Met zelfrijdende kart de baan op

| Jari Dokter

Een studententeam van de Universiteit Twente strijdt op dinsdag 16 juni in Lelystad om de winst in de RDW Self Driving Challenge. Zelfrijdende karts racen dan tegen elkaar om de snelste rondetijd neer te zetten. ‘Deze wedstrijd wil ik heel graag winnen.’

Ho Tak Fong, masterstudent Electrical Engineering.

In Flevoland ligt voor deze editie een gloednieuw, op maat gemaakt parcours klaar van 312 meter lang. De zeven UT-studenten moeten hun voertuig zo programmeren dat het geheel zelfstandig het volledige traject aflegt. De snelste tijd én de minste fouten bepalen de winnaar.

‘Maar zo simpel is het niet,’ zegt Ho Tak Fong, masterstudent Electrical Engineering. ‘Onderweg krijgen we te maken met allerlei obstakels. Denk aan opblaasbare auto’s, oversteekplaatsen en de weersomstandigheden. Daarnaast moet de kart uit zichzelf binnen de lijnen blijven, stoppen voor stoplichten en verkeersborden herkennen.’

Technologie als zintuig

De kart moet dus compleet zelfdenkend en autonoom functioneren. Om dat zo slim mogelijk te doen, past het team kunstmatige intelligentie toe. ‘De kart beschikt over verschillende sensoren die samen de omgeving in kaart brengen’, zegt Fong. ‘Camera’s herkennen verkeersborden en passen in combinatie met andere sensoren de snelheid daarop aan. Daarnaast beschikt de kart over een LiDAR-sensor: dat zijn als het ware de ogen van het voertuig die diepte zien. Samen met de camera’s is dit de belangrijkste technologie voor het voorkomen van botsingen en het navigeren op de baan.’

Om alles werkend te krijgen, is het team in deze fase druk bezig met het verzamelen en verwerken van data. Elke donderdag reizen studententeams uit heel het land naar het testcentrum om tests uit te voeren op het parcours. ‘Daar zien we wat de camera waarneemt’, legt Fong uit. ‘Ook ontwikkelen we codes die nodig zijn om bijvoorbeeld de stoplichten en verkeersborden te herkennen. Ik haal bijvoorbeeld de data op voor wegdetectie en verwerk deze.’

Fong was deze week voor het eerst naar Flevoland om metingen te doen. Voorlopig wordt de kart, die een topsnelheid van tachtig km per uur kan halen, nog bestuurd met een gamecontroller.

Tijdens de finale moet het voertuig volledig zelfstandig rijden. Om daar te komen, zijn er nog heel wat metingen nodig. Het UT-team, bestaande uit vier master- en drie bachelorstudenten, testen data op een automodel die in hun lab staat op de universiteit. ‘Met algoritmes, laptop en afstandsbediening.’ Niet alle gegevens zijn op te halen. ‘We verkennen het parcours, maar weten de route pas op de dag zelf.’

Toekijken en hopen

Tijdens de finaledag komt alles samen. Het team kan dan niets anders doen dan toekijken vanaf de zijlijn en hopen dat alle systemen werken.

Voor Fong is dat spannend, maar vooral bijzonder. ‘Ik vind het vet en uniek als die kart in juni vanzelf over de weg rijdt, snelheid aanpast en stopt waar hij moet stoppen. Dit is een heel ander kaliber dan de autootjes die ik vroeger zelf in elkaar knutselde’, zegt hij.

Hij merkt dat de competitie leeft binnen het team. ‘Ik moet toegeven dat ik erg graag wil winnen. Ook de professoren leven mee. Voor ons is het bovendien een test om alles wat we tot nu toe hebben geleerd in de praktijk toe te passen.’

 

 

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.