Plannen kennisveiligheid: geen screening voor studenten, minder vakgebieden ‘sensitief’ verklaard

De overheid moet preciezer zijn bij de bescherming van gevoelige kennis, meent minister Letschert. Studenten hoeven misschien niet gescreend te worden en ze overweegt ook minder onderwerpen ‘gevoelig’ te noemen.

Photo by: martijn beekman

Nederlandse hogescholen en universiteiten hebben veel kennis in huis die ook voor andere landen interessant is. Dat brengt risico’s met zich mee: sommige landen doen van alles om deze kennis te stelen om hun eigen regime te versterken.

In 2022 kondigde toenmalig onderwijsminister Robbert Dijkgraaf daarom een screening aan van onderzoekers en masterstudenten in ‘gevoelige’ vakgebieden. Dat plan leidde tot veel verontwaardiging, vooral bij de universiteiten. Zij vreesden dat Nederland hierdoor minder aantrekkelijk zou worden voor internationaal talent. 

Zo’n brede screeningswet is echter 'niet haalbaar', schreef minister Rianne Letschert begin juni in een brief aan de Tweede Kamer. Nu komt ze met een alternatief: een ‘smalle’ screening. Ze gaat onderzoeken of die wél uitvoerbaar is. 

Keuzes maken 

Bij een beperkte screening moeten er keuzes gemaakt worden, stelt de minister. Het lijstje met sensitieve technologieën moet korter worden. Welke vakgebieden overblijven kan ze nog niet zeggen. 

Daarnaast wil ze minder mensen laten screenen. In het eerdere voorstel zouden naast onderzoekers ook masterstudenten worden gecontroleerd. De minister overweegt de studenten buiten beschouwing te laten en zich alleen op onderzoekers te richten. 

Letschert wil ook voorkomen dat er straks strengere regels gelden voor het hoger onderwijs dan voor bedrijven. Er moet 'een gelijk speelveld' zijn, vindt de minister. Ook in het bedrijfsleven is immers veel gevoelige kennis te vinden. Ze wil ervoor zorgen dat de regels van het ministerie van OCW en van Economische Zaken op elkaar zijn afgestemd. 

Aanzienlijke kosten 

In een reactie schrijven de universiteiten dat ook zij het belang inzien van kennisveiligheid. Ondanks de bezuinigingen hebben universiteiten flink geïnvesteerd in de bescherming van gevoelige kennis, onderstrepen ze. 

Maar niet iedere universiteit loopt evenveel risico, benadrukt koepelvereniging UNL. Je moet ze niet allemaal over één kam scheren. De vereniging wijst ook op de aanzienlijke kosten van kennisveiligheid. 

De universiteiten willen vooral voorkomen dat ze zich aan strenge en onuitvoerbare regels moeten houden. Ze nemen liever zelf de verantwoordelijkheid om hun kennis te beschermen. 

Tegelijkertijd vragen ze wel meer duidelijkheid over zogenaamde dual-use onderzoek, oftewel onderzoek dat zowel voor civiele als militaire doeleinden gebruikt kan worden. Denk aan de ontwikkeling van dronetechnologie. 

Wetenschapsgenootschap KNAW en onderzoeksfinancier NWO reageren positief op het voornemen van de minister om de screening smaller te maken. Wel wijzen ze nog altijd op de risico’s voor de academische vrijheid. Ook zou de screening onbedoeld tot discriminatie kunnen leiden. 

Andere mogelijkheden 

Naast een smalle screening kijkt de minister ook naar andere mogelijkheden. Bijvoorbeeld om kennisinstellingen te verplichten een eigen toegangsbeleid te voeren, in plaats van een screening door de Rijksoverheid. Maar ook dat moet eerst onderzocht worden. 

In het voorjaar van 2027 hoopt Letschert de Tweede Kamer te kunnen informeren over de haalbaarheid van een beperktere screening. In totaal is er 100 miljoen euro vrijgemaakt om de kennisveiligheid te waarborgen.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.