Harde maatregelen in de personele sfeer acht het CvB niet uitgesloten omdat de universiteit, blijkens de juni-prognose, afstevent op een negatief resultaat in 2009 van ruim 11 miljoen euro. `Dat is de helft meer dan we hadden voorzien', erkent de financiële man in het CvB, Kees van Ast. Een simpel rekensommetje leert dan dat als de UT inderdaad in die orde van grootte in het rood raakt en er vijf miljoen uit de reserves komt, de rest moet worden bijgepast vanuit de eenheden zelf. Kritisch zijn op alle uitgaven en aanbestedingen (of meer verdienen) is wat de directeuren en andere leidinggevenden binnen de UT nu al is opgelegd.
Het negatieve resultaat is de som van alle geprognosticeerde deelresultaten van de faculteiten, instituten, diensten en UT-projecten, peildatum juni. Of het ook daadwerkelijk die kant op gaat zal eind dit jaar zichtbaar worden. `Vaak blijkt het uiteindelijk mee te vallen, maar soms ook niet', aldus Van Ast.
In de dienstensector zijn de grootste negatieve bedragen (peildatum juni) te vinden bij het student- en onderwijscentrum S&O (771 duizend euro) en de concerndirectie Strategie & Communicatie (465 duizend euro). De post (niet met name genoemde) `projecten van het college van bestuur' komt bij ongewijzigd beleid uit op een score van ruim min 5 miljoen euro. Daarnaast dreigen de faculteiten meer of minder in de rode cijfers te geraken. De instituten verwachten hun begrotingen wel te kunnen realiseren.
Een factor die de exploitatie van de eenheden aanzienlijk verzwaart noemt Van Ast de hogere opslag van de sociale lasten van 4,5 miljoen euro waarmee de faculteiten en diensten te kampen hebben. `Dat is een autonome, externe ontwikkeling waar we geen invloed op uit kunnen oefenen', aldus van Ast. Ook de rente op de reserves van de faculteiten is een factor. Die is door het CvB gereduceerd tot een `marktconforme' 2% (was 4,5%), een ontwikkeling die Van Ast omschrijft als `een forse tegenvaller voor de faculteiten'. Verder staat de eerste geldstroom (bekostiging vanuit het ministerie) onder druk (de zogenaamde Plasterkmaatregel van 100 miljoen voor alle universiteiten betekent voor de UT in 2011 een korting van 9,3 mln) en loopt ook de derdegeldstroom (zoals de FES-gelden uit de aardgasbaten) flink terug, aldus het CvB-lid.
Dat de minder florissante financiële positie van de UT aan het licht komt juist nu de nieuwe huisstijl en branding een veelbesproken kostenpost is, noemt Van Ast een ongelukkige samenloop van omstandigheden. `Ik kan me voorstellen dat die koppeling al gauw wordt gemaakt. Maar bij de huisstijl gaat het om een eenmalige kostenpost. Wat er nu zit aan te komen zijn structurele tekorten, waar we direct maatregelen voor moeten treffen.'
Of de bevindingen van genoemde commisie-Berger leiden tot een formele bezuiniging annex reorganisatie van de diensten, daar wil Van Ast niet op vooruitlopen. `Ik sluit dat niet uit. Niets is onbespreekbaar.' Hij bevestigt dat de omvang van het niet-wetenschappelijk (ondersteunend) personeel tegen het licht wordt gehouden, in vergelijking met het wetenschappelijk personeel. `Wellicht dat deze ratio bijstelling behoeft. Het zal in elk geval niet gaan om een opgelegde, topdown taakstelling zoals bij de vorige reorganisatie. Het komt er veeleer op aan welke voorstellen van onderop worden aangereikt. Als de conclusie is dat bepaalde onderdelen moeten krimpen dan zullen we dat onder ogen moeten zien.' Het managementteam van de UT (CvB, decanen, wetenschappelijk directeuren) bespreekt de voorstellen van de cie-Berger op 10 en 11 december.