UT-postdoc met Rubiconbeurs naar VS

| Kitty van Gerven

UT-postdoc Claas Willem Visser (Physics of Fluids) mag twee jaar lang onderzoek gaan doen aan de Harvard University in de Verenigde Staten. Visser is een van de zestien jonge wetenschappers in ons land aan wie gisteren een Rubiconbeurs is toegekend.

Tijdens zijn verblijf in de Verenigde Staten gaat Visser, die in december 2014 promoveerde en onlangs door de UT werd benoemd tot meest succesvolle promovendus in de media, nieuwe mogelijkheden van het 3D printen onderzoeken. ‘3D printen wordt al volop toegepast. Alleen gebeurt dat nu nog vooral in plastic. Ik ga onderzoeken hoe je ‘moeilijke’ materialen, zoals levende cellen of metalen, het beste kunt printen’, laat Visser weten.

Artificiële organen

Wat hij vooral hoopt te ontdekken is een methode om met levende cellen te werken. ‘De grootste uitdaging is om celvriendelijke materialen te gebruiken die voldoende soepelheid bieden om te printen en daarnaast voldoende stevigheid om er vorm aan te geven.’ Op termijn zal het volgens Visser mogelijk worden om zo artificiële organen te creëren. ‘En daarmee zou dan het gebrek aan donororganen kunnen worden opgeheven’, aldus de UT-postdoc, die zich vanochtend blij verrast toonde met de toekenning van de beurs.

Onderzoeksfinancier NWO

Het onderzoek zal worden uitgevoerd binnen het Wyss Institute van de Harvard University. Visser verwacht er al dit voorjaar te kunnen beginnen. Zijn verblijf wordt bekostigd vanuit de Rubiconbeurs (vernoemd naar de rivier de Rubicon, die Julius Caesar met zijn leger overstak om de macht in Rome over te nemen), die onderzoeksfinancier NWO driemaal per jaar toekent aan veelbelovend onderzoektalent. Jaarlijks is daarmee een bedrag van zeven miljoen euro gemoeid.

De zestien gekozen wetenschappers werden ditmaal geselecteerd uit een groep van 81 aanvragers. Acht van hen, onder wie Claas Willem Visser, gaan naar de Verenigde Staten, drie naar Zwitserland en twee naar Italië. De anderen kiezen voor Groot-Brittannië, Canada en België.

De overige vijftien beurzen gingen naar vier medewerkers van de Universiteit Utrecht, een van het Universitair Medisch Centrum Utrecht, drie van de Rijksuniversiteit Groningen, twee van de TU Delft, twee van de Universiteit van Amsterdam, een van de Radbouduniversiteit Nijmegen, een van de Universiteit Maastricht en een van de TU Eindhoven.