Oud-hoogleraar Floris Cohen schreef ‘De Ideale Universiteit’

| Rense Kuipers

Oud-UT-hoogleraar Floris Cohen schreef het onlangs verschenen boek ‘De Ideale Universiteit’. Cohen ontwerpt in 128 pagina’s wat hij een ‘whbo-instelling’ noemt, met de geesteswetenschappen als kloppend hart. Het gaat hem erom te bedenken wat er allemaal kan als de ‘twee grote perverse financieringsprikkels’ worden opgedoekt.

Waarom voelde u zich geroepen dit boek te schrijven?

‘Aan het eind van een presentatie, vorig jaar mei, van Eelco Runia’s boek Genadezesjes wees de discussieleidster erop dat de discussie anderhalf uur lang was gegaan over hoe het niet moet, maar niet over hoe dan wèl. ‘Daar heb je gelijk in’, dacht ik op de fiets terug naar huis. Meteen ging van alles bij me gisten, en binnen een maand had ik 128 pagina’s op het scherm staan die ik vervolgens aan mijn vaste uitgever, Prometheus, heb aangeboden.’

'Ik blijf niet hangen in klachten. Ik ontwerp een samenhangend, constructief alternatief'

Is dit boek geboren uit frustratie of hoop?

‘Over wat er allemaal mis is aan onze universiteiten is en wordt heel veel geschreven. Met het meeste ben ik het eens, maar in mijn eigen boek ben ik op wat anders uit. Ik neem de frustratie die zo zichtbaar en hoorbaar leeft bij heel wat docenten, promovendi en ook studenten, als gegeven aan. Maar ik blijf niet hangen in die klachten. Ik ontwerp een samenhangend, constructief alternatief. Daarmee wil ik vooral de fantasie van de lezer prikkelen. Ik zeg: ‘kijk, het kan ook anders, bijvoorbeeld op de manier die ik schets’. Maar dat is wel in de hoop dat de lezer reageert met: ‘maar op die of die manier kan het ook!’ en dat er dan vanuit al die mogelijke alternatieven naar iets grondig nieuws toe wordt gewerkt.’

‘Mag ik de kern van mijn pakket aan concrete voorstellen even opnoemen? Allereerst het opdoeken van de twee grote perverse financieringsprikkels, die neerkomen op: hoe meer afstudeerders en hoe meer promoties, des te meer geld per universiteit. Verder schroom ik niet om tal van ooit heel nuttige maar inmiddels vooral remmend werkende instituties af te schaffen, bijvoorbeeld NWO en de NVAO, of drastisch in te krimpen, bijvoorbeeld DUO.’

Wat staat daartegenover?

‘Veel positiefs. Ik noem maar wat: primaat van het onderwijs; nauw samengaan van universiteit en hoger beroepsonderwijs, met name op het niveau van de vakgroep. Beleidsbepaling en -voorbereiding van onderop, dus professionele autonomie. Die wordt natuurlijk wel ingeperkt door het geregeld afleggen van verantwoording, maar dan in eigen bewoordingen, niet via al die van wantrouwen-bij-voorbaat walmende formulieren. Bovenal hecht ik aan brede academische vorming voor elke tweedejaars student. In mijn ideale universiteit wordt die verzorgd vanuit de geesteswetenschappen, als kloppend hart van wat universiteiten daadwerkelijk tot universiteiten maakt en tot inspirerende krachtcentrales van maatschappelijk debat op basis van feiten en zakelijke argumenten. Geen student kan in mijn ideale universiteit afstuderen zonder een degelijke vorming op dit gebied.’

'Ik heb aan mijn Twentse periode bewondering overgehouden voor de ontwerpende houding die veel collega’s kenmerkte'

Floris Cohen

Floris Cohen was van 1982 tot 2001 hoogleraar geschiedenis van de natuurwetenschap aan de UT. Later aan de Universiteit Utrecht. In 2008 won de emeritus hoogleraar de Eureka!-prijs voor zijn boek ‘De herschepping van de wereld’.

Wat heeft u uit uw UT-tijd meegenomen en vertolkt in dit boek?

‘Heel wat. Immers, in die jaren ‘80/’90 is juist hier aan de UT de omslag naar de ‘ondernemende universiteit’ begonnen. Zie ook de columns die ik in die tijd schreef in de wetenschaps- en onderwijsbijlage van het dagblad Trouw. En verder heb ik aan mijn Twentse periode bewondering overgehouden voor de ontwerpende houding die veel collega’s kenmerkte, en die ik, tot mijn eigen verrassing, nu in dit boek zelf ben gaan beoefenen.’

U breekt best wat zogenoemde heilige huisjes af. Weg met de scheiding tussen hbo en wo, weg met beleidsmedewerkers, weg met de N(V)AO en bovenal: weg met NWO…

‘En zo wordt weer alles negatief geformuleerd. Mijn boekje is van a tot z opbouwend ingesteld. Over wat er allemaal mis is verschijnen al jaar in jaar uit kritische beschouwingen. Daar bouw ik op voort door stelselmatig na te denken over wat je ervoor in de plaats kunt stellen. Ik formuleer het dus liever positief: laten we profiteren, op het niveau van de vakgroep, van wat docenten en studenten aan de universiteit en in het hbo elkaar te bieden hebben. Laten we de beleidsvoorbereiding bij de vakmensen zelf leggen, op het niveau van die vakmensen onder elkaar. Laten we een strenge kwaliteitstoetsing zo herinrichten dat wetenschappers zich beoordeeld weten door vakgenoten die ook echt lezen wat ze als hun beste werk ter beoordeling opsturen. Herstel de onderwijs/onderzoek-combi tot in de taakomschrijving van elke docent toe, waarbij het onderzoeksbeleid en de onderwijsprogrammering tot stand komen op de werkvloer waar die thuis horen.’

‘De Ideale Universiteit’ is nu een tijdje uit. Welke reacties kreeg u?

‘Zoals te verwachten viel: heel wisselend. Sommigen pikken er een enkel onderdeel van mijn ontwerp uit, importeren dat in de huidige situatie, en gaan dan uitleggen dat dat niet gaat. Anderen leggen meer de nadruk op de eigenlijke strekking. Natuurlijk is de werkelijkheid weerbarstig. Mijn boekje is daarom uitdrukkelijk niet als blauwdruk opgezet. Maar ik bouw ook geen luchtkasteel, daar is mijn ideale universiteit weer te concreet en te specifiek voor ingericht. Laten we, na alle vaak heel juiste kritiek, er nu een positieve discussie van maken.’


‘De Ideale Universiteit’ verscheen vorige maand via uitgeverij Prometheus.