Ei
Ja, wij zijn best gek met het ei. Oerdegelijk, betrouwbaar en nog smakelijk ook.
Twentse informatici ontdekten onlangs ook de schoonheid van het kippenei. In deze krant berichten we over de ontwikkeling van een database voor de kwaliteitsgarantie van het stukje voedsel. Een nieuw volgsysteem registreert welke pluimveehouder de eieren levert en onder welke omstandigheden de kip het ei legt. Is dat frank en vrij in de frisse buitenlucht of opeengestapeld in een bedompte legbatterij? Belangrijk kwaliteitsweetje. Ook legt het innovatieve systeem vast wie er allemaal betrokken is bij het ei zodat het niet van koers raakt en in verkeerde handen valt. Briljant idee, zo'n volgsysteem. Veilig idee ook. Hoe dat allemaal precies gaat werken, weten de onderzoekers nog niet. Iets met een hightechstempel overwegen ze. Maar hoe high en hoe tech? Dat wordt waarschijnlijk het ei van Columbus.
67 jaar
We waren even in mineur, leden aan een soort herfstdepressie. De symptomen? Een absolute afkeer om ons warme bed te verlaten, de jas aan te trekken en op de fiets naar het werk te gaan. Een collega had net uitgerekend hoeveel dagen we nog moeten werken tot ons 67ste. Nog zesduizend, een ander zelfs zesenhalf. En toen vielen we spontaan in een zwart gat.
Tot we deze week een viertal gepensioneerde UT-hoogleraren spraken. Ze zijn ver over de 65 maar weten van geen ophouden. Ze reizen nog minstens een keer per week met hun vrijreizendag of hun roze strippenkaart naar de vakgroep om een blik in de microscoop te werpen of een promovendus een duwtje in de rug te geven. Gewoon, omdat het vakgebied nog zo boeit en het werk niet stopt bij 65. Ja, ze lezen wat langer de krant, ze hakken wel eens hout in de tuin en ze passen zo af en toe op de kleinkinderen. Maar het leven staat vooral nog in het teken van publiceren, aio's afleveren en afstudeerders naar hun bul loodsen. En dat zonder een cent te vangen.
Die zijn gek, horen we je denken. Wacht maar tot je ze hoort praten over hun vak. Voor je het weet, laat je je meeslepen. Als je luistert naar hun passie voor het onderzoek, hun liefde voor het laboratorium, dan ben je zo om. Hun bevlogenheid laat je niet los. Zelfs wij kregen spontaan weer zin om te werken. Dus stapten we gisterochtend fluitend op de fiets. En vanmorgen net zo. Voor je het weet zijn die zesduizend dagen om en zit je verplicht thuis. Laten we ervan genieten.