Biertappende minister

| Redactie

‘Één zwaluw maakt nog geen zomer’, zegt demissionair minister van Financiën, Jan Kees de Jager. ‘De recessie is technisch voorbij, maar dat is echter één lichtpuntje op nog een lange weg die komen gaat. Het vertrouwen in het herstel kost nog veel meer tijd.’ De Jager deed de uitspraak gisteren, maandagavond 2 juli, in de kroeg van studentenvereniging A.S.V. Taste.

Onder het genot van een biertje konden de ongeveer zestig aanwezige studenten brandende vragen stellen. Een avond waarop de aspiranten zich niet lieten afschrikken en ook de moeilijke vragen op het bord van de staatsecretaris neerlegden.

De Jager moest zijn eigen bedrijf opzij schuiven om de ministerpost te aanvaarden. Naar zijn mening kon hij als politicus echt dingen gaan veranderen. ‘In een korte tijd moesten er moeilijke beslissingen genomen worden en kreeg ik als minister veel verantwoordelijkheden. Ik heb mij voornamelijk beziggehouden met drie grote problemen; het op orde brengen van het huishoudboekje, de Europese schuldencrisis en de financiële markt.’

De problemen rond de schuldencrisis zijn volgens De Jager al tot stand komen ten tijde van de Euro. ‘De afspraken die waren gemaakt, werden niet nageleefd. En daar werd niet hard tegen opgetreden. De risico’s waren onderschat en die fouten zijn de afgelopen 15 jaar gegroeid. Nu kunnen we niet zomaar een schakelaar omzetten. Er zijn hervormingen en bezuinigingen voor nodig.’ De structuur van de Eurozone moet versterkt worden, zegt De Jager. ‘Ondertussen boren we noodfondsen aan, want als je gewond bent, moet je immers eerst een noodverband aanleggen.’

De vragen die gesteld werden door de studenten kwamen uit verschillende hoeken. ‘Hoe lang gaan we als burger door met het betalen voor de landen die in de problemen zijn?’ Volgens de minister krijgen we ook heel veel terug van Europa. ‘Het levert meer op dan dat het kost. Met man en macht moeten we voorkomen dat de Eurozone uit elkaar valt.’

De discussie maakt dorstig. Het is tijd voor bier, eigenhandig getapt door de demissionair minister, wat hem goed afgaat. ‘Het was een bizarre en uitdagende tijd om minister te zijn. Het was een voorrecht om in deze crisistijd mijn werk te mogen doen, maar het is ook heel veeleisend geweest. Ik heb soms dagen gemaakt van twintig uur en dus heel weinig slaap, echter blijf ik in saldo toch positief over mijn tijd als minister.’

Simone Kramer

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.