Thermostaat omlaag: dikke truien, ijsvingers en elektrische kachels

| Jelle Posthuma

Hoewel zon en zomerse temperaturen het weerbericht van deze week domineren, blijkt het terugdraaien van de thermostaatknop op de UT een belangrijk gesprek aan de koffietafel. ‘Als de temperatuur twee graden naar beneden gaat, werk ik voortaan thuis.’

Wie naar buiten kijkt, moet constateren dat het heerlijk lenteweer is. ‘Maar Nederland kennende wordt het binnenkort vast weer kouder’, zegt Karin Kaalverink. Ze werkt bij het secretariaat van Student Affairs Coaching & Counselling in de Vrijhof. ‘Ik ben een echte koukleum. In het verleden kreeg ik er zelfs zere spieren en botten van. Alles boven de 21 graden vind ik prettig. Mijn collega aan de balie behoort juist meer tot de warmbloedige mensen. Als ik naar het toilet ga, staat er soms opeens een raam open als ik terugkom. Toch lukt het ons meestal wel om een gulden middenweg te vinden.’ 

Vorige week maakte de UT bekend dat de thermostaat voortaan twee graden lager wordt gezet. De argumenten: minder afhankelijkheid van gas uit Rusland en beter voor het milieu. Kaalverink heeft er begrip voor, maar blij is ze er niet mee. ‘Ik hoor zelfs van collega’s dat ze elektrische kacheltjes willen meenemen. Dan win je er weinig mee. Als de thermostaat twee graden naar beneden gaat, werk ik liever thuis. Ik ga niet met een jas en handschoenen op kantoor zitten. Dat kan de UT als werkgever ook niet eisen, lijkt me.’

Grote verschillen en luchtvochtigheid

Lang niet iedereen zit te koukleumen op de campus. ‘Wacht, ik neem je mee naar de thermostaat in ons kantoor.’ Hanneke Becht, informatiespecialist bij LISA en docent academische vaardigheden bij TNW, tilt haar laptop op. Via de webcam is te zien hoe de thermostaat 22 graden aangeeft. ‘En dat terwijl het raam openstaat. Ik probeer wel te ‘minnen’, maar dat lijkt weinig uit te maken. Het is in Carré echt heel warm, ook als het buiten koud is. Twee graden naar beneden zou voor mij precies goed zijn. Ik heb dat een tijdje geleden ook al geopperd.’

Volgens Becht zijn er grote verschillen tussen de gebouwen. ‘Ik zat vroeger in de Horst, helemaal aan het einde van de warmwatercirculatie van het gebouw. Pas in de middag was het op temperatuur. Ook de luchtvochtigheid zorgt voor grote verschillen. Bij colleges is de lucht door ventilatie heel droog. Als docent heb ik het warm door de hitte van het scherm, terwijl mijn studenten met hun jas aan in de collegezaal zitten. Zelfs binnen een zaal zijn er dus grote verschillen.’

Collega Eline komt binnenlopen en mengt zich in het gesprek. Haar kantoor zit aan de andere kant van Carré. ‘Daar is het vooral in de ochtend koud. Het duurt even voordat het gebouw is opgewarmd. Wat ik dacht toen ik het nieuws over de thermostaat hoorde? Dat wordt een extra vestje meenemen. Ik ben vooral bang voor ijsvingers door het stilzitten en typen. Toch snap ik de achterliggende gedachte van de maatregel.’ Becht knikt. ‘Het blijft afwachten of het iets uitmaakt, maar het gebaar is leuk.’

Goede voorbeeld 

Daar is Simon Engelberts, informatiemanager bij de faculteit ITC, het mee eens. ‘Ik vind het bewonderenswaardig van de UT. Het gaat volgens mij om bewustwording. Als je alleen een oproep doet aan individuen, zal er weinig veranderen. De universiteit moet het goede voorbeeld geven. Zo zet je mensen aan het denken. Ik probeer er ook rekening mee te houden. De lamp hoeft bijvoorbeeld lang niet altijd aan in de ochtend en dat geldt net zo goed voor de kachel.’ De informatiemanager heeft het dan ook niet snel koud. ‘Eerder te warm, en daar is veel minder aan te doen op kantoor. Als het te koud is, doe ik een extra trui aan. Dat is ook prima.’

Ventilatie

Misschien is het een man-vrouwkwestie, meent Yvonne Leusink, contentmanager bij de dienst LISA. ‘Dat schijnt nogal te schelen.’ Ook haar voorkeur gaat uit naar een hogere temperatuur. ‘Ons kantoor in de Vrijhof is al koud. Vanwege de coronaventilatie-eisen staat er bij ons meestal een raam open, omdat de systemen in de Vrijhof niet op orde zijn. Soms waaien de papieren van het bureau. Het voelt tegenstrijdig, want dit helpt niet bepaald om het gasverbruik tegen te gaan.’

Op twee graden temperatuurverlaging zit Leusink dan ook niet te wachten. ‘Ik hoorde collega’s zeggen: dan werk ik voortaan vanuit huis! Bij ons werk zitten we achter een bureau, dan koel je sneller af. Twee graden kouder is gewoon onaangenaam.’ Tegelijkertijd snapt de LISA-medewerker de actie van de UT. ‘Het is volkomen logisch. We doen thuis de kachel ook een graad lager. Op kantoor is het misschien even vervelend. Maar eigenlijk hebben we geen recht om te klagen, als je ziet wat er in Oekraïne gebeurt.’