Het nieuwe kabinet wil een verplichte stagevergoeding invoeren, schreef U-Today. Daar zijn allerlei ideeën over, zoals een percentage van het minimumloon, of een hogere vergoeding als je verder in je studie bent en daarmee ‘productiever’. Maar wat zijn eigenlijk de (leer)doelen van de stage? En zouden die ook niet relevant moeten zijn voor de vergoeding?
Onder docentbegeleiding als pabo-leerling voor de klas met kinderen staan, of voor (technische) geneeskunde met patiënten werken, is iets dat je niet zomaar leert tijdens een regulier vak, maar wel noodzakelijk is om na je studie zelfstandig te kunnen werken.
Die begeleiding kost het bedrijf of de instelling alleen maar tijd, en dus geld. Dat is ook het geval als het doel van de stage is om in een bedrijf te proeven aan allerlei bezigheden, bijvoorbeeld om te zien of je academisch of industrieel verder wil. Praktisch gezien volg je een vak, maar dan toevallig buiten de UT, en dus zou je als student geen stagevergoeding moeten ontvangen. Als student betaal je zelfs collegegeld aan de UT, dus hier zou de UT juist een stagevergoeding aan het bedrijf moeten betalen.
De leerdoelen zijn ongetwijfeld heel verschillend voor mbo, hbo en universiteit, en zeker ook studie-afhankelijk. Een snelle blik in Osiris toont een ratjetoe aan stages en leerdoelen. Bijvoorbeeld Philosophy of Science, Technology & Society wil vooral dat de student in 10EC bekend raakt met de toekomstige werksector. Betekent dat meedraaien in het bedrijf en een productieve bijdrage leveren? Dan ben je gewoon aan het werk en zou je (minstens) minimumloon moeten ontvangen. Maar dat kan je ook nog 40 45 jaar na je studie doen, en daarbij wisselen jongeren na een jaar of twee toch weer van baan, dus wat is eigenlijk het nut van deze insteek?
Veel technische masters, waarbij de stage direct gevolgd wordt door het afstuderen, noemen het ‘toepassen van de opgedane kennis en vaardigheden in een praktische omgeving’, en ‘om competenties op te doen die benodigd zijn voor het werken in een professionele omgeving’.
Klinkt goed, maar voor het eerste punt zijn er practica en projecten, en voor het tweede punt staat nergens wat die competenties zijn en wie dat de student dan moet leren. Wat is de meerwaarde hiervan tijdens je studie in plaats van gewoon tijdens je ‘echte’ baan, een klein jaartje later? Zou het niet beter zijn de stage, waar deze geen duidelijk doel dient, te vervangen door meer inhoudelijke vakken? Na je studie is er immers vrijwel nooit meer tijd om nieuwe fundamentele kennis op te doen, en het helpt meteen om de wiskundekloof te dichten.
Kortom, laten we eerst per studie in kaart brengen wat concreet de leerdoelen zijn, en of die wel op een zinvolle manier ingevuld worden. Pas dan kunnen we het over een eventuele verplichte stagevergoeding hebben.