‘Een band is om je broek mee op te houden’

| Jelle Posthuma

Freddy Lufting (63) geeft sinds 1994 Taekwondo-lessen aan de leden van V.A.S. Arashi, de vechtsportvereniging van de UT. Hij verkreeg onlangs de hoogst haalbare graad in Nederland en mag zich Grootmeester noemen. ‘Voor mij is het meer dan een graad. Taekwondo is een way of life.’

Photo by: Arjan Reef

‘De weg van voet en vuist’, zo luidt de letterlijke vertaling van Taekwondo uit het Koreaans. Zo’n twintig Arashi-leerlingen volgen geconcentreerd de aanwijzingen van hun grootmeester Freddy Lufting. Vandaag staat de techniek centraal. Ze oefenen de stijlvormen van Taekwondo. In totaal kent de sport 17 oefenvormen, opklimmend in moeilijkheidsgraad. De leerlingen voltooien een serie gecontroleerde bewegingen, afgesloten met een soort oerkreet: de kihap. ‘Het geluid spoort je lichaam aan en heeft een afschrikwekkende functie.’ Dat klopt, de kreten vullen de verder doodstille zaal.

Om acht uur, na twee uur training, geven de leerlingen hun meester een hand. De boksers van Buitenwesten staan voor de deur te trappelen. In de kantine van het sportcentrum drinkt Freddy een kop koffie. Twee studenten van Arashi vergezellen hem.

Eind vorig jaar bekroonde je jouw carrière met de zevende dan. Niet iedereen is bekend met deze graad. Wat is de zevende dan precies?

‘Het is het hoogste taekwondo-examen dat je in Nederland kunt afleggen. Ik heb me een jaar voorbereid op de test. Op het examen in Lent, bij Nijmegen, moest ik drie verschillende oefenvormen laten zien en een breektest uitvoeren, waarbij je zeven planken met de voet en de hand breekt. Daarnaast heb ik een scriptie geschreven over weerbaarheid: hoe om te gaan met agressie. De zelfverdediging (‘hoshinsul’) stond centraal in mijn thesis. Voor mij is een dan meer dan een graad alleen. Het is een way of life, waarin discipline en respect centraal staan.’

Hoe bedoel je dat?

‘Een zwarte band halen is één, maar dat betekent nog niet dat je een zwarte band bent. In de sportschool heb je een voorbeeldrol. Mijn broer, die net zo lang aan taekwondo doet als ik, zegt vaak: ‘’een band is om je broek mee op te houden’’. Iemand met een zwarte band kan evengoed respectloos zijn. Ooit vroeg een student mij wanneer hij zijn zwarte band kon halen. Het was zijn eerste les. ‘’Vanmiddag’’, reageerde ik. ‘’Loop naar de sportwinkel en koop een zwarte band’’. Ik denk dat hij te veel Bruce Lee-films had gezien.’

Ruim twintig jaar geleden kwam Lufting naar de UT om Taekwondo-les te geven. De voormalig directeur van het sportcentrum, Wim van Veelen, vond karate te agressief. Taekwondo kon wel door de beugel en zo kwam Lufting op de campus terecht. ‘Over dat agressieve heb ik verder geen mening. Ik veroordeel andere sporten niet.’

(Tekst gaat verder onder de foto)

Hoe is het eigenlijk om les te geven aan studenten?

‘Studenten zijn recreatief bezig. Daar moest ik in het begin wel aan wennen. Het overgrote deel van de studenten komt voor ontspanning. Ik gaf les bij Hantei in Oldenzaal en later in Enschede bij Schuttersveld. Daar was het fanatieker, omdat er getraind werd voor stijl- en sparwedstrijden. In het begin had ik daar moeite mee, maar ik heb mij aangepast. Studenten zijn reflectiever dan andere leerlingen. Ze komen facultatief en vragen waaróm ze iets moeten doen. Deze feedback motiveert mij en ik pas het toe in mijn lessen.’

Wat probeer je jouw leerlingen bij te brengen?

‘Taekwondo gaat om fysieke en mentale training. Het is niet alleen een sport: we voeden mensen op. Ik zie studenten groeien tijdens mijn lessen. Ze krijgen meer zelfvertrouwen, uitstraling, respect en waardering. Het gejaagde Westen moeten ze laten varen.’

Heb je taekwondo eigenlijk wel eens op straat gebruikt?

‘Ik ben wel eens aangetikt in de kroeg. Hij wilde meteen naar buiten. Toen ben ik rustig mee naar buiten gelopen. Eenmaal buiten vroeg ik wat hij wilde. Het gaat erom dat je rust en zelfvertrouwen uitstraalt. Ik gaf duidelijk mijn grenzen aan en had geduld. Hij werd daar zo rustig van dat we uiteindelijk samen een biertje dronken aan de bar. Ik leer de studenten dat je nooit mag beginnen met slaan, maar blijf wel scherp. Op straat kun je een idioot tegenkomen die jou probeert te molesteren.’  

Je hebt een carrière van ruim 35 jaar achter de boeg. Hoelang ga je nog door met taekwondo?

‘Ik ben nu 63, maar er is een verschil tussen kalenderleeftijd en geestelijke leeftijd. Zolang ik het nog leuk vind, ga ik door. En ik wil nog een keer naar Korea, de bakermat van het taekwondo. Daar ben ik nog nooit geweest. Voor mij zou dat een soort pelgrimstocht zijn.’