Meer tentamenfraude, of valt dat wel mee op de UT?

| Rik Visschedijk

‘Nu toetsen digitaal en op afstand worden afgenomen, verlaagt de UT haar standaard’, zei Dick Meijer (PvdUT) vanmorgen in de Uraad. Hij spreekt over meer fraude en het verminderen van de kwaliteitseisen. Het CvB ziet dan anders en is van mening ‘dat toetsen eerlijk en goed worden afgenomen’.

Meijer, zelf wiskundedocent, putte deel uit eigen ervaring. ‘Hoe ik nu mijn toetsen afneem, vind ik niet erg valide en betrouwbaar. Dat speelt vooral bij open-boek-tentamens.’ Die bezorgdheid hoort hij vaker, zei Meijer. ‘Er is veel druk op docenten om toetsen door te laten gaan. Maar daarbij verlagen we onze standaard en we moeten ons afvragen of dat acceptabel is. Want het gaat om de kwaliteit van ons onderwijs. Dit speelt niet alleen nu. We moeten hierover ook nadenken voor komend collegejaar.’

Meijer riep het CvB ook op om minder stringent te zijn in de communicatie over het sluiten van de campus voor onderwijsactiviteiten. ‘We zeggen dat tot 1 september alles gesloten is, maar de omstandigheden zijn niet zeker. Misschien is er eind juni wel de mogelijkheid om toch deels open te gaan. Waarom zou je dat nu al uitsluiten?’

Afstudeerders

Rector Thom Palstra zei dat als de overheidsmaatregelen minder streng worden, de eerste prioriteit is om studenten die laboratoria nodig hebben om hen bachelor of masterscriptie af te ronden ruimte te geven. ‘Grote groepen studenten op de campus zijn nog niet mogelijk. Alleen al het transport via openbaar vervoer is niet te doen. Daarbij, als we toetsen op de campus aanbieden, dan moeten we die ook online beschikbaar hebben voor de studenten die niet naar de campus kunnen komen.’

Volgens collegevoorzitter Victor van der Chijs valt het nogal mee met het kwaliteitsverlies bij de digitale toetsen. ‘Van de examencommissies krijg ik terug dat het grootste deel van de toetsen voldoet in deze situatie. Natuurlijk gaat het wel eens mis, maar het algemene beeld is dat de toetsen eerlijk en goed worden afgenomen.’

Rector Thom Palstra voegde toe dat het van vitaal belang is voor de universiteit dat toetsen op een goede manier worden afgenomen. ‘Maar we moeten ook niet overdrijven. In de loop van drie jaar zien we of studenten voldoende kwaliteit hebben om de bachelor af te ronden. Dus ja, we moeten zeker zorgen dat onze toetsen betrouwbaar zijn. Als een docent daarmee in het gedrang komt, dan is de eerste stap om dit te bespreken met de opleidingsdirecteur.’

Voor Dick Meijer was het antwoord vanuit het CvB nauwelijks bevredigend. ‘Wat moet ik als docent nu doen? Uitstellen van een toets is nauwelijks een optie, er wordt veel druk gelegd om toetsen door te laten gaan. Zeker bij de engineeringopleidingen is fraude en kwaliteitsverlies een probleem.’