Samenwerken

| Redactie

Mag ik aan u voorstellen: Universiteit Leiden, dé universiteit van Zuid-Holland met dependances in Leiden, Den Haag, Delft en Rotterdam. Een fusie-universiteit, voortgekomen uit de Technische Universiteit Delft, Erasmus Universiteit Rotterdam en de 'oude' Universiteit Leiden, die met 55.000 studenten en 11.500 medewerkers in een klap de grootste van Nederland is. Bovendien een universiteit die qua onderzoek direct in de top komt van universitaire ranglijsten, zoals de Times Higher Education, waar men alleen waarde hecht aan het feit dat hun instelling dat jaar goed scoort.  

Volgens bronnen van de NRC zullen de collegevoorzitters van de drie universiteiten deze fusie tijdens de opening van het academisch jaar bekendmaken en moet deze fusie binnen zes jaar plaats hebben gevonden. Hoewel deze (voorgenomen) fusie een enorme verandering van het hogeronderwijslandschap in Nederland zal betekenen, komt het niet uit de lucht vallen. Het is een gevolg van het rapport Differentiëren in drievoud van de Commissie Veerman, dat in de lente van 2010 gepresenteerd werd en waarvan het sleutelwoord profileren is. Eén van de manieren om dit te interpreteren is om zich te profileren als topuniversiteit en daar is massa voor nodig.

Wat dat betreft is een fusie van Leiden, Delft en Rotterdam geen verrassende stap, en in diverse media-uitingen afgelopen jaar werd al gehint naar een 'verregaande samenwerking' tussen deze drie instellingen. Deze ontwikkeling staat niet op zich. Ook die Vrije Universiteit en de Universiteit van Amsterdam zijn bezig met het onderzoeken of 'een alliantie tussen beide instellingen zinvol is', al is begin juli UvA-voorzitter Karel van der Toorn opgestapt, naar het schijnt omdat hij vond dat het proces tot fuseren/samenwerken met de VU niet snel genoeg ging.

Direct doet dit vele vragen rijzen: Wat betekenen deze ontwikkelingen voor de Universiteit Twente? Moeten wij ook gaan fuseren met andere hogeronderwijsinstellingen? Wat wordt ons profiel dan? Wie zijn onze compagnons en wie zijn onze concurrenten? Allemaal belangrijke vragen waar het College van Bestuur en de UT-gemeenschap nog dit collegejaar antwoorden op moeten formuleren, want de druk uit Den Haag is al voelbaar, zowel qua onderwijs als onderzoek. Een deel van deze vragen laat zich beantwoorden door RoUTe14+, maar vooralsnog beperkt dit zich tot algemeenheden.  We willen ons profileren als High Tech, Human Touch. Dat lijkt mij een profiel met potentie, technologie wordt steeds meer pervasive en moet dus ook bruikbaar zijn voor niet-ingenieurs, maar hoe zorgen we dat de UT haar pretenties ook waarmaakt? Kortgezegd: Wat maakt de nieuwe faculteit MB&GW High Tech en wat is de Human Touch van een instituut als MESA+?

 Ook op het gebied van allianties is nog genoeg te bediscussiëren. Binnen universitair Nederland maakt de UT deel uit van twee allianties: 3TU, een federatie met Eindhoven en Delft, en NONed, kort voor Noord-Oost Nederland, een alliantie in kinderschoenen met Wageningen, Nijmegen en Groningen. Heeft 3TU nog een toekomst, nu Delft zich focust op Leiden en Rotterdam en Eindhoven binnen de federatie vooral voor trammelant zorgt? En hoe gaat NONed zich ontwikkelen? Ruilen we af en toe een professor met Wageningen, of zijn we over een paar jaar NONed locatie Twente?

De UT staat dus voor een vol programma dit jaar. Er zijn een hoop vragen, waarvan de antwoorden een flinke impact gaan hebben op de toekomst van de Universiteit Twente. Wat mij betreft mag de discussie per direct losbranden. Niet alleen in de kamertjes van de Spiegel en de Vleugel, maar ook in alle gebouwen rond het O&O-gebied.  Dát is het gebied dat van de UT een universiteit maakt. Dáár doen wetenschappers onderzoek en volgen studenten onderwijs. En als de professoren van nu en van de toekomst goed samenwerken, ben ik ervan overtuigd dat dáár de toekomst van de UT veiliggesteld kan worden.

Beer Sijpesteijn, student Informatica

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.