Waterput van 34 meter diep, met de hand geboord

| Paul de Kuyper

Studenten en medewerkers van de Werkgroep Ontwikkelingstechnieken (WOT) sloegen afgelopen dagen op de campus een waterput van 34 meter diep. Helemaal met de hand. ‘Voor de prijs van een put van Unicef kunnen wij er tien aanleggen.’

Photo by: Arjan Reef

Met een hefboom, een toren, staalpijpen, een boorkop en een tuinslang kun je al een waterput slaan. ‘Het is zwaar werk, je draait de boor met de hand. Iemand anders pompt modder in de slang voor de tegendruk. Zo blijft het boorgat open’, vertelt Mark Westra.

Met enkele studenten en medewerkers werkte hij drie dagen aan de waterput van 34 meter diep. De put geldt als voorbeeld voor de workshop manual drilling die zaterdag op het WOT-terrein plaatsvindt. Wolfgang Buchner, een expert op het gebied van handboren die onder andere in Bolivia en Sierra Leone al verschillende putten sloeg, geeft dan uitleg en een demonstratie.

10 euro per meter

Het kostenplaatje is het grote voordeel van handboren, legt Westra uit. ‘Wij deden er elf uur over, hulporganisaties als Unicef kunnen dat veel sneller. Maar die komen met een grote truck aanrijden. Een put van Unicef kost al gauw 20 duizend euro. Voor die prijs kunnen wij tien putten slaan. Voor de overheid wordt dat steeds belangrijker.’

Volgens Buchner kosten met de hand geboorde putten 10 euro per meter, inclusief arbeidsloon. De diepste ooit geslagen met deze techniek is 104 meter; 30 tot 70 meter is gebruikelijker. Het water dat wordt opgepompt is bedoeld voor irrigatie en drinkwater.