Besnijdenis

| Asha ten Broeke

Als het puur over wetenschap zou gaan, dan was het een gemakkelijke beslissing geweest. Nee, je moet een jongen niet besnijden als daar geen medische noodzaak toe is. De voorhuid is een nuttig stukje vel, dat beter gewoon op zijn plek blijft. Daar beschermt het de uiterst gevoelige eikel tegen schurende zaken als luiers en onderbroeken, en zorgt ervoor dat de man in kwestie goed kan blijven plassen en vrijen. Zonder voorhuid krijgt tot twintig procent van de mannen een dichtgeslibde plasbuis en heeft elf procent moeite met klaarkomen. Bovendien loopt besnijden soms helemaal verkeerd af. Naar schatting overlijden in de Verenigde Staten elk jaar honderd kinderen aan dit ritueel. De Nederlandse artsenfederatie KNMG raadt het zomaar-besnijden van jongetjes dan ook af.

Maar het besnijdenisdebat gaat niet alleen over wetenschap. Het gaat ook over geloof. Geloof in medische mythes, zoals dat een besnijdenis urineweginfecties bij jongens zou tegengaan (klopt, maar het verwijderen van de voorhuid levert twee keer zoveel infecties op als er voorkomen worden) en dat een HIV-infectie minder gemakkelijk wordt overgedragen door een besneden schwans (klopt waarschijnlijk niet, en zelfs als, dan is een condoom gebruiken stukken effectiever en goedkoper).

En geloof in God, die volgens de Heilige Boeken Abraham verzocht zijn voorhuid te verwijderen. Om precies te zijn zei Hij: ‘Gij zult het vlees uwer voorhuid besnijden; en dat zal tot een teken zijn van het verbond tussen Mij en tussen u.’ Vooral joden en moslims voelen zich jaarlijks zo’n 13 miljoen keer geroepen om dit gebod tot uitvoer te brengen op hun al dan niet pasgeboren zoon. Dat is uitermate belangrijk, zo legde de strenggelovige joodse advocaat en traditioneel thuisbesnijder Herman Loonstein uit in Brandpunt, afgelopen maart. Als je het een cijfer zou geven krijgt een keppeltje dragen een één, koosjer eten een zes, maar besnijdenis krijgt een tien.

En dat maakt het ingewikkeld. Want de moeite die Nederlandse artsen hebben met medisch onnodige besnijdenis staat op gespannen voet met deze fel beleden vrijheid van godsdienst. Veel Westerse lieden vinden het in al hun tolerantie ingewikkeld om van die vrijheid wat af te snoepen. Zo ontdekte ook mensenrechtenactiviste Leila Hussein, toen ze de straat op ging met een petitie vóór die andere vorm van kinderbesnijdenis: die van meisjes. In de lichtste vorm worden ze daarbij in de clitoris geprikt, in de zwaarste vorm wordt met een scherp stukje glas de clitoris weggesneden en de vagina op een piepklein gaatje voor menstruatiebloed na dichtgenaaid. De enorme verminking die dat oplevert kunt u zelf nagaan door in Google Afbeeldingen op ‘female genital mutilation’ te zoeken. Ik vergeef het u als u dat niet doet.

Terug naar Hussein. Die liep dus door de Londense straten, en vroeg mensen om een petitie te tekenen vóór vrouwenbesnijdenis, om zo ‘te helpen haar cultuur, tradities en rechten te beschermen’. Binnen een half uur had ze negentien handtekeningen verzameld. Slechts één persoon had geweigerd te tekenen.

Op zich ben ik altijd heel blij als mensen anderen hun cultuur, geloof en tradities gunnen. Ik denk dat het belangrijk is dat we onze collectieve neuzen niet teveel in zaken steken die ons niet aangaan. Maar hier zit een grens aan, en die grens bereik je ruimschoots als je met een stukje glas de geslachtsdelen van een meisje te lijf gaat. Vandaar dat vrouwenbesnijdenis in veel landen, waaronder Nederland, terecht ontzettend verboden is.

Rest de vraag waarom we die stap voor jongensbesnijdenis niet zetten. Ja, de gevolgen zijn gemiddeld genomen minder erg. Maar dat zijn groepsstatistieken, en daar heeft de individuele babypenis niets aan. Bovendien: dit zou een principepunt moeten zijn, geen wedstrijdje in schadelijkheid, schreef politicoloog Rebecca Steinfeld op theconversation.com. En het principe is hetzelfde: je grijpt drastisch en onherstelbaar in in de onderste regionen van een kind dat hierin geen keuze krijgt. Dit wel strafbaar stellen voor meisjes maar niet voor jongens riekt naar dubbele moraal. Alsof meisjes (als zwak geslacht) meer recht hebben op de bescherming der wet en de jongens dat (als stoere kerels in wording) niet nodig hebben. Ongeëmancipeerde kullebul, zegt Steinfeld, en daarom verklaart ze jongensbesnijdenis tot feministisch issue. Een prima standpunt, denk ik. Als wetenschap en geloof met elkaar in de clinch liggen, laat het recht op gelijke behandeling dan de doorslag geven.