Over en sluiten
Afzeiken Het duurde even, maar uiteindelijk komt het ook lekker op gang. Nu het college van bestuur de laatste puntjes op de i zet wat betreft haar strategische plannen en de daarbij behorende reorganisatie, roert het UT-volk zich met tegengeluiden. Neem nou de ingezonden brief in deze krant van professor Jurriaan Huskens. Die vergelijkt de aanpak van de UT-bestuurders met de Belgische politiek en het carnaval. Een prachtvondst! Ook de medezeggenschap komt goed op dreef. De maandelijkse overlegvergadering liep gistermorgen maar liefst anderhalf uur uit, omdat er flink gesoebat werd over allerlei plussen en minnen. De heren van het CvB hielden zich goed, maar hun gezichten spraken boekdelen: ‘wat een gezeik!’ Toevallig is er net een Amerikaans onderzoekje over zeiken afgerond. Mensen hebben namelijk vaak het idee dat het goed is om zich positief te uiten. Als je negatief praat, lijk je zo’n zeikerd. Uit dat onderzoek is nu echter gebleken dat je juist meer sympathie wint door je negatief uit te laten, althans wanneer je enigszins kunt vermoeden dat je aversie gedeeld wordt. Bij goed afgestemd gebruik is de afzeikaanpak des te effectiever om een band te smeden en plezier te hebben. Dat de drie CvB-leden altijd met één mening naar buiten komen, wisten we wel. Maar dat kunnen de overige 3.000 personeelsleden van de UT natuurlijk ook. Te beginnen op 26 mei, dan zijn we toch al gezellig met z’n allen op de been voor de zeskamp. Gaan we heel hard dingen als ‘boe!’ en ‘schande’ en ‘rot op’ roepen. Het kan niet anders dan dat die 26ste een heel gezellige middag wordt. Traditie Tja, wat moeten we hier nou weer mee, vroegen we ons af na de Batavierenrace. Gemengde gevoelens. Ze schommelden een beetje heen en weer tussen trots en schaamte, vreugde en verdriet. We waren blij dat ons universiteitsteam eindelijk eens op het podium stond. Een traditie is daarmee ten einde gekomen. Na drie jaar achtereenvolgens als vierde te eindigen, lukte het de ploeg deze keer de derde plek op naam te zetten. De daad werd bij het woord gevoegd. Een superprestatie. Indrukwekkend ook, ware het niet dat we tegelijkertijd schaamrode kaken kregen. Er ging nogal wat mis onderweg. Knullige, amateuristische dingen. Het busje werd volgegooid met benzine terwijl de wagen op diesel reed. Oeps. Het voertuig begaf het onmiddellijk en werd aan de kant gesmeten. De lopers liften creatief mee met andere busjes. De ochtend- en middagploeg kwamen met eigen auto’s. Wonder boven wonder verscheen iedereen op tijd bij de wisselpunten. Maar daar ging het ook fout. Door alle hectiek vergat iemand zijn polsbandje af te laten knippen. Oeps. Dat betekende straf. En die loog er niet om. Een boetetijd van twaalf minuten. Au, dat doet pijn! Zeker gezien de achterstand op de uiteindelijke nummer twee, Amsterdam. Slechts vijf minuten. De westerlingen hadden nog best geklopt kunnen worden. Een zuurder katergevoel kun je haast niet krijgen. Het is het allemaal net niet. Jammer hoor. Is er dan helemaal niets positiefs te melden? Toch wel. Een nieuwe traditie is geboren. En daar zijn we best blij mee. Volgend jaar eindigt de UT/Saxion-ploeg wederom als derde. Wedden?