Photo by: Jan Benink - Langenkampweg 120
Spotlight

Drienerlo: geboortegrond van de naoorlogse KLM

| Jelle Posthuma

In ‘Vliegende Hollanders', een dramaserie over de Nederlandse luchtvaarthistorie, is een hoofdrol weggelegd voor Albert Plesman. Deze geestelijk vader van de KLM woonde tijdens de oorlog drie jaar bij Drienerlo, het landgoed waar later de campus verrees.

Wie goed zoekt, vindt tegenover de hooglerarenwoningen aan de Langenkampweg een stalen hekje. Dit hekje leidt naar een al even goed verstopt park. Daar begint de historische sensatie. Ooit stond op deze plek het landhuis van een Twentse textielindustrieel. In de Tweede Wereldoorlog vond Albert Plesman, oprichter van de Koninklijke Nederlandse Vliegtuigmaatschappij, zijn onderkomen in de villa.

In de nieuwe dramaserie Vliegende Hollanders, die afgelopen zondag 1,2 miljoen kijkers trok, volgen we de Nederlandse luchtvaartpioniers Albert Plesman en Anthony Fokker in het interbellum: de jaren tussen de twee wereldoorlogen. Edith Beernink en Gerard Kokhuis uit Hengelo stonden er met hun neus bovenop. Althans, in de historische serie. Ze werden voor de dramaserie ‘gecast’ als schoonouders van Plesman. ‘Als zoiets voorbijkomt, zet je alles aan de kant’, vertelt Kokhuis vol enthousiasme.

Hij bezocht ter voorbereiding samen met zijn vrouw de historisch grond aan de Langenkampweg. ‘Ik kende het verhaal over Plesman in Twente. Toen we hoorden dat we de bijrol kregen zijn we direct naar de campus gereden. We wonen er immers om de hoek. Er is niet zo gek veel te zien, hoor. Toch is het heel aardig om even op de plek te staan waar Plesman drie jaar heeft gewoond. Dan komt de geschiedenis in één keer heel dichtbij.’

Foto: Gerard Kokhuis en Edith Beernink op de set van Vliegende Hollanders

Landgoed Drienerlo

Historicus Jan Benink beschreef de geschiedenis van Albert Plesman in Twente. De luchtvaarpionier kwam in 1942 als ‘balling’ naar het oosten. Van de Duitse bezetter mocht de KLM-man niet meer in het westen van het land komen. Plesman kreeg, vermoedelijk vanwege zijn goede relaties met industriëlen uit Enschede, een houten villa aangeboden aan de Langenkampweg 120, vlak naast landgoed Drienerlo.

In zijn nieuwe onderkomen werkte Plesman tot 1945 vol ambitie aan plannen voor de wederopbouw van een naoorlogs KLM. Benink beschrijft hoe Plesman verschillende vooraanstaande figuren ontvangt in de villa om zijn grote plannen na de oorlog te verwezenlijken. In Twente deed de luchtvaarpionier ook inspiratie op voor een Nederlands Instituut voor het Buitenland, een vooraanstaand internaat voor zo’n 500 jonge studenten. Het landgoed Drienerlo was daarvoor volgens hem de uitgelezen plek.

Foto: Albert Plesman, uiterst rechts, tijdens een bezoek aan de Eerste Haaksbergse Confectie Onderneming (beeld met dan aan Jan Benink)

In het THT-nieuws van 1974 vertelt W.T. Kroese, oud-bestuurslid van de Technische Hogeschool, over zijn ontmoeting met Plesman tijdens de oorlog. ‘Plesman had het altijd over zijn vele plannen, waaronder de oprichting van een ‘Nijenrode’. Die naam viel toen nog niet overigens. Hij dacht aan een tweejarige opleiding, zoals die later inderdaad verwezenlijkt is. Het landgoed van Lasonder werd daarvoor – in gedachten althans – bestemd.’

Lasonder, een prominent NSB-lid die – zo bleek later – ook Joden onderdak bood, bezat landgoed Drienerlo. Na de Tweede Wereldoorlog werd zijn landgoed onteigend en kwam het in handen van de gemeente Enschede. Het bood een mooie kans om Plesmans instituut op landgoed Drienerlo te vestigen. Zo ver kwam het echter niet. Het kasteel van Nijenrode bij Breukelen werd geschikter bevonden dan het drassige Drienerlo ver weg in Twente. Kans verkeken. De geschiedenis leert dat de tweede kans wel werd gegrepen. In 1961 kreeg Twente een eigen technische hogeschool. Zestig jaar later viert de UT in november de 59ste Dies Natalis.  

Academisch ziekenhuis

Tussen de hooglerarenwoningen en de studentenpiramides aan de Witbreuksweg, de plek waar de villa ooit stond, is weinig meer te zien dan een verlaten parkje. Wat is er gebeurd met Plesmans oorlogsverblijf aan de Langenkampweg? Plesman toog na de bevrijding direct naar de randstad om zijn KLM-plannen glansrijk te realiseren, beschrijft Benink. Het huis aan de Langenkampweg bleef nog enige tijd bestaan. Tot de plek in de jaren 70 een nieuwe bestemming kreeg. Er moest een academisch ziekenhuis verrijzen. Het zou de technische hogeschool meteen van het prestigieuze predicaat ‘universiteit’ voorzien.

Foto: parkje tussen de hooglerarenwoningen en de studentenpiramides aan de Witbreuksweg, de plek waar de villa ooit stond

In 1978 ging het huis onder de sloophamer. Maar tot op de dag van vandaag kwam er van een academisch ziekenhuis weinig – of beter gezegd: niets – terecht. Terwijl de historische villa zo mooi had kunnen dienen als bedevaartsoort voor luchtvaartliefhebbers: de plek waar pionier Albert Plesman zijn plannen voor een naoorlogs KLM tot wasdom bracht.

Terug naar de serie. Voor figurant Gerard Kokhuis is het nog even wachten tot hij zichzelf terugziet op tv. ‘Mijn vrouw en ik verschijnen pas in aflevering drie ten tonele.’ De voormalige villa van Plesman zien we helemaal niet terug in de serie. De laatste aflevering stopt vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Maar gezien de grote belangstelling voor de serie is het wachten op een tweede seizoen. Een glansrol voor Drienerlo lijkt dan onvermijdelijk.