Perfecte standscorrectie pols door 3D-techniek

| Frederike Krommendijk

Door een samenwerking met de opleiding Technische Geneeskunde print de Hengelose Orthopedische Kliniek OCON patiënt-specifieke zaag- en boormallen in eigen huis. Dit gebeurt na een 3D-analyse van de CT-beelden waardoor een standscorrectie van de pols op maat uitgevoerd wordt.

Tot voor kort werd een correctie osteotomie door de handchirurg op het blote oog gedaan: spaakbeen doorzagen en het bot in de op het oog goede stand met een plaat en schroeven fixeren. Door een 3D-analyse CT-beelden te maken wordt scheefstand en de benodigde correctie perfect in beeld gebracht. UT-alumnus Femke Schröder werkt als technisch geneeskundige bij OCON. Zij doet al het voorwerk voor deze 3D-geplande polsoperaties. De orthopedisch handchirurgen, Edwin Ooms en Anne Vochteloo, voeren de operaties uit. Een echte verbetering, volgens de chirurgen. ‘Het is een fluitje van een cent geworden doordat Femke intern bij ons is’, legt Anne Vochteloo uit. ‘We hebben de scan na twee dagen al in huis. Als je dit extern laat doen, duurt het veel langer en is het ook veel kostbaarder.’ De twee orthopedisch handchirurgen hebben op deze manier al een dertigtal patiënten geopereerd. Onder hen ook diverse patiënten die in een andere kliniek te horen hadden gekregen dat ze moesten leren leven met de pijnlijke handicap van een niet goed aan elkaar gegroeid polsgewricht. Na de operatie met de 3D-geprinte mallen functioneert de pols weer (bijna) als vanouds.

Een andere blik

OCON biedt al vijf jaar stages en wetenschapsstages aan studenten technische geneeskunde, variërend van een maand tot een jaar. Tientallen studenten liepen hier al stage en er zijn altijd wel drie TG’ers bij OCON aan de slag. ‘Het voordeel voor ons is dat zij met een andere blik kijken dan de klassieke insteek. Samen kijk je hoe je bestaande technologie nog beter implementeert of hoe je technologie nog meer kunt toepassen.’

De 3D-geprinte mallen zijn daar een goed voorbeeld van: de techniek van een 2-of 3D foto en een CT-scan bestonden natuurlijk al, maar nu deze beeldvormende technieken door Femke op elkaar worden gelegd, kan veel nauwkeuriger worden gewerkt. ‘Nu wordt het echt precies zoals het hoort. Er zijn patiënten die hiervoor al naar drie klinieken zijn geweest die het niet aandurven en wij krijgen het wel goed. Daar zijn operaties bij die ik zonder deze technologie ook niet aan had gedurfd’, geeft Vochteloo ruiterlijk toe.

Patiënt-specifiek

‘Een zorgvuldige planning is van essentieel belang’, zegt Femke. ‘Het begint met het maken van een CT-scan. Door de beelden van de scheve pols op de goede pols te leggen zie je perfect waar en hoe de scheefstand zit. Vervolgens bereken ik met een computerprogramma heel nauwkeurig op welke plaats de pols moet worden doorgezaagd en in welke stand hij moet worden gezet. De data worden ingevoerd in een 3D-printer om er een patiënt-specifieke mal voor zaagsnede (de radius osteotomie) en voor de boorgaten voor de schroeven mee te printen. Anne en Edwin plaatsen deze mallen tijdens de operatie op het bot van de patiënt en kunnen exact zien waar de zaagsnede moet komen en waar de gaten voor de schroeven moeten worden geboord. Daarna kan het bot in de juiste stand worden gefixeerd met een plaat en schroeven.  Zo wordt de pols weer in de juiste anatomische stand teruggebracht. Een operatie die met deze techniek wordt uitgevoerd verloopt efficiënter, de verwachte correctie wordt betrouwbaar behaald en de pols van de patiënt herstelt optimaal.’

Er wordt gekeken of deze technologie ook kan worden toegepast bij knieoperaties, maar dat is nog ver weg. ‘Op knieën komen heel andere krachten te staan, die moet je met wiskundige modellen berekenen om de optimale correctiehoek te krijgen. Zover zijn we nog niet.’

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gebroken pols 

In Nederland breken ruim 50.000 mensen per jaar hun pols, 17 % van alle breuken betreft een gebroken pols. Bij een polsbreuk is de radius (spaakbeen) gebroken en soms ook de ulna (ellepijp). De meeste polsbreuken worden conservatief met een aantal weken gips behandeld, maar een kleine minderheid heeft meteen een operatie nodig.

In en vlak na de gipsperiode kan de breuk toch nog verslechteren van stand en een scheefstand van het radius opleveren, in medisch jargon een malunion. Zo’n malunion geeft bij een aanzienlijk deel van de patiënten pijnklachten en een beperking in de functie, met name slechter kunnen draaien van de onderarm. Dit kan zeer invaliderend zijn. Door de radius en/ of de ulna door te zagen en de stand te corrigeren naar een goede positie kunnen deze klachten goed worden verholpen. Dit heet een correctie osteotomie.