Als gevolg van een explosief gestegen vraag naar chips voor met name de bouw van AI-datacentra is er steeds meer sprake van een wereldwijd chiptekort. Met name consumentenelektronica zoals smartphones en computers zijn duurder en slechter beschikbaar. Ook op de UT zijn de gevolgen te merken van het chiptekort.
‘Worst-case scenario’: 2 miljoen euro
‘Er is inderdaad een enorme run op chips gaande, met name als het gaat om geheugen en processoren. Daar hebben we zowel bij de aanschaf van laptops als serverhardware flink last van’, zegt Mert Alberts, directeur van de UT-dienst LISA. In de laatste managementrapportage schetste zijn dienst een ‘worst-case scenario’, waarbij de extra kosten kunnen oplopen tot 2 miljoen euro.
Dat plaatje bevestigt departementshoofd ITO, IT Infra & Operations René van Arnhem. ‘We worden geconfronteerd met prijsstijgingen van 30 tot 40 procent. Ook zien we dat de levertijden oplopen naar twee tot drie maanden, waar dit eerst nog twee à drie weken was’, aldus Van Arnhem.
Dagprijzen
Leveranciers gaven al prijswaarschuwingen door, vanwege schaarste aan datadragers zoals DDR-5-geheugen en SSD-opslag. Wat Van Arnhem ook begreep van leveranciers was dat de ‘prijsvastheid’ sterk afnam. ‘Veel fabrikanten kunnen hun prijzen nog maar maximaal een maand garanderen. Sommige werken inmiddels zelfs met dagprijzen.’
Door die schommelingen ziet LISA dat offertes die de UT aanvraagt nog maar twee weken geldig zijn. Toch, ook al is er sprake van vertraging en hogere prijzen, de apparatuur wordt nog steeds wel geleverd, aldus Van Arnhem.