Drienerlo dendert door: vijfde zege op rij

| Jelle Posthuma

Elke week strijden UT’ers om de overwinning. Soms op topniveau, soms in de kelderklasse en alles daartussen. In deze ‘wedstrijd van de week’ de voetballers van VV Drienerlo.

Drienerlo boekte afgelopen zaterdag de vijfde overwinning op rij. De groenwitten waren met 8-1 te sterk voor FC Aramea uit Enschede. Nummer 10 (en tevens regiotopscorer) Jan van Dongen vertelt samen met centrale verdediger, Lukas Cino, over de wedstrijd.

Hoe is de wedstrijd verlopen?

Van Dongen: ‘In de eerdere ontmoeting met Aramea, thuis op de campus, wisten we met 9-0 te winnen. Toen ging het best gemakkelijk. We moesten afgelopen weekend vooral waken voor onderschatting. Dat lukte aardig. Hoewel onze tegenstander zaterdag goed stond qua verdediging, met vijf man achterin, kwamen wij alsnog relatief snel op voorsprong. Met rust stond het 3-1 in ons voordeel. Ook na de thee drukten we door. Uiteindelijk konden we de score uitbouwen naar een comfortabele 8-1 eindstand.’

Cino: ‘De enige tegengoal kwam bovendien voort uit een raar moment. Een voorzet van Aramea leek hoog over te vliegen, toen hun spits de bal - à la Maradonna – met de hand toucheerde. Een duidelijke handsbal. Echter, de scheids zag het niet. Door al het geschreeuw raakte hij in paniek en gaf zomaar een penalty aan Aramea. Zij maakten hands in ons strafschopgebied en wij kregen een penalty tegen… Het leverde heel wat gezeik op. De scheids zei: ik trek mijn beslissingen nooit terug en daarmee was de kous af. De penalty bracht Aramea terug naar 3-1. Gelukkig beïnvloedde het de wedstrijd niet beslissend.’

Het is de vijfde overwinning op rij na de kerst: zijn jullie op trainingskamp geweest?

Van Dongen: ‘Haha. Nee, dat niet. Drienerlo is een studententeam. Ieder jaar moeten we het met andere spelers doen. Ook de trainer Marnix Smit is nieuw dit seizoen. Tot de kerst speelden we wisselvallig en liep het allemaal wat stroef. Maar als het eenmaal gaat lopen bij ons, dan gaat het ook écht lopen. De laatste wedstrijden zie je de automatismen terugkomen: het gaat allemaal veel soepeler.’

Cino: ‘Door de winterstop beschikten we weer over alle spelers. We kampten met de nodige blessures voor de kerst. De afgelopen weken speelden we met een steady selectie. En er is nog een meevaller. Een van onze spelers, een sterke middenvelder, moet voor zijn werk regelmatig naar China. Daarom missen we hem zeker één keer per maand. Door het coronavirus bleef hij de afgelopen weken in Nederland. Het virus is natuurlijk ontzettend tragisch, maar voor ons team pakt het gunstig uit.’

Wat is jullie doelstelling voor dit seizoen?

Van Dongen: ‘We willen uiteindelijk terug naar de derde klasse. Nu speelt Drienerlo in de vierde klasse. Daar hoort ons team eigenlijk niet thuis. Ik denk dat we in de derde klasse prima kunnen meedraaien.’

Cino: ‘Drienerlo moet het hebben van het voetbal. In de derde klasse is het spelletje meer op het voetbal gericht. Het is minder fysiek en dat is gunstig voor ons. Helaas zal het kampioenschap niet meer lukken dit jaar. Daarvoor is de voorsprong van de nummer één te groot. We gaan voor de periode. Zo’n periode geeft recht op het spelen van nacompetitie. Tot nu toe liggen we goed op schema.’

Jan, jij stond afgelopen week nota bene met een interview in Tubantia als regiotopscorer. Nog wat goals kunnen bijschrijven dit weekend?

Van Dongen: ‘Klopt! Zaterdag maakte ik er weer drie. Ik stond ervan te kijken dat ze mij wilden interviewen voor de krant. Geen idee dat ze daar alle goals bijhouden. Ik sta na zaterdag op 23 doelpunten. Meestal staat een topscorer in de spits. Mijn positie is op nummer 10. Best bijzonder dat ik dit seizoen zoveel weet te scoren. Eigenlijk ben ik meer van de assists. Onze spits, de Ier John MacAuliffe, heeft er inmiddels ook al veertien goals inliggen. Hij maakte er zaterdag vier. De topscorerslijst is een leuke bijkomstigheid, maar ik wil uiteindelijk vooral mijn team helpen.’

Tot slot. Welke wedstrijd staat er op het programma?

Cino: ‘De komende twee weken zijn we vrij. Dat is prettig. Zo kunnen de speler met klachten even bijkomen. De eerstvolgende wedstrijd is tegen Winterswijk. Zij staan helemaal onderaan, dus we moeten ze kunnen hebben. Dat zeg ik met een kleine slag om de arm. In de vorige ontmoeting liep het stroef en speelden we gelijk. Laat ik het zo zeggen: als we voetballen zoals de laatste paar weken, dan moet het wel goedkomen.’