Raad van State kraakt nieuwe tegemoetkoming voor pechstudenten

Twee tegemoetkomingen voor het mislopen van de basisbeurs? Nergens voor nodig, zegt de Raad van State in een fel commentaar op het wetsvoorstel dat het kabinet naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

In 2015 werd de basisbeurs voor nieuwe studenten afgeschaft, maar dat was van korte duur: acht jaar later kwam de basisbeurs weer terug. Dat is wrang voor de studenten van de tussenliggende jaren, vindt de politiek, die duizenden euro’s zijn misgelopen.

De pechstudenten kregen bij de terugkeer van de basisbeurs al een tegemoetkoming toegezegd (1.700 euro voor vier jaar studie), maar de politiek vond die te mager. Daarom komt er een tweede tegemoetkoming van ruim 2.100 euro. Nu geeft de Raad van State kritiek op het bijbehorende wetsvoorstel.

Wrang
Waarom krijgen studenten die tweede tegemoetkoming eigenlijk, wil de Afdeling advisering weten. Het kabinet geeft er geen goede argumenten voor, behalve dat het anders zo wrang is voor de pechstudenten van het leenstelsel.

Is dat genoeg om eerst een miljard en later nog eens 1,4 miljard euro uit te trekken? Zo’n tegemoetkoming zou de overheid alleen in “uitzonderlijke, diepingrijpende situaties” moeten geven, vindt de Raad van State.

Zo erg was het leenstelsel nu ook weer niet, is de strekking van de kritiek. Je kunt moeilijk volhouden dat het stelsel ongeveer één miljoen (oud-)studenten in 'een klemmende situatie' heeft gebracht.

Niet verplicht
De raad had in 2022 al kritiek op de eerste tegemoetkoming. De tweede tegemoetkoming vindt de raad nog minder sterk onderbouwd. De overheid is er helemaal niet toe verplicht, onderstrepen de adviseurs.

Het is maar de vraag of mensen de twee tegemoetkomingen opvatten als 'een betekenisvol gebaar waarmee een maatschappelijke kwestie wordt afgesloten', waarschuwt de raad. Er is een risico dat mensen hierover blijven onderhandelen.

Bovendien legt het kabinet niet uit waarom de eerste betaling ‘te laag’ zou zijn en de tweede betaling wel genoeg is. 'Het is daardoor in het geheel niet duidelijk of het voorstel bijdraagt aan een behoefte aan erkenning', aldus het advies.

Algemeen belang
Het kabinet schuift de kritiek terzijde, net als bij de eerste tegemoetkoming. Er moet een betekenisvol gebaar komen, is het antwoord op de kritiek. 'Dit is niet alleen in het belang van de (oud-)studenten die het aangaat, maar ook in het algemeen belang. Met dit gebaar zet de regering een punt achter deze maatschappelijke kwestie.'

Het blijft een 'politieke afweging', zegt het kabinet. Het wil met de tweede tegemoetkoming een streep onder de kwestie zetten en stuurt het wetsvoorstel dus toch naar de Tweede Kamer, tegen het advies van de Raad van State in.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.