‘Totale academische vrijheid is een illusie’

| Rense Kuipers

Een bij vlagen vurig debat over academische vrijheid – georganiseerd door Studium Generale en U-Today - vond donderdagmiddag plaats in de Audiozaal van de Vrijhof. Zowel panel als publiek legde met name rector Tom Veldkamp het vuur aan de schenen.

‘Waar was de bescherming van het college van bestuur toen externen de academische vrijheid van meerdere BMS-wetenschappers aanvielen?’ De vraag uit het vijftigkoppige publiek kwam van hoogleraar Barend van der Meulen, die liet weten teleurgesteld te zijn in het eerdere antwoord van de rector op de stelling: ‘Het CvB zou meer moeten doen om de academische vrijheid te beschermen’.

Regeltjes en sturing

Rector Tom Veldkamp legde iets eerder namelijk uit hoe het CvB maar beperkte invloed heeft op de ontwikkelingen. ‘We hebben onze verantwoordelijkheid ten opzichte van academische vrijheid, maar er zijn limieten. De manier waarop onderzoeksfinanciering is georganiseerd bijvoorbeeld, of de verregaande bureaucratisering van de academische wereld. Er wordt veel gestuurd in financiering, de regeltjes nemen toe en onze license to operate is afgenomen.’

Van der Meulen vond dat te makkelijk en sneed de casus rondom hoogleraar René Torenvlied aan. Toen de UT de klacht over zijn Vuurwerkramprapport ontving – later niet ontvankelijk verklaard – had het college niet meteen pal voor de academische vrijheid van Torenvlied en de andere onderzoekers moeten staan en de klacht in de prullenbak moeten gooien?

Veldkamp pareerde door te zeggen dat de UT Torenvlied juist juridisch bijstond. Én dat die eerdergenoemde bureaucratisering een rol speelde. ‘Zo’n klacht wordt getoetst door een onafhankelijke commissie. De bureaucratische structuur kwam vanuit landelijke afspraken tot stand – en daar zijn we op dat moment aan gebonden. Zo werkt het.’

‘Impactdomeinen voelen als beperking’

Het meningsverschil bleek exemplarisch voor de rest van het debat: publiek en panelleden UT-wetenschappers Stefano Stramigioli, Sage Cammers-Goodwin en Julia Hermann zochten de discussie op met de rector. Die zag zichzelf meermaals gedwongen om uit te leggen dat het anders of genuanceerder ligt.

Zoals bij de tweede stelling: ‘De vier impactdomeinen van de UT zijn een zelfverkozen beperking op academische vrijheid’. Onder andere universiteitshoogleraar Detlef Lohse was het eens met die stelling. ‘Twee of drie collegeleden kunnen niet weten waar de universiteit naartoe wil’, zei hij vanuit het publiek. ‘Dat moet van onderaf ontstaan. Diversiteit in onderwerpen versterkt de universiteit.’ Nog een opmerking uit het publiek: ‘Ik hoor om me heen dat de impactdomeinen voelen als een beperking. Mensen zijn bang dat hun voorstellen of carrièrepaden minder kansrijk worden geacht, als hun onderzoek niet aansluit op de domeinen.’

'Het ideaal van universiteiten kostte eeuwen om op te bouwen, maar kan in een mum van tijd afgebroken worden' - Hoogleraar Stefano Stramigioli

Opnieuw was het aan Veldkamp om te pareren en repareren. ‘De impactdomeinen zijn optioneel, geen verplichting. Het staat iedereen vrij een andere richting te kiezen, daar rekenen we niemand op af. Wat we wel doen, is gericht wetenschappers ondersteunen die binnen deze domeinen werken, om relevante financiering te organiseren en binnen te halen. Met deze domeinen denken we maatschappelijke impact te kunnen maken. Daarvoor moet je de infrastructuur en kritische massa hebben. Die keuzes komen niet uit de lucht vallen, maar zijn historisch gegroeid.’

‘Ideaal universiteiten onder druk’

Veel van de discussiepunten gingen daarover: wanneer wordt iets van bovenaf opgelegd (top-down) of groeit iets van onderaf (bottom-up)? Dat laatste zagen de aanwezigen als een bepalende factor voor academische vrijheid: zélf als wetenschapper je keuzes kunnen maken, zonder druk van buitenaf of bovenop.

Zo hield ook panellid Stefano Stramigioli meermaals een hardvochtig pleidooi. ‘Ik maak me grote zorgen om maatschappelijke en politieke ontwikkelingen. Het ideaal van de universiteiten staat onder druk, als vrije gemeenschap van wetenschappers en studenten. Dat kostte eeuwen om op te bouwen, maar kan in een mum van tijd afgebroken worden. We worden te veel beïnvloed door politieke druk, worden te hiërarchisch. We moeten voorkomen dat we als universiteit werken als een bedrijf, in plaats van een waardegemeenschap.’

'Ik krijg zelfs het gevoel dat ik voor enkele publicaties bijna gedwongen werd tot ethics washing' - Postdoc Sage Cammers-Goodwin

Illusie

Ook de andere panelleden, BMS-onderzoekers Cammers-Goodwin en Julia Hermann, uitten hun zorgen. Hermann wees op de keuze voor de reorganisatie bij ITC, onder andere ingegeven door keuzes aan de hand van gekozen strategische thema’s door de faculteit zelf. Voor haar een rode vlag als het gaat om academische vrijheid. Cammers-Goodwin haakte in op de derde – en laatste – stelling van de middag, over dat extra financiering vanuit defensie academische vrijheid onder druk zet. Jonge onderzoekers zijn des te kwetsbaarder, vertelde ze. ‘Als postdoc weet ik hoe afhankelijk je kunt zijn van financiering van anderen. Ik krijg zelfs het gevoel dat ik voor enkele publicaties bijna gedwongen werd tot ethics washing, vanwege de afhankelijkheid van externe geldschieters.’

Zodoende koerste de middag af op de hamvraag: totale academische vrijheid, bestaat die überhaupt in een speelveld van ingekaderde externe financiering, doorgeslagen bureaucratisering en de keuzes die een universiteit zelf maakt binnen dat speelveld? ‘Nee, totale academische vrijheid is een illusie’, zei Hermann. Gevolgd door Stramigioli: ‘Maar we moeten vechten totdat we erbij neervallen om het te verdedigen.’

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.