Werkdruk te lijf (3): het groenlichtgesprek

| Wiendelt Steenbergen

UT-hoogleraar Wiendelt Steenbergen schrijft in deze serie over slechte gewoonten die voor werkdruk zorgen en doet voorstellen om er van af te komen. 'Het groenlichtgesprek is een sprekend voorbeeld van georganiseerd wantrouwen, tegen de studenten en tegen de begeleiders. Laten we het afschaffen.'

‘Beste professor Steenbergen, graag zou ik het groenlichtgesprek plannen. Wanneer bent u hiervoor beschikbaar?’ Ongeveer zo nodigde een student me uit voor wat mijn eerste groenlichtgesprek zou moeten worden. Ik was extern lid van zijn bachelor-afstudeercommissie. Mijn eerste reactie was: ‘Huh? Groenlichtgesprek?’ Ik had er nog nooit van gehoord. Er kwamen meer uitnodigingen, en ook mijn collega’s hoorde ik erover. Navraag bij de opleiding leerde dat het groenlichtgesprek al een jaar of drie bestond, maar dat de studenten dat nog niet wisten. Maar nu was het daadwerkelijk in hun studiehandleiding opgenomen, vandaar die uitnodigingen.

Rijkdom

In 2019 schreef ik in een eerdere column over werkdruk:

“…, tutor zijn, projecttoetsen, projecttoetsreparaties, modulevoorbereidingsvergaderingen, modulehandleidingen, modulevoortgangsbesprekingen, cijfervergaderingen, modulecoördinator zijn, toetsanalyses (…), herkansingen liefst binnen de module, toetsresultaten publiceren binnen 10 werkdagen en ook nog privacy proof (…), het zijn allemaal dingen die er pakweg tien jaar geleden nog niet waren.”

Daar is nu dus het groenlichtgesprek bijgekomen. O rijkdom van het universitaire leven.

Het examenreglement van Biomedical Engineering legt uit: Het groenlichtgesprek is een bijeenkomst met de gehele commissie waar wordt besproken of elk van de te beoordelen aspecten in dit stadium al voldoende zijn, of welke verbeterpunten er doorgevoerd moeten worden om tot een voldoende te komen.

Ik weet niet of dit gesprek in alle curricula deze vorm heeft, maar wel in de bachelor- en mastercurricula Biomedische Technologie. En ik zie meer tendensen om de hele commissie te betrekken bij andere stadia van afstudeeropdrachten dan alleen de afstudeerzitting, bijvoorbeeld de formulering van de opdracht en de voortgangscontrole.

Incidenteel drama

Waarom is het groenlichtgesprek ingevoerd? Het gebeurde wel eens dat tijdens de afstudeerzitting één van de commissieleden het werk onvoldoende vond. Dat is natuurlijk vervelend, als je familie met bloemen en je jaarclub met een collectie ambachtelijke biertjes is komen opdagen om je te feliciteren. Het incidentele drama is vervolgens tot probleem verheven, en problemen moeten worden opgelost. De gevonden oplossing is het groenlichtgesprek, en zo makkelijk en stilzwijgend als het is ingevoerd, zo moeilijk is het waarschijnlijk om van dit onzinnige micromanagement af te komen.

Dat is weer stevige taal. Vind ik het dan niet erg dat een student zakt bij het afstuderen? Voor de student natuurlijk wel, maar het is niet gek dat je voor de meesterproef van de ‘hoogste opleiding’ die je kunt volgen, namelijk de universitaire,  ook kan zakken. Maar als zoiets gebeurt dan heeft in de meeste gevallen ook de eigen begeleider gefaald. Een mindere student en een ondermaatse begeleider: het zal incidenteel voorkomen, maar het invoeren van het groenlichtgesprek is hierop een overreactie. In verreweg de meeste gevallen loopt het afstuderen gewoon goed af en kunnen bloemen en bier worden overhandigd. Het groenlichtgesprek is een sprekend voorbeeld van georganiseerd wantrouwen, tegen de studenten en tegen de begeleiders. Laten we het afschaffen.

De strijd en het wapen

Is zo’n gesprek dan echt teveel moeite? Je wordt gevraagd het conceptverslag op alle aspecten te beoordelen, en je moet het dus goed bekijken. Zelfs een vluchtige lezing en het opschrijven van wat kritiekpunten kost al snel een uur. Laat het gesprek dan ook nog eens een klein uur duren, dan hebben we zo twee uur te pakken. Als je bij vier commissies betrokken bent, ben je dus een dag kwijt. En dan moeten die studenten nog afstuderen.

Ik voer een heftige strijd, en de meeste van mijn collega’s ook. Het is een strijd om nog wat uren vrij te houden voor academische activiteiten als nadenken, ideeën opdoen, iets lezen, een modelletje uitwerken. Een strijd om af en toe grotere blokken te reserveren voor het eruit persen van een onderzoeksvoorstel. Als die schaarse blokken ‘tijd voor jezelf’ nog verder afkalven door weer iets nieuws dat ook nog eens bedacht is als oplossing van geen probleem, dan is dat inderdaad echt teveel moeite. Een doeltreffend wapen in die strijd is het woord ‘nee’. Totdat het is afgeschaft zet ik dit wapen in om het groenlichtgesprek uit mijn agenda te houden.