‘Waar moet ik straks roken?’

| Leon Holweg

Eerst waren er de groene strepen voor de gebouwen, toen de symbolen verboden te roken op de grond, later de rookhokjes en nu is het einde verhaal voor de sigarettenpeuk. Roken op de campus mag vanaf 30 maart volgend jaar niet meer. Wat vindt de rokende en de niet-rokende UT’er ervan?

Zoe Chambre (20, uitwisselingsstudent uit Frankrijk en roker): ‘Voor mij maakt het niet heel veel uit, aangezien ik hier maar tot juli ben. Ik vind het vooral jammer dat veel studenten er een rotzooi van maken. De asbakken en rookzones staan er niet voor niets. Toch denk ik dat het onrealistisch is om het roken op de campus helemaal uit te bannen. Er zullen altijd mensen zijn die er niets op uit doen en lekker doorroken. Hoe wil je het verbod handhaven?’

Benedikt Glinksi (24, psychologiestudent en roker): ‘Ik rookte acht jaar lang een pakje per dag. Wegens financiële en gezondheidsredenen, stapte ik over op e-sigaretten. Ik snap wel dat het verbod er komt. Ik stoor mij ook aan al die sigarettenpeuken die overal liggen. We kunnen de rokers beter belonen als ze hun peuk wél opruimen. Ik denk namelijk dat een verbod geen zin heeft. Je kunt onmogelijk de hele campus inspecteren. De echte rokers blijven volharden. Ik ben blij dat ik al zo goed als gestopt ben.’

Sophie Kroezen (20, student Creative Technology en niet-roker): ‘Ik vind het goed dat het gebeurt. Zelf rook ik niet en ik heb het ook nooit gedaan. Maar zoals gezegd, vind ik het prima dat het verbod er komt. Rokers staan vaak vlakbij de ingangen van gebouwen en blazen die rook uit. Dat komt dan weleens in mijn gezicht. Dat vind ik niet zo smakelijk.’

Coby Achterberg (Medewerker Appél en roker): ‘Ik vind het waardeloos. Ik hecht veel waarde aan mijn kwartiertje pauze met een sigaretje erbij. Waar moet ik straks nog roken? Ik ben zeker niet van plan om te stoppen. We moeten meer fietsen hebben, zodat we snel van het terrein af kunnen. Ach ja, we zien wel’, verzucht ze.