mij altijd aangetrokken voelde tot de medezeggenschap. Ik zie mezelf helemaal niet als visionair, of wereldverbeteraar, of dat ik graag op de voorgrond sta. Ik doe vooral wat ik leuk vind.’

Enschede 

Zijn affiniteit met technologie, ondernemendheid en voorkeur voor projectonderwijs, bracht hem uiteindelijk naar de UT. ‘Het Twents Onderwijs Model was voor mij echt een eye-opener, dat wilde ik meemaken.’ Hij koos in eerste instantie voor een studie bedrijfs- en informatietechnologie, maar dat pakte niet zoals gewenst uit. ‘Net iets te veel wiskunde B voor mij.’ Na dat eerste jaar stapte hij over op International Business Administration.

‘Ik was er heel erg klaar voor, om te gaan studeren’, vertelt-ie. ‘Mijn ouders ondersteunden mij daarin. En bij mijn stiefbroer - hoewel hij 10 jaar ouder is – was ik wel eens op zijn studentenkamer geweest. Dat voelde heel lekker, gemoedelijk en vertrouwd.’

‘Op scholen vertellen over de UT ging me goed af. Ik ben heel vocaal ingesteld’

De overgang van Leeuwarden naar Enschede – in 2016 - verliep  soepel voor de jonge student. Huize Grafzicht aan de Olieslagweg werd zijn onderkomen en bij AEGEE vond hij zijn doegroep. ‘Daar begon het allemaal’, lacht hij. ‘Via mijn doegroep hoorde ik dat er een baantje beschikbaar was bij het Studie Informatie Centrum. En vanuit daar ging er van alles rollen.’ Dat bijbaantje hield in dat hij langs middelbare scholen ging om  scholieren te vertellen over de UT. ‘Ontzettend leuk om te doen en dat ging me ook goed af omdat ik - denk ik – heel vocaal ben ingesteld. Ik wist in eerste instantie niet eens dat ik ervoor  betaald kreeg.’

‘Zie je dit?’ Hij wijst op zijn iPad. ‘Zonder dit ding ben ik niks. Mijn hele dag is ingedeeld in blokken, zo houd ik het voor mij overzichtelijk. Weet ik precies wanneer ik waar moet zijn, en blok ik uren om te studeren.’

Ambitieuze student

Binnen het Studie Informatie Centrum, onderdeel van Marketing & Communicatie, viel de goedgebekte Hidde op. Hij werd steeds vaker voor ‘klussen’ gevraagd. Zo ook om lid te worden van de studentenpartij DAS, wat staat voor: De Ambitieuze Student. Binnen no time belandde hij in de universiteitsraad, waar hij naar eigen zeggen ‘heel veel leerde’. ‘Vooral hoe zorgvuldig je moet zijn bij het aanvliegen van een bepaald doel. Het politieke spelletje zeg maar. Er spelen heel veel belangen binnen een universiteit, daar moet je allemaal rekening mee houden.’ Als Uraadslid hield hij zich vooral bezig met het taalbeleid. Volgens Zijlstra was dat taalbeleid voornamelijk ‘een behoorlijk uit de hand gelopen discussie tussen college van bestuur en universiteitsraad’ als reactie op de internationaliseringsambities van de UT. ‘Best veel stemmen binnen de Uraad vonden dat niet alles volgens de regels verliep. Dat dossier was heel interessant en tegelijk een drama. Het was uiteindelijk heel goed dat het thema taalbeleid  werd losgekoppeld van het thema internationalisering.’

Op de vraag of zijn studie bevalt, moet hij even nadenken. ‘Ik zoek een tactisch antwoord.’ En dan, voor de tweede keer: ‘Ik merk dat ik energie krijg van dingen die ik leuk vind. Het doel van mijn studie is mij nog niet duidelijk.’ Toch staat hij op het punt om zijn bachelor af te ronden, daarna gaat hij hoe dan ook een master in Enschede volgen. ‘Welke dat weet ik nog niet. Ik merk dat ik een persoon ben die van nieuwe ervaringen houdt. Ik wil nu de breedte in, dan komt de verdieping vanzelf. Dat zoek ik ook in mijn studie, maar ik heb het nog niet gevonden.’

Zijn telefoon rinkelt. ‘Ai, deze moet ik echt even opnemen.’ Wat volgt is een gesprek over artificial intelligence. Even later, ietwat verontschuldigend: ‘Dat was de lokale krant. In mijn rol als aanjager van technologie, mag ik tijdens het verkiezingsdebat van Torentje naar Torentje een vraag stellen aan lijsttrekker Esther Ouwehand.’

Het perfecte plaatje 

Hoe dan ook, Enschede is zijn thuis. ‘Ik kan hier nog steeds groeien en nieuwe dingen uitproberen. En hoewel ik groot voorstander ben van Keeping Talent in Twente, verlaat ik na mijn afstuderen waarschijnlijk wel deze stad. Er liggen nog zoveel mooie uitdagingen!’ Om gelijk daaraan toe te voegen: ‘Ik heb nu al heel veel aan de UT te danken. En ik denk dat dat vooral komt omdat deze universiteit laagdrempelig is als instelling. Dat hielp mij om dingen op te pakken en om zelfverzekerder te worden.’

Hoe ziet hij zijn toekomst, als er overal uitdaging ligt en je bijna alles leuk vindt? Hidde wil bovenal ‘op zijn plek zijn’, zegt-ie zelf. ‘En dat moet een drukke, energierijke plek zijn, waar ik veel kansen kan grijpen. Ik vertrouw er gewoon op dat dat goedkomt.’ Het perfecte plaatje dan? Volgens hemzelf past-ie daar niet in als het gaat om ‘man-vrouw-kinderen-huis-hond’. ‘Kijk’, zegt hij, wijzend naar zijn horlogebandje in regenboogkleuren. ‘Ik val op mannen.’  Niet geheel toevallig, spande hij zich daarom namens studentenpartij DAS in voor meer openlijke steun van de UT aan de lhbt-gemeenschap. ‘Ik schreef als  eerste stap een opiniebrief, maar mede dankzij inzet van andere studentleden hing er vervolgens binnen jaar een regenboogvlag op de campus te wapperen. Daar was ik echt heel blij mee.’  Overigens, zijn geaardheid draagt hij ‘niet heel erg uit’, want ‘zo ben ik gewoon niet’ en ‘waarom zou je ook?’.

Ondertussen werpt hij nog een blik op zijn regenbooghorloge. Het volgende agendablok dient zich aan. Een kookwedstrijd met zeven vrienden van zijn dispuut Kadmos staat op het programma. Ook dat moet worden ingepland.

Terug naar die ene vraag. Hoe raak je zo in de schijnwerpers als UT-student? Zijn gretigheid en ambitie spatten er van af, dat is duidelijk. Maar Hidde is bovenal gewoon Hidde; open, vrolijk en vriendelijk. Misschien is dat het antwoord.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.