Photo by: Gijs van Ouwerkerk
Spotlight

Jaap Beernink wil vechtersmentaliteit weer terug in Twente

| Rense Kuipers

‘De glorietijd dat start-ups als paddenstoelen uit de grond schoten, ligt achter ons’, zegt UT-alumnus Jaap Beernink. Hij staat sinds april vorig jaar aan het roer van Novel-T, het voormalige Kennispark Twente. ‘We moeten minder praten en meer doen.’

Het is hem een doorn in het oog. De Hengelosestraat als een Berlijnse muur die de universiteit scheidt van het bedrijfsleven ‘aan de andere kant’. Zelf deed Beernink (33) aan beide kanten ervaring op. Eerst voor zijn studie op de campus, later als ondernemer op het Kennispark en nu als directeur van Novel-T.

'We hebben jarenlang een flinke ballon opgeblazen qua aantallen start-ups.'

Loopbaan

Beernink behaalde in 2006 zijn master business administration. Kort daarna startte hij samen met studiegenoot en goede vriend Gilles Meijer het bedrijf BMBD. In 2013 lanceerden ze samen Golden Egg Check, dat onder meer software aanbiedt om de potentie van start-ups te beoordelen. Daarnaast is hij sinds 2011 voorzitter van de Technologie Kring Twente en zit hij sinds 2014 in de Twente Board. Sinds april 2017 is hij directeur van Novel-T en vanaf 1 november 2017 tevens directeur van de holding van de UT.

Was het een logische stap in je carrière?

‘Dat durf ik niet te zeggen. Het is een volstrekt nieuwe uitdaging in een heel andere wereld dan ik gewend ben. Ter vergelijking: bij Golden Egg Check racete ik in een speedboot. Novel-T voelt meer als het besturen van een olietanker, zo nu en dan omringd door een mijnenveld.’

Hoezo?

‘Er zijn veel belangengroepen rondom Novel-T. Dat varieert van de oprichters (UT, Saxion, Provincie Overijssel, Regio Twente en gemeente Enschede, red.) en onze doelgroepen tot aan partijen waar we mee samenwerken. Daarnaast merk ik hoe dominant politieke en persoonlijke belangen kunnen zijn. Het is manoeuvreren en af en toe stuit je op een mijn. Is dat erg? Ach, eigenlijk is dat heel gezond. Zolang we het grote plaatje maar niet uit het oog verliezen.’

'Soms mis ik de gretigheid om vooruit te blijven streven.'

Hoe ziet dat grote plaatje eruit?

‘We hebben jarenlang een flinke ballon opgeblazen qua aantallen start-ups. De aanwas is echter gestagneerd als je naar de werkelijke cijfers van afgelopen jaar kijkt. De gloriejaren lijken achter ons te liggen. Andere gebieden zoals Amsterdam, Utrecht en Delft namen ons als voorbeeld en zijn gericht en zwaarder gaan investeren in mensen en middelen. De wet van de remmende voorsprong is misschien al ingetreden.’

Klinkt als een sombere constatering…

‘Aan de ene kant wel, aan de andere kant niet. Het fundament voor ondernemerschap is in Twente stevig. Nu moeten we doorbouwen. We moeten onszelf weer als ambitieuze, hardwerkende en innovatieve runner-up zien en ons zo ook positioneren. Die houding past beter bij ons dan het gevoel de gevestigde orde te zijn. Soms mis ik de gretigheid om vooruit te blijven streven. We verzanden te vaak. Terwijl we met z’n allen een vechtersmentaliteit moeten hebben. Het is tijd om minder te praten en meer te doen.’

'We willen meer zijn dan een kraamkamer.'

Wat is de rol van Novel-T?

‘Onze organisatie moet zich sterk doorontwikkelen. We focussen ons daarbij op business support met goede, inhoudelijke programma’s. In het verleden richtten we ons vooral op het ecosysteem voor ondernemerschap. Dat blijven we doen, maar nu we voegen daar een aantal activiteiten aan toe, bedoeld voor een viertal doelgroepen; studenten, onderzoekers, startende ondernemers en bestaande MKB-bedrijven. Wij bieden hen onze kennis en competenties, hulp bij financieringen, relevante netwerken en specifieke programma’s.’

Hoe ga je dat concreet invullen?

‘We hebben enkele speerpunten voor komend jaar. Het persoonlijke contact met onderzoekers en ondernemers is er één van. We hebben scouts aangetrokken om proactief binnen de UT te speuren naar onderzoek met valorisatiepotentieel. Daarnaast werken we met startup-ambassadeurs die een gids zijn voor startende ondernemers. En we hebben innovatiemakelaars. Zij zijn de verbindende schakel tussen de regionale industrie en de kennisinstellingen. Novel-T is de plek waar innovatie en ondernemerschap samenkomt en we mensen verder helpen. We willen direct toegevoegde waarde creëren en het ecosysteem is daarvoor een middel. Daarnaast is ondernemerschapsonderwijs sinds dit jaar ook een taak van Novel-T. Daarvoor bundelen we de krachten met NIKOS, de Student Union en Hardstart in een nieuwe Centrum voor Ondernemerschap op de UT.’

Was de naamswijziging naar Novel-T noodzakelijk?

‘Inhoudelijk is het een goede stap om de naam los te koppelen van het gebied Kennispark. Zo kunnen we onszelf sterker positioneren, zeker in een internationaal speelveld. Het klopte niet meer dat onze naam aan één specifiek terrein gekoppeld was. Novel-T staat voor Twente, met drie kerngebieden: Kennispark, het High Tech Systems Park bij Thales en Technology Base Twente op de voormalige vliegbasis. Dat zijn de regionale, innovatieve hotspots met verschillende incubators en faciliteiten.’

'We moeten minder pamperen en af van de hype rondom start-ups.'

Twente staat bekend als een grote vijver met veel kleine visjes…

‘Klopt. Dat we sterke groeiers als Thuisbezorgd.nl en Booking.com niet konden behouden, is niet zo gek. We hebben in Twente onvoldoende aanbod qua werknemers, zoals programmeurs. Toch willen we meer zijn dan een kraamkamer. De profileringsthema’s van de UT is een goede route zijn. We kunnen ons daaraan spiegelen om meer maatschappelijke impact te hebben en aantrekkingskracht uit te oefenen op talent.’

Moeten er geen concretere doelen gesteld worden, ook voor start-ups?

‘Dat denk ik niet. Ondernemers hebben altijd – ook vanaf de start – grootse plannen. In veel gevallen blijken dat gaandeweg niet de juiste plannen en doelen. Succesvolle ondernemers signaleren dat en sturen bij. Dat vraagt om opportunisme, vrijheid, maar ook om een kritische houding. Van de ondernemer zelf, maar ook van zijn omgeving. We moeten daarom minder pamperen en af van de hype rondom start-ups. Dat is goed voor Twente, maar vooral ook voor de ondernemer. Want, als de tijd rijp is, moeten die ondernemers en wij als Novel-T er álles aan doen om zijn bedrijf tot een succes te maken.’

En de rol van investeerders?

‘Uit onderzoek blijkt dat er nog veel winst te behalen is. We bieden zelf een paar relatief kleine fondsen aan, zoals de TOP-regeling. Dat kan belangrijk zijn in de opstartfase. Op dit moment proberen we externe financiers voor een volgende fase actiever bij Twente te betrekken.’

'Ik ging ervanuit dat ik vaak genoeg onderuit zou gaan.'

Wat typeert Jaap Beernink?

‘Ik kan ergens vol en bevlogen van zijn. De mouwen opstropen en enorm buffelen. Soms werk ik veel te hard, maar gelukkig herinneren mijn vriendin en twee zoontjes mij regelmatig aan datgene wat écht belangrijk is. Ik ben volgens mij ook redelijk ongeduldig en daardoor soms onrustig. Beslissingen nemen is altijd moeilijk, maar in Twente kan het wel héél ingewikkeld zijn. Maar bovenal ben ik ondernemer. Dat slaat niet alleen op het beginnen van een bedrijf. Het gaat ook om het benutten van vrijheid en ruimte om verder te komen. Misschien is ondernemendheid een beter woord. Dat is een deel van mij dat ik nooit wil kwijtraken.’

Had je dat van jongs af aan al?

‘Ongetwijfeld, al is ondernemerschap mij niet met de paplepel ingegoten. Mijn moeder is psycholoog, mijn vader werkt op een middelbare school. Als student wist ik op een gegeven moment dat ik ondernemer wilde worden. Gesterkt overigens door een bijbaan bij een consultancybureau, waar ik direct in een keurslijf werd gestopt.’

Was je niet bang om te falen?

‘Nee, niet bang. Ik ging ervanuit dat ik vaak genoeg onderuit zou gaan. Ik herinner het me nog goed: Jacques Troch, voormalig topman van Grolsch, emeritus hoogleraar en destijds onze afstudeerbegeleider, raadde mij en Gilles ten zeerste af om een bedrijf te starten. “Ga maar eerst ergens werken, of doe ervaring op in het buitenland”, zei hij. Een paar jaar later was hij onze grootste fan. Ja, we zijn ondertussen vaak genoeg onderuitgegaan. En dat is ook niet erg, zolang je maar weer opstaat. Best wel cliché, hè?’