Sandra Pool
Psychologiestudent Eva Beltman is duidelijk. ‘Mijn passie is floorball. Dat speel ik bij Messed Up. Daar ligt mijn hart. Hardlopen vind ik leuk. Ik doe het erbij en blijkbaar groei ik snel genoeg om mee te kunnen doen in het universiteitsteam.’ Voor Wouter Timmermans (technische informatica) geldt een ander verhaal. Hij loopt al van jongs af aan. ‘Mijn ouders waren allebei fanatiek. Zij hebben zich echter in de vernieling gelopen. Een consequentie van te veel lopen. Denk aan drie wedstrijden per week. Dan krijg je hardnekkige blessures. Als je blijft forceren, gaat het mis.’
De dringende boodschap van zijn ouders het hardlopen rustig op te bouwen, bleef niet ongehoord. ‘Als pupil deed ik mee aan de meerkamp waarbij alle atletiekonderdelen aan bod komen. De laatste vier jaar ben ik echt met hardlopen bezig.’ Daaronder verstaat hij per week een lange en een korte intervaltraining op de baan en eentje in het bos plus een lange duurloop van anderhalf uur en een korte van een uur. ‘Voor mijn negentienjarige leeftijd is dat veel. De meeste hardlopers bereiken gemiddeld hun piek als ze 27 jaar zijn. Ik heb nog even te gaan. Mijn doel? Meedoen met de nationale top. Dat is me als junior gelukt. Maar goed, het hangt af van de vooruitgang die ik boek en of mijn lichaam het aan kan. Voor de korte termijn wil ik weer naar zeven keer trainen per week en de vijf kilometer in vijftien minuten lopen. Nu zit ik op zeventien minuten.’
Eva heeft geen wedstrijdtijden op haar naam staan. ‘Ik heballeen de selectiewedstrijden gelopen. Ik was benieuwd of ik een plek kon krijgen in het team.’ Ze haalde de drie kilometer in vijftien minuten. Genoeg voor een reserveplaats. En hoewel de estafetterace nadert, is er van een teamgevoel nog geen sprake. Timmermans: ‘Dat komt op de dag zelf wel. In de bus en tijdens het aanmoedigen op de fiets.’ Eva: ‘We zien elkaar daarvoor te weinig. Er zijn wel gezamenlijke trainmomenten, maar niet iedereen heeft daar behoefte aan.’ Wouter: ‘Atletiek is toch een individuele sport. Maar met de Bata heb je wel steun van je team. Ik geloof zeker dat de fietser je kan opzwepen en je mentaal vooruit duwt.’
Welke etappe ze gaan doen, is nog niet bekend. ‘Het zal vast een van de langere afstanden worden om tijd in te halen als dat nodig is. Eva lacht: ‘Ik weet niet eens of ik aan de bak kom. Mocht dat niet het geval zijn, dan kan ik altijd nog met het team van damesdispuut Ster meedoen.’ Want lopen zullen ze doen. En de verwachting? ‘Een podiumplaats is realistisch.’
![]()