In memoriam prof. ir. R. van Hasselt

| Redactie

Een van de pioniers van onze universiteit, prof. ir. R. van Hasselt, is op 18 augustus jongstleden overleden. Dick van Hasselt werd geboren op 19 september 1911 en studeerde in 1935 aan de Technische Hogeschool te Delft af als werktuigkundig ingenieur. Na een loopbaan bij Philips werd hij in 1948 benoemd tot hoogleraar in Delft. Reeds daar bleek hij een open oog te hebben voor de niet-technische a

Een van de pioniers van onze universiteit, prof. ir. R. van Hasselt, is op 18 augustus jongstleden overleden.

Dick van Hasselt werd geboren op 19 september 1911 en studeerde in 1935 aan de Technische Hogeschool te Delft af als werktuigkundig ingenieur. Na een loopbaan bij Philips werd hij in 1948 benoemd tot hoogleraar in Delft. Reeds daar bleek hij een open oog te hebben voor de niet-technische aspecten van de ingenieursopleiding. Afstudeerders van hem werden gestimuleerd om keuzevakken uit de maatschappijwetenschappen (zoals economie, sociologie en arbeidsrecht) in hun studieprogramma op te nemen.

Van Hasselt kreeg de kans zijn ideeën verder vorm te geven toen de 'Stichting tot bevordering van het technisch hoger onderwijs in de noordelijke en oostelijkle provincies' in 1957 aan prof. dr. Sj. Groenman, prof. dr. F. van Heek en hem vroeg om een structuur- en studieplan te ontwerpen voor een eventueel in Oost-Nederland te stichten instelling voor hoger onderwijs. In december 1957 en februari 1959 bracht dit drietal een rapport uit. Een van hun conclusies was dat aan de te stichten instelling zowel technische als sociale wetenschappen zouden moeten worden onderwezen. Met dit standpunt stonden zij dus aan de wieg van de tweekernengedachte, die later in de Technische Hogeschool Twente werd verwezenlijkt.

Het is dan ook vanzelfsprekend dat de eerste rector magnificus van de THT in 1962 aan Van Hasselt vroeg om mee te werken aan de opzet en de organisatie van de afdeling der Werktuigbouwkunde, waarvan hij de eerste voorzitter werd. Bij de opbouw van deze afdeling heeft hij een belangrijke rol gespeeld, waarvan de sporen in de organisatie en het studieprogramma van de huidige faculteit nog steeds terug te vinden zijn.

Daarnaast speelde hij ook nationaal en internationaal een belangrijke rol; hij was onder andere lid van de Onderwijsraad, lid van de CIRP en in 1962-1963 president van deze organisatie en in de jaren zeventig de leider van een samenwerkingsproject van het ITB, de Technische Hogeschool te Bandung te Indonesië.

In het voorgaande komt slechts één aspect van zijn persoon naar voren, namelijk zijn betrokkenheid bij en zijn liefde voor het onderwijs en onderzoek in de technische wetenschappen. Minstens zo belangrijk was zijn rol als leermeester. Hij was intensief betrokken bij de ups en downs van zijn studenten, schonk hun zijn vertrouwen en riep hen tot de orde als dat nodig was. Hij prikkelde zijn afstudeerders, wees hen erop niets als vanzelfsprekend te beschouwen en geen genoegen te nemen met vage uitspraken als 'dat hebben we vroeger ook al eens geprobeerd, maar dat werkte niet'. Hij probeerde hen een kritische houding aan te leren. En als een student dan ontmoedigd raakte door kritische vragen over een ingeleverd rapport, beurde Van Hasselt hem op met: 'Het is geen kunst om zulke vragen te stellen, want ik ben begonnen te denken waar jij geëindigd bent met je werk. Dus ik denk op de door jou gelegde fundamenten.'

De Universiteit Twente, die hem voor zijn vele verdiensten eerde met de erepenning van de universiteit, heeft een van haar zeer belangrijke pioniers verloren. En zijn honderden afstudeerders betreuren het verlies van een menselijke, zeer betrokken leermeester.

Wim Bakker (emeritus hoogleraar werktuigbouwkunde, UT)

Van Hasselt ontving in 1993 de Erepenning van de UT