Komende jaren 463 extra woningen nodig

| Rik Visschedijk

De UT heeft over drie jaar behoefte aan zo’n 463 extra wooneenheden voor studenten, medewerkers en gasten. Die toename heeft alles te maken met de internationalisering van de campus. De universiteit wil niet zelf het risico dragen, maar kiest voor nauwe samenwerking met aanbieders van woonruimte. Dat staat in de huisvestingsnota die de URaad vandaag bespreekt.

Photo by: Rikkert Harink

In de zomer van 2016 was er onvoldoende woonruimte beschikbaar in Enschede, vooral voor internationale studenten. ‘Dat probleem willen we voorkomen’, zegt vice-voorzitter van het CvB Mirjam Bult. Ze geeft aan dat goede huisvestigingsmogelijkheden passen bij de profilering van de UT en bij goed werkgeverschap. ‘Wij willen de most welcoming university zijn. Daarom moeten we de markt en de huisvestingsbehoefte goed kennen.’

Risico

De kern van de huisvestingsnota: de UT wil niet zelf risicodragend zijn bij de huisvesting van studenten en medewerkers. ‘Het zelf beschikbaar stellen van wooneenheden geeft een té groot financieel risico, bijvoorbeeld bij leegstand’, zegt Bult. ‘Juist de markt, de aanbieders van woonruimten, heeft veel kennis en kunde. Onze rol is om duidelijke afspraken te maken met die markt. En we moeten veel beter dan nu het geval is in kaart brengen hoeveel wooneenheden we verwachten nodig te hebben en vooral ook het soort woningen. Want de vraag bij studenten is weer heel anders dan bijvoorbeeld bij een onderzoeker met een gezin.’

De UT kan woonruimte garanderen door gestructureerd overleg met aanbieders in de markt. ‘Uit gesprekken blijkt dat bijvoorbeeld De Veste en Camelot het niet per se nodig vinden dat wij vooraf garant staan, zoals dat nu in een aantal gevallen wel het geval is’, zegt Bult. ‘Ze hebben juist behoefte aan duidelijkheid over de woonwensen zodat zij daar op kunnen inspelen. Daarom gaan wij monitoren wat die vraag is en we kijken ook of we deze werkwijze met commerciële aanbieders kunnen invoeren.’

Doelgroepen

De UT onderscheidt grofweg drie doelgroepen in de huisvesting. Een aantal groepen, bijvoorbeeld de zogenoemd visumplichtigen, krijgen gegarandeerd woonruimte, bij voorkeur op de campus. Ook de ATLAS- en ITC-studenten vallen onder de garantie vanwege het onderwijsconcept. De UT zal actief bemiddelen voor de groep Europese studenten en medewerkers zodra duidelijk is dat ze naar Enschede komen. Voor de resterende groepen, dus vooral de Nederlanders moet er een duidelijk portal komen, waar vraag en aanbod aan elkaar gekoppeld zijn.

‘Voor een groot deel gaat het ook om verwachtingsmanagement’, vult hoofd internationalisering Sander Lotze aan. ‘We gaan meteen met mensen in gesprek die naar de UT komen en leggen hen de procedures uit. Als je van binnen Europa komt, kunnen we meteen adviseren om niet alleen op een wachtlijst te staan, maar ook zelf op zoek te gaan. Wij maken dan duidelijk hoe je dat doet en waar je moet zijn.’

Coöptatie

Een gevoelig punt is de coöptatie, waarbij bewoners van studentenhuizen zélf hun nieuwe huisgenoten kiezen. Op de campus gaat het om ongeveer 1800 kamers die op deze wijze door verhuurder De Veste gevuld worden. ‘Dat verhoudt zich slecht met de internationalisering en er gaat voor een deel een perverse werking vanuit’, zegt Bult. ‘Het huidige systeem belemmert internationale studenten in het vinden van woonruimte. Natuurlijk heeft coöptatie ook een kracht, omdat je prettige woongemeenschappen krijgt. Maar we moeten echt naar een ander systeem toe; daar gaan we met De Veste en de Student Union naar kijken. En er komt een pilot met omgekeerde coöptatie: eerst een internationale student plaatsen, die vervolgens de medebewoners uitkiest.’