Decaan GW 'belazerd' door Stapel

| Redactie

Van de 55 artikelen van Diederik Stapel die als frauduleus zijn bestempeld, publiceerde hij er één met een UT’er, namelijk Karen van Oudenhoven. Dat blijkt uit de lijst met besmette artikelen uit het eindrapport over de Tilburgse hoogleraar. GW-decaan Van Oudenhoven was coauteur van een artikel uit 2006. Ze vindt dat haar niets te verwijten valt en voelt zich bedrogen door Stapel.

Stapel en Van Oudenhoven publiceerden in 2006 het artikel The self salience model of other-to-self effects in het tijdschrift Journal of Personality and Social Psychology. Het gaat over de invloed die interactie met anderen heeft op ons zelfbeeld. Van Oudenhoven werkte in die periode, net als Stapel, in Groningen. In het voorjaar van 2012 werd ze benoemd tot decaan van de faculteit Gedragswetenschappen aan de UT.

Van Oudenhoven werkt binnen de psychologie op een ander vakgebied dan Diederik Stapel. Het frauduleuze artikel is de enige keer dat ze met de ontmaskerde hoogleraar samenwerkte. ‘Stapel heeft me bij dit artikel betrokken vanwege mijn expertise op het gebied van de persoonlijkheidsleer.’ Van Oudenhoven speelde een belangrijke rol bij de opzet van de studie en de begeleiding van studentassistenten die onderzoeksmateriaal moesten invoeren. ‘Ik heb meegeholpen aan het schrijven van de theoretische indeling. Stapel heeft de data geanalyseerd.’

Op welke manier Stapel in dit artikel gefraudeerd heeft, weet ze niet, en volgens de onderzoekscommissie valt dat ook niet meer te achterhalen. Van Oudenhoven heeft toen de fraude bekend werd contact gezocht met de studentassistenten die destijds de data invoerden. ‘Zij hadden niets vreemds opgemerkt. Ik vermoed dat de fraude heeft plaatsgevonden tussen de uitvoer van de analyses en de presentatie van de resultaten. Maar dat kan ik niet met zekerheid zeggen.’

‘Verschrikkelijk belazerd’

Toen ze van de Groningse onderzoekscommissie hoorde dat Stapel hun gezamenlijke artikel als frauduleus had aangemerkt, voelde Van Oudenhoven zich ‘verschrikkelijk belazerd’. Ze vindt niet dat haar iets te verwijten valt. ‘Ik ben slachtoffer van misleiding. Het is gebruikelijk dat de hoofdauteur de data analyseert. Ik heb het artikel wel gelezen en becommentarieerd. Je controleert wat de ander opschrijft, maar je gaat niet alles overdoen wat hij achter zijn computer heeft gedaan. Dan bedrijf je wetenschap op basis van wantrouwen.’

Van Oudenhoven vindt dat ze beschadigd is door de kwestie, maar benadrukt dat het om een incident gaat. ‘Het is één artikel waarbij ik ben bedrogen. Ik heb een lijst van zo’n vijftig internationale publicaties, de meesten in een heel andere hoek van de psychologie.’ De grootste schade is volgens haar voor de promovendi die door Stapel benadeeld zijn. Ook de reputatie van de wetenschap is aangetast. ‘Ik zie voor mij een rol weggelegd om die reputatie te redden. Als decaan wil ik de verantwoordelijkheid nemen om te zorgen voor een gezonde wetenschappelijke cultuur.’

Van Oudenhoven heeft dit incident niet kenbaar gemaakt bij de integriteitscommissie die de UT instelde om (vermoedens van) fraude te onderzoeken. Omdat ze ook nog een hoogleraarsaanstelling heeft in Groningen en het artikel in haar Groningse periode is geschreven, heeft ze over deze Stapel-publicatie steeds contact gehouden met de decaan van die universiteit. Die heeft aangegeven dat haar geen schuld treft. Tijdens haar sollicitatie bij de UT heeft Van Oudenhoven haar artikel met Stapel ter sprake gebracht. Dat heeft geen rol gespeeld bij haar aanstelling omdat duidelijk was dat haar niets te verwijten valt, aldus Van Oudenhoven.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.