RoboTeam Twente vierde in de poule

| Rik Visschedijk

Opluchting en blijdschap bij het RoboTeam Twente, zij scoorden vandaag hun eerste doelpunt in de RoboCup. Een wedstrijd winnen lukte nog niet. Met twee gelijke spelen en twee keer verlies eindigen ze als vierde in de poule.

Deze ochtend, dag twee van het toernooi, zijn alle basisspelers functioneel. Bij de reserve is de ‘main controller’ kapot. Ook de kicker, de robotische evenknie van de voet, begeeft het vlak voor de eerste wedstrijd.

Maar toch, na de technische mankementen van gisteren is teamleider Ewoud Croll blij met zes fitte robots. ‘Boven verwachting’, zegt hij. RoboTeam Twente bijt vandaag het spits in de poule af tegen UBC Thunderbots uit Canada. Zij verloren gisteren twee wedstrijden tegen de favorieten. Dat kwam vooral door technische mankementen. Die problemen lijken bij de Canadezen ook opgelost te zijn.

In de praktijk uitvoeren

Het RoboTeam werkte gisteren tot 23 uur door, het tijdstip waarop ze door de organisatie vriendelijk doch dringend verzocht werden om de hal te verlaten. ‘We hebben de programmeercode weer teruggezet’, legt Croll uit. Want tussen de wedstrijden paste het team de code aan. ‘Maar dat gaf weer nieuwe problemen. Nu hebben we het wat voorzichter opgebouwd. In theorie werkt het, we zullen zien of de robots het op het veld ook uitvoeren.’

In de wedstrijd is de verbetering, ook voor een robotvoetbal-leek, meteen te zien. De robots manoeuvreren handiger, maken minder fouten en schieten vooral met scherp. ‘Gisteravond heb ik de kicker langer gemaakt’, zegt Rick Timmer (mechanica). ‘Daarmee hebben ze – zeg maar - een grotere voet om te schieten.’

Een aantal robots heeft ‘losse veters’

Terug naar vandaag, dag 2 van de competitie. Vroeg in de wedstrijd is het raak: 1-0 voor RoboTeam. Robot ‘Frank’ neemt een doeltrap, ineens in het vijandelijke goal. En daarmee is de ban gebroken; het gedroomde eerste doelpunt is daar. De voorsprong houdt niet lang stand. Al snel maakt de tegenstander de 1-1. Een aantal robots heeft ‘losse veters’, ze rijden niet goed meer. In de rust probeert het team ze op te lappen. 

Slijtageslag

De tweede helft wordt een slijtageslag. Het RoboTeam speelt een groot deel van de wedstrijd met vier in plaats van zes robots. Maar het verdedigen gaat goed. Ook bij de tegenstander vallen robots uit, wat de patstelling compleet maakt. Het eindsignaal lijkt voor alle robots een verlossing. ‘Maar wat geweldig dat we scoren’, jubelt teamleider Croll.

Het RoboTeam heeft een paar uur om de robots weer op te lappen. Ook Boi Okken (elektronica) loopt met een geïmproviseerd verband om zijn teen. ‘Een robot viel van tafel. Ik wilde de val breken met mijn voet’, zegt hij. Maar mens en machine kunnen door; voor de tweede wedstrijd zijn weer zes robots paraat.

En dan volgt veruit de beste wedstrijd tot nu toe. Het resultaat is dan wel een 2-0 verlies, maar zeker in de eerste helft is het niveau hoog. Verdedigend staat het als een huis en aanvallend komen er passes door zoals we nog niet gezien hebben. De tegenstander, het Colombiaanse STOx’s, is een gevaarlijke. Alle voorgaande wedstrijden wonnen ze met grote cijfers. Het RoboTeam komt in de eerste helft na een mooie aanval op achterstand, maar is gelijkwaardig.

Lek boven

In de tactiek en de aansturing lijkt het lek nu echt boven. Nu moeten de robots nog betrouwbaarder worden. De eerste helft eindigen ze met vier spelers, en dat resulteert in nog een tegendoelpunt. Maar, het team mag met opgeheven hoofd de andere resultaten in de poule afwachten. Een gelijkspel tussen RoboJackets en UBC Thunderbots betekent dat de Enschedeërs derde worden en door mogen in het hoofdtoernooi.

Het grootste deel van team kijkt naar die wedstrijd, ze klappen bij de gelijkmaker. Maar helaas voor de Enschedeërs; UBC Thunderbots wint. Daarmee houdt het niet op voor het RoboTeam. Zij komen morgen in actie tegen een nummer vijf uit een andere poule in de ‘lower tournament’. Teamleider Ewoud Croll: ‘Natuurlijk jammer dat we het hoofdtoernooi net niet halen. De verschillen zijn klein en we worden steeds beter. We zijn hier nog niet klaar.’