Instellingen moeten duidelijk zijn over ‘voorinvesteringen’

| HOP, Hein Cuppen

Minister Van Engelshoven vertrouwt erop dat instellingen de rapporten van de Rekenkamer over hun zogeheten voorinvesteringen alsnog delen met de medezeggenschap. Doen ze dat niet, dan kan dat het overleg over de kwaliteitsafspraken frustreren.

De Tweede Kamer broedt nog steeds op mogelijkheden om ‘pechstudenten’ tegemoet te komen die tussen 2015 en 2017 geen basisbeurs meer ontvingen, maar nog niet profiteerden van beter onderwijs.

Dankzij de miljoenen die beschikbaar komen sinds de basisbeurs is afgeschaft, kunnen hogescholen en universiteiten vanaf 2018 extra investeren in hun onderwijs. In afwachting daarvan beloofden zij dat ze daar uit eigen vermogen alvast een begin mee zouden maken tussen 2015 en 2017. De Algemene Rekenkamer, die onderzoek deed naar deze zogeheten ‘voorinvesteringen’, concludeerde echter dat veel instellingen die belofte niet hebben waargemaakt.

Dupe

Regeringspartij CDA riep het kabinet dit voorjaar op om de studenten die daarvan de dupe werden alsnog te compenseren. Maar minister Van Engelshoven maakte duidelijk dat er geen landelijke regeling zou komen. Studenten die zich tekortgedaan voelden, moesten een eventuele compensatie maar – via de medezeggenschap – met het instellingsbestuur zien te regelen.

De vertrouwelijke rapporten die de Rekenkamer maakte over de voorinvesteringen per instelling kunnen daarbij behulpzaam zijn, benadrukt de minister nogmaals in antwoord op nieuwe Kamervragen. Met de hogescholen en universiteiten heeft ze afgesproken dat de besturen deze rapportages zullen delen met de medezeggenschap. Hoeveel instellingen dat inmiddels gedaan hebben, weet ze niet. Ze zijn dit niet wettelijke verplicht, maar de minister vertrouwt erop dat dit alsnog gebeurt bij de besprekingen over de inzet van de leenstelselmiljoenen vanaf 2019.

Onbevredigend

Als een instelling zich onverhoopt niet aan de afspraak houdt of als de gesprekken over de rapportages onbevredigend verlopen, dan kan de medezeggenschap daar ‘een punt van maken’. De raden kunnen ‘in het uiterste geval aangeven dat zij niet instemmen met de begroting’, aldus Van Engelshoven en daarmee de nieuwe kwaliteitsafspraken tegenhouden.

Om de druk op de ketel te houden, zal ze de Kamer in het voorjaar ‘informeren over hoe de gesprekken over de instellingsrapportages zijn verlopen’.