UT lijdt verlies op Hogekampverbouwing

| Rense Kuipers

De UT lijdt verlies op de verbouwing van de Hogekamp. De oorspronkelijke businesscase blijkt niet haalbaar. Vooral de onderhoudskosten en afschrijvingen vallen hoger uit. Het CvB neemt daarom financiële maatregelen. Het bedrag dat daarmee gemoeid is, is nog niet bekend.

Bij de verbouwing van de Hogekamp, enkele jaren geleden, nam de UT een gedeelte van het financiële risico voor haar eigen rekening. Dat gebeurde via een langetermijnlening aan De Hogekamp BV, die de UT over de jaren heen terugkrijgt. De Hogekamp BV verhuurt namelijk haar deel van het gebouw aan het U Parkhotel. Voor het andere deel van het gebouw liggen de financiële risico’s niet bij de UT, maar bij Camelot, dat zo’n vijfhonderd studentenappartementen verhuurt.

Niet realistisch

In de initiële businesscase verwachtte de UT quitte te spelen. Dat uitgangspunt blijkt nu niet realistisch te zijn. ‘De onderhoudskosten zijn niet goed ingeschat. Hetzelfde geldt voor de afschrijvingen’, legt UT-vicevoorzitter Mirjam Bult uit. Hoe hoog de extra kosten voor de UT exact zijn, is volgens haar op dit moment nog onduidelijk. Al verzekert Bult dat de kosten geen financiële problemen opleveren voor de UT.

Herfinanciering gebaseerd op een realistischer businesscase biedt volgens Bult de oplossing. ‘De maatregelen die we nu nemen leiden ertoe dat de waarde van het gebouw lager wordt. En de lening aan De Hogekamp BV wordt voor een deel omgezet in agio (een soort bijbetaling, red.).’

Bult benadrukt dat het conferentiehotel hun eigen businesscase prima op orde heeft. ‘Het U Parkhotel is sinds jaar en dag een deelneming van de UT en heeft geen winstoogmerk. Dat gaat vooralsnog prima. Wat we nu wel gaan doen is een reëlere huur vragen. De huur die gevraagd werd via De Hogekamp BV was namelijk te hoog in vergelijking met andere huurprijzen.’

CvB staat achter beslissing

Had het college van bestuur met de kennis van nu hetzelfde besluit genomen toentertijd? ‘Als CvB kunnen we daar volmondig ja op antwoorden’, zegt Bult. ‘We konden het gebouw niet inzetten voor onderwijs of onderzoek, daar was de locatie niet naar. Hadden we gekozen het gebouw te slopen, dan zou dat zo’n zeven tot tien miljoen euro kostten. En dan had je alleen nog maar een braakliggend terrein gehad. Daarom keken we naar partijen die iets konden toevoegen aan de universiteit, terwijl we zelf zo min mogelijk financiële risico’s wilden lopen.’

‘De afwaardering van het gebouw kost geld, maar dat bedrag is sowieso lager dan de kosten die met sloop gemoeid waren geweest’, vervolgt Bult. ‘Dus we staan nog steeds honderd procent achter deze beslissing en hadden deze ook genomen met de kennis van nu. De waarde van het U Parkhotel op onze campus is namelijk niet alleen in geld uit te drukken. Ook voor onderwijs en onderzoek is het belangrijk om zulke faciliteiten te hebben. Het is mooi om te zien dat er volop gebruik wordt gemaakt van het U Parkhotel.’