‘Negenhonderd extra wooneenheden nodig op campus’

| Rense Kuipers

Op basis van de instroomprognoses zijn in 2020 negenhonderd extra woongelegenheden nodig, idealiter op de campus. De UT wil geen woonfaciliteiten meer in beheer hebben en zoekt externe partijen voor de bouw.

De UT is op dit moment nog eigenaar van een aantal woonfaciliteiten, maar wil deze onder voorwaarden afstoten. Het gaat om het Logica-gebouw, dat nu, naast vergaderruimtes, ook plek biedt aan ATLAS-studenten. Het ITC-hotel in de binnenstad is voorlopig ook eigendom van de UT en wordt bewoond door studenten van de ITC-faculteit. Daarnaast huurt de UT studentenkamers in het Stadsweide-pand in de stad. De huur van deze kamers wordt jaarlijks afgebouwd.

Die woonfaciliteiten zijn bij elkaar opgeteld goed voor vijfhonderd wooneenheden, waar vervanging voor gevonden moet worden. ‘Maar we gaan de nieuwe woonruimtes niet zelf bouwen. Dat is niet onze taak als universiteit’, zegt programmamanager huisvesting, Amir Ametovic. ‘De prognoses van de instroomcijfers laten zien dat we daarnaast nog ruim vierhonderd extra wooneenheden nodig hebben, los van de 445 studio’s die binnenkort in de Hogekamp komen.’

Het is de nadrukkelijker wens dat die woningen op de campus komen. ‘Het doel is om zoveel mogelijk studenten op het UT-terrein te huisvesten. We beseffen terdege dat er haken en ogen aan dit plan zitten. Denk alleen al aan de bestemmingsplannen van de campus en zijn gebouwen. Voordat we in gesprek gaan met externe partijen over de bouw van woningen, moeten we in goed bestuurlijk overleg met onder andere de gemeente Enschede afstemmen wat wel en niet mogelijk is.’

Haast

De komende maanden moet er volgens Ametovic meer duidelijkheid komen over die mogelijkheden. Hij weet dat er haast mee gemoeid is, als er over twee jaar honderden extra woonplekken op de campus moeten zijn. ‘Maar eerst moet bijvoorbeeld de gemeente Enschede een nieuw college van B&W hebben’, zegt Ametovic. ‘Mochten we tegen plan- en bouwbeperkingen aanlopen op de campus, dan houden we bijvoorbeeld ook Kennispark in het vizier als mogelijke locatie.’