Steeds minder grootverdieners in het hoger onderwijs

Het aantal grootverdieners in het hoger onderwijs is de afgelopen jaren sterk afgenomen. In 2016 ontvingen 112 hoogleraren, decanen en directeuren een topinkomen, in 2024 waren dat er nog maar 39.

Photo by: FOKKE EENHOORN; Fokke Eenhoorn
Foto ter illustratie. Hoogleraren van de UT volgen de pedellen in het cortège van 2023

Sinds de invoering van de Wet normering topinkomens in 2013 mogen (semi)publieke instellingen, waaronder hogescholen en universiteiten, geen exorbitante salarissen meer betalen aan hun college van bestuur. Het maximum inkomen wordt jaarlijks bepaald. In 2024 was de grens 233 duizend euro.

Andere medewerkers, zoals hoogleraren, mogen wél meer verdienen dan dit drempelbedrag. Maar de onderwijsinstelling is dan verplicht hun salaris openbaar te maken, zonder daarbij namen te noemen.

Teruggelopen

Uit een analyse van de cijfers van DUO blijkt dat het aantal grootverdieners in het hoger onderwijs de afgelopen jaren fors is teruggelopen. Volgens de oudst beschikbare cijfers waren er in 2016 nog 112 niet-bestuurders met een salaris boven de norm. In 2020 waren dit er 64 en vier jaar later 39.

© HOP. Bron: DUO. Data over 2021 en 2022 ontbreken.

De topsalarissen zijn vooral te vinden bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Volgens een woordvoerder houdt de universiteit zich gewoon aan de cao, maar komen er soms dingen bovenop het salaris, zoals bijvoorbeeld een ‘arbeidsmarkttoeslag’ en ‘compensatie’ voor het pensioen. Ook krijgen sommige medewerkers vrije dagen uitbetaald die ze niet opnemen.

Maar ook bij de Erasmus Universiteit zijn het er minder geworden. In 2016 hadden daar 27 hoogleraren en decanen een topsalaris; in 2024 is dat aantal meer dan gehalveerd.

Bij de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen is nog één grootverdiener over. Het gaat om een directeur van een van de wetenschappelijke instituten, die in 2024 ruim 250 duizend euro verdiende.

Hoogste salaris

Het hoogste salaris ging naar een hoogleraar in Tilburg. Deze streek ruim 340 duizend euro op, onder andere vanwege zijn of haar ‘bijzondere bijdrage aan de wetenschap’, staat in een toelichting.

Vanaf 2016 daalt het aantal grootverdieners met gemiddeld tien mensen per jaar. Als die trend doorzet, zijn er rond 2027 geen hoogleraren, decanen of directeuren meer die een hoger loon hebben dan de minister.

Waarom deze daling plaatsvindt, is niet helemaal duidelijk: deze medewerkers mogen immers meer verdienen en dat gebeurde vroeger volop. Nu de salarissen van bestuurders zijn afgetopt, lijkt er sprake van een cultuuromslag, waarbij oudere hoogleraren met een topsalaris na hun pensioen worden opgevolgd door, zoals onderwijsvakbond AOb het noemt, ‘mensen met een normalere beloning’.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.